Antillen willen niet meer alleen (Gerectificeerd)

Met de huidige structuur van de Nederlandse Antillen kunnen de grote problemen van de eilanden niet worden opgelost. De band met Nederland moet veel sterker worden, zo stelt de werkgroep-Jessurun.

Terwijl in Nederland steeds vaker stemmen opgaan om de Nederlandse Antillen aan hun lot over te laten, is de stemming zo'n 10.000 kilometer verderop tegenovergesteld. De banden met Nederland zijn juist nodig voor de borging van rechtszekerheid en minimale garanties voor welvaart. Niet Nederland is daar de grote vijand, maar de centrale landsregering op Curaçao. Dat constateert de werkgroep die onder leiding van de Antilliaanse oud-gouverneur E. `Papy' Jessurun een blauwdruk heeft opgesteld voor de staatkundige toekomst van de Nederlandse Antillen.

,,De realiteit gebiedt tot een definitieve ontmanteling van de Antillen van vijf', schrijft de werkgroep in haar rapport, waarvoor men een aantal consultatierondes heeft gehouden op de individuele eilanden. Curaçao en Sint-Maarten krijgen daarom de status van land. Bonaire, Sint Eustatius en Saba krijgen een directe band met Nederland. Daarvoor is wel een wijziging van de Grondwet nodig, want de drie eilanden worden geen Nederlandse provincie of gemeente. In hoofdstuk 7 van de Grondwet zal dan ook het Koninkrijkseiland als openbaar lichaam moeten geïntroduceerd worden.

Het voorstel van de werkgroep is niet nieuw. Voormalig minister-president Lubbers stelde begin jaren negentig al voor om Saba, Sint Eustatius en Bonaire de positie van Koninkrijkseiland te geven, waar de belangrijkste overheidstaken door Nederland moesten worden waargenomen. De werkgroep lanceert dit voorstel nu opnieuw, maar in tegenstelling tot de periode waarin Lubbers met zijn voorstel kwam, bestaat daar nu op de Antillen zelf overeenstemming over. Bovendien staan de eilanden er nu economisch en sociaal zo beroerd voor dat het falen van het Landsbestuur steeds scherper aan het licht is gekomen.

Die Antilliaanse eendrachtigheid is overigens noodzakelijk, want opheffing van het Landsbestuur vergt wijziging van het Statuut, omdat schrappen van de term `Landsbestuur van de Nederlandse Antillen' noodzakelijk is. Daarvoor is instemming van alle betrokken partners (Nederland, Aruba en de Nederlandse Antillen) noodzakelijk.

Aruba maakte zich in 1996 al los van het Antilliaanse staatsverband, uitgekeken op decennia van `overheersing' vanuit Curaçao. Maar ook op Aruba gingen er toen geen stemmen op om zich los te maken van het Koninkrijksverband. Sint-Maarten volgde dat Arubaanse model in 2000 toen een meerderheid van de bevolking zich per referendum uitsprak voor een status aparte, maar wel binnen het Koninkrijk. Dat alle Antillianen zich in 1993 per referendum uitspraken voor behoud van de Antillen van vijf, was dat vooral omdat elk beter alternatief ontbrak, zo stelt de werkgroep. ,,Het staatsverband van de Nederlandse Antillen kon daardoor blijven voortbestaan in een voortdurende staat van ontbinding.'

De centrale overheid in Willemstad slaagde er de afgelopen jaren niet in om het hoofd te bieden aan drugscriminaliteit, bestuurlijke corruptie en pijnlijke armoede. Het landsbestuur op Curaçao raakte in verder diskrediet door het sterk `insulaire' karakter van het Antilliaanse kiesstelsel. Er zijn geen `eilandoverstijgende' politieke partijen, alleen lokale, op het eigen eiland gerichte partijen. De landelijke regering wordt gedomineerd door de partijen van het grootste eiland, Curaçao. ,,Dat wekt al gauw de indruk dat het gaat om het belang van het grootste eiland, en niet om het belang van de andere eilanden en het Land als geheel', aldus de werkgroep. ,,Alle eilanden voelen de landsregering zodoende meer als last dan als lust.'

In de visie van de werkgroep blijft er nog wel iets over van gezamenlijke samenwerking, zoals justitie, het monetaire beleid, de sociale verzekeringsbank, het pensioenfonds en onderwijs. Maar dat betreft samenwerking op vrijwillige basis, terwijl nieuwe taken onder het Koninkrijk moeten vallen. Als die samenwerking eenmaal tot stand is gebracht, zo luidt het voorstel van de werkgroep, kan die niet meer vrijblijvend zijn als het gaat om `vitale' beleidsterreinen. ,,Het Koninkrijk kan een entiteit (het eilandsbestuur, red.) verplichten om samen te werken als dat nodig is voor handhaving van een deugdelijk bestuursniveau.'

Rectificatie

Jesurun

De artikelen Afschaffen regering op de Antillen bepleit en Antillen willen niet meer alleen (27 september, pagina 1 en 7) maken melding van een werkgroep voor de staatkundige toekomst van de Antillen onder leiding van oud-gouverneur E. `Papy' Jessurun van de Nederlandse Antillen. Dat is niet correct. De voorzitter heet Jesurun, en hij was gevolmachtigd minister van de Nederlandse Antillen.