Mobiliteit moet de kerntaak van Shell zijn

De aankondiging van miljardeninvesteringen in exploratie door Shell zijn een heel triest voorbeeld van het `zich voorbereiden op de vorige oorlog', dat tot nog toe alleen aan gerneraals werd verweten. De planners van Shell zijn blijkbaar nooit of te lang geleden op een bijscholing op MBA-niveau geweest. De inleidende case studies in zo'n opleiding draaien altijd om de vraag `what business are we in?' Mijn antwoord op die vraag voor Shell is: mobiliteit en niet aardolie. Als vliegtuigbouwer zou ik graag zien dat de fossiele brandstoffen worden gereserveerd voor toepassingen die niet op korte termijn op waterstof of kernenergie kunnen worden overgeschakeld.

Exploratie om er zo lang mogelijk (liefst op onafzienbare termijn) brandstof voor speciale doeleinden mee te vinden is noodzakelijk. Als het doel alleen maar meer van hetzelfde is wordt de exploratie zoiets als flogging a dead horse.

Shell zou een groot deel van beschikbare investeringsmiddelen moeten besteden aan alternatieve bronnen van voortstuwingsenergie om ten eerste mobilitiet winstgevend te blijven ondersteunen en ten tweede de nevenproducten van nieuwe procédés te leren kennen. Tuinbouw in de schaduw van zonnepanelen op de randen van woestijnen is maar één van de voorbeelden.