Eens per zes weken op gezinsbezoek

De driejarige Savanna, die dood werd aangetroffen in een kofferbak, stond onder toezicht van een gezinsvoogd. Een gezinsvoogd heeft de verantwoordelijkheid voor zo'n vijfentwintig kinderen.

Lina Burger schenkt koffie in voor gezinsvoogd Jan van den Boogerd (55). Ze serveert een koekje. Dan gaat ze tegenover hem zitten aan de tafel met dik geweven tafelkleed. Het gaat goed met de kinderen, zegt ze. Met haar zoon van zeventien heeft ze deze week wel onenigheid gehad over zak- en kleedgeld. ,,En dat is nog steeds niet helemaal opgelost'', zegt ze, ,,maar verder gaat het best.''

Jarenlang was dat wel anders. Het gezin van Lina en haar man, met zes kinderen waarvan haar zoon van zeventien de jongste is, stond bij jeugdbescherming bekend als `multi-problemgezin'. Van den Boogerd: ,,Er waren opvoedingsproblemen, financiële problemen, er was sprake van incest, moeder heeft een borderlinestoornis, ze dronk te veel, ze had de dood van een zevende kind niet goed verwerkt, de kinderen werden verwaarloosd. Moet ik nog verder gaan?'' Hij is al zeventien jaar bij het gezin betrokken.

Als gezinsvoogd deelt hij het gezag met de ouders. Alle vijf kinderen stonden onder toezicht, maar woonden meestal wel thuis. Hij bezocht het gezin gemiddeld eens in de zes weken. Veel vaker zou niet mogelijk zijn – crisissituaties uitgezonderd – omdat een gezinsvoogd bij een fulltime baan de verantwoordelijkheid heeft over twintig tot vijfentwintig kinderen. Als de bezuinigingen op de jeugdbescherming die het kabinet heeft aangekondigd doorgaan, betekent dat nog meer gezinnen per gezinsvoogd.

Savanna, het meisje uit Alphen aan den Rijn, dat vorige week dood in de kofferbak van een auto werd aangetroffen, stond ook onder toezicht. Een gezinsvoogd bezocht het gezin. Savanna was in 2002 uit huis geplaatst, maar Bureau Jeugdzorg Noord-Holland vond terugplaatsing verantwoord. Eric Lemstra, directeur Bureau Jeugdzorg Noord-Holland, zei eind vorige week op een persconferentie dat hij dat geen fout vindt. ,,Als je ieder risico wilt uitsluiten, moet je heel veel kinderen uit huis plaatsen. Wij hebben de zorg over 1.600 kinderen, bijna de helft woont al niet meer thuis.'' De bij het gezin betrokken hulpverleners vonden juist dat het de laatste tijd beter ging.

Jan van den Boogerd kan niets over Savanna zeggen. Hij werkt bij Bureau Jeugdzorg Zuid-Holland. Hij zegt wel dat hij de werkdruk van gezinsvoogden onverantwoord hoog vindt. ,,Het zijn allemaal gezinnen die heel intensieve hulp nodig hebben. Nu zijn we vaak bezig met brandjes blussen.'' Hij is veel tijd kwijt aan papierwerk en vergaderen. Dat bleek ook uit een onderzoek van het ministerie van Justitie en KPMG in 2001. Gezinsvoogden bleken krap eenvijfde van hun tijd te besteden aan contacten met kinderen en hun ouders.

,,Dat kan natuurlijk echt niet'', zegt Bart Groeneweg, algemeen directeur van Bureau Jeugdzorg Haaglanden/Zuidholland. Zijn afdeling in Gouda doet daarom sinds eind 2002 als proef mee aan het Deltaplan. Dat betekent een caseload, in jeugdbeschermingsjargon, van maximaal vijftien kinderen per gezinsvoogd en terugdringen van onnodige bureaucratie. Het is de bedoeling dat de gezinsvoogden vijftig procent van hun tijd aan de gezinnen besteden. Jan van den Boogerd doet mee aan het Deltaplan. ,,Een verademing'', al merkt hij nog niet dat de bureaucratie minder wordt.

Ook de manier van werken is aangepast: de gezinsvoogd komt niet vertellen hoe het moet, maar maakt samen met het gezin een plan van aanpak met concrete doelen. Van den Boogerd: ,,Dus niet: `de sfeer moet verbeteren' maar `de kinderen worden niet meer geslagen, moeder gaat in therapie en de kinderen gaan naar school'. De ouders moeten erachter staan, het moet hún plan zijn. Maar ik controleer. Als ze niet meewerken heb ik uithuisplaatsing achter de hand. Zo'n plan werkt natuurlijk alleen als je regelmatig langsgaat. Als je na zes weken weer eens komt kijken, is er al weer zóveel gebeurd.'' Lina: ,,Hij is wel streng hoor. Gotsiedorie.''

Het ministerie van Justitie betaalt mee aan vier pilots van het Deltaplan bij verschillende Bureaus Jeugdzorg. Directeur Groeneweg: ,,Dat is dus het bizarre.Justitie vond een extra investering noodzakelijk en nu worden we komend jaar weer flink gekort.''

Gezinsvoogd Kirsten Maliepaard (30) van Bureau Jeugdzorg Haaglanden werkt in Den Haag. Zij is nog een gezinsvoogd-oude-stijl, met een traditionele caseload. ,,Je doet het hoognodige. Als zich ergens een ramp voltrekt, ga je erop af. Je zou ook zo graag eens langsgaan als er geen crisis is. Een keer meegaan naar de therapie of met de kinderen naar de speeltuin.'' Ze geeft het voorbeeld van het meisje dat in een pleeggezin woont, omdat haar moeder een psychiatrische stoornis heeft. ,,Zij kan haar moeder alleen onder begeleiding zien. Ik maak er dan altijd een gezellige middag van, maar ik heb daar echt niet elke maand de tijd voor. Terwijl je het zo'n meisje wel gunt dat ze maandelijks haar moeder ziet.''

De gezinnen waar Maliepaard als gezinsvoogd binnenkomt, hebben allemaal al een lang traject van mislukte hulpverlening achter de rug. Ze staan daardoor vijandig tegenover hulpverleners, zeker tegenover een gezinsvoogd die een deel van het gezag heeft, zegt Kirsten Maliepaard. ,,Ze zijn bang dat ik hun kinderen van ze kom afpakken. Ze hebben geen enkel vertrouwen in mij.''

Kirsten Maliepaard heeft soms het idee dat beleidsmakers niet echt weten om wat voor een gezinnen het gaat. Ze vertelt over een gezin waar ze nauw bij betrokken is. Vader is in het verleden veroordeeld voor seksueel misbruik, moeder was in het verleden slachtoffer. De zoon van zeventien is net veroordeeld voor verkrachting van een meisje van twaalf. Twee van de drie dochters van tien, veertien en zestien jaar zijn slachtoffer van een huisvriend. Kirsten Maliepaard: ,,Daar stap je dan binnen. De ouders hebben geen idee wat `normaal' gedrag is op het gebied van seksualiteit. Dat kunnen ze hun kinderen dus ook niet leren. Als ik tegen de moeder zeg: práát er eens over met je dochters, het is jou ook overkomen, jij weet wat ze nu nodig hebben. Dan zegt ze: `O, moet ik ze zeker naar een pornofilm laten kijken'.''

Beiden gezinsvoogden vinden het het moeilijkst als ze kinderen tóch uit huis moeten halen. De vijf kinderen van Lina overkwam dat twee keer. Lina: ,,Dat is niet leuk hoor. Dan dacht ik: blijf maar weg.''

Jan van den Boogerd grinnikt: ,,Toen kreeg ik geen koffie.'' Later vertelt hij dat ze soms naar kantoor kwam met een touw om haar nek en dreigde uit het raam te springen als ze haar kinderen niet terugkreeg.

Ik zie een uithuisplaatsing niet als het eind, zegt Van den Boogerd. ,,Vanaf dat moment werk je keihard om de kinderen terug te krijgen. Als het thuis redelijk gaat, is dat toch de beste plek voor de kinderen. Dus je probeert de ouders te helpen zodat ze het weer zelf kunnen.''

Lina: ,,Ik maak wel gebruik van de gezinsvoogd, daar zijn ze voor.

Van den Boogerd: ,,Ik ben alleen regisseur. Jullie hebben zelf het werk gedaan.''

Jan van den Boogerd houdt het werk al vijfentwintig jaar vol en vindt het nog steeds leuk. Ook Kirsten Maliepaard zegt: ,,Ik sta steeds weer versteld van de enorme veerkracht en levenslust van de kinderen. Zelfs in de meest rottige situatie. Ze hebben geen idee wat ze missen.''

Van den Boogerd: ,,De successen maken het de moeite waard. Uiteindelijk lukt het vaak om een gezin weer op de rails te krijgen. Niet dat het allemaal happy families worden, maar wel acceptabel.''

De naam Lina Burger is gefingeerd.

    • Sheila Kamerman