Prijsexplosie ruwe olie weerspiegelt angst

De onrust in 's werelds negende olieproducent Nigeria stuwt de olieprijs naar nieuwe hoogtes en brengt nieuwe zorgen voor energieconcern Shell. ,,Dit is de perfecte storm.''

Daar gaan we weer. Dat zal de verzuchting zijn geweest op de handelsvloeren vanmorgen. De olieprijs sloeg wéér een nieuw record omdat er wéér een probleem dreigt met de olietoevoer. ,,Het lijkt wel alsof alle calamiteiten die kunnen gebeuren ook plaatsvinden'', stelt energiedeskundige Coby van der Linde van het Instituut Clingendael.

De onrust in het Afrikaanse land zorgde er vanmorgen voor dat de prijs van zowel Brent uit de Noordzee als het Amerikaanse West-Texas Intermediate naar nieuwe hoogtes steeg. De prijs was de afgelopen maanden al flink gestegen door een reeks aan ontwikkelingen die de vrees voor een tekort steeds verder deed oplopen. En deskundigen verwachten dat er nog geen eind is gekomen aan de stijging. ,,Dit is de perfecte storm. Dit zijn de perfecte ingrediënten voor een echte explosie van de olieprijs. Er zit geen speling in het systeem'', zo zei een Japanse oliestrateeg bij het handelshuis Mitsubishi tegen het Britse persbureau Reuters.

De nieuwe recordhoogtes worden bereikt zonder dat er ook maar een vat olie minder uit Nigeria werd geëxporteerd. De prijsstijging weerspiegelt vooral angst, of zoals Van der Linde het omschrijft: ,,De prijs stijgt op de volgende calamiteit, niet op die van het moment''. En hij stijgt fors. De WTI-olie reikte vanmorgen even tot 50,47 dollar per vat (159 liter) om vervolgens iets terug te zakken tot 50,10 dollar, nog altijd 46 dollarcent hoger dan gisteren. Sommige analisten zeiden vanmorgen dat een verdere stijging waarschijnlijk is, nu de belangrijke psychologische grens van 50 dollar is gepasseerd. Sommigen zeggen zelfs dat een prijs van 60 dollar binnen bereik komt. Brent kostte vanmorgen in Londen even 46,80 dollar per vat en zakte vervolgens naar 45,50 dollar, 57 cent duurder dan de slotprijs van gisteren.

De records zijn overigens geen records meer als de prijzen worden aangepast voor inflatie. Dan staat de olieprijs nog zo'n 30 dollar lager dan het niveau dat werd bereikt in 1981, na de islamitische revolutie in olieproducent Iran.

De onrust in Nigeria en de mogelijke verstoring van de export is een nieuwe klap voor de Koninklijke/Shell Groep, die in het Afrikaanse land prominent aanwezig is.

Het Nederlands-Britse energieconcern heeft een zware periode achter de rug. Het jaar 2004 begon met de afboeking van 23 procent van de `bewezen' olie- en gasreserves omdat deze niet bleken te voldoen aan de eisen van de Amerikaanse beursautoriteit SEC. Vervolgens werden er drie topmanagers ontslagen, kreeg het bedrijf een forse boete van de SEC en zijn Britse tegenhanger FSA, kan het uitkijken naar diverse rechtszaken die worden aangespannen door ontevreden aandeelhouders en volgen er mogelijk nog acties van de Amerikaanse Justitie tegen (oud) bestuurders.

Vooralsnog echter vloeien olie en gas ononderbroken, en een Shell-woordvoerder zei vanmorgen niet kunnen bevestigen dat er 30.000 tot 40.000 vaten uit de running zijn, iets dat – gebaseerd op anonieme bronnen – door het persbureau Reuters wordt gezegd.

Shell – dat vorige week bekendmaakte meer te zullen investeren in de zoektocht naar olie en gas – haalde in 2004 314.000 vaten olie per dag uit Nigeria. Shell operereert in Nigeria via de SPDC, een joint venture waarin de Nigeriaanse staat een meederheid heeft. De SPDC pompt dagelijks ruim een miljoen vaten olie op, ongeveer de helft van de totale olieproductie in Nigeria, die nu op zo'n 2,25 miljoen vaten per dag staat. Daarmee is Nigeria de vijfde producent van het oliekartel OPEC, dat bijna 30 miljoen vaten olie per dag pompt.

De dreigende crisis rond Nigeria is de jongste ontwikkeling die de oliemarkt in beroering brengt. Al maandenlang is deze markt in staat van paniek. De angst is ontstaan doordat de vraag naar olie veel harder stijgt dan verwacht waardoor vraag en aanbod zeer dichtbij elkaar zijn komen te liggen. De grote vraag komt vooral van landen in ontwikkeling als China en India waar het energieverbruik hard stijgt, in China vooral vanwege de petrochemische industrie.

Daarbij komt dat de vrees voor een onderbreking van de toevoer groot is door de spanningen en aanslagen in Irak en Saoedi-Arabië, 's werelds grootste producent en het land dat de grootste reserves heeft.

Tel daarbij op de problemen in Venezuela, ook een belangrijke olieproducent binnen de OPEC, en het tekort aan investeringen in de afgelopen jaren waardoor het aanbod voorlopig niet snel stijgt plus het gebrek aan raffinagecapaciteit wereldwijd, en de reden voor de prijsstijging is duidelijk.