Sarzay-La-Châtre - Sarzay

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week in Frankrijk, in de Berry.

De nevel spint garen rond de buiken van de witte wollen koeien, het zonlicht doorstraalt hun Romaans rond gebogen oren. Op het gras onder hun hoeven glanst de dauw als zilverbeslag. De complete extended family graast samen, halfwas kalveren, zogende baby's, alle moeders en één enorme vader.

Hij is zo vervaarlijk geschapen en gespierd dat je onwillekeurig zoekt naar macho-tatouages op zijn billen.

Tussen de bibbereikjes die hier alle weidegrond voorzien van een aureool is een zandgeelkasteel te zien, met op elk van de vier gladde torens een rood pannenpuntdak. Het is geen verzinsel. Het is veertiende-eeuws, verklaart het routeboekje. Ik geloof het graag.

We wandelen over holle wegen, tussen lage heggen, langs pasgeploegde akkers en grasland met hooi op rolletjes. Lopen is hier een soort zweven. De paden golven, dat creëert een soepele stap en zwabberende armen en moe worden lukt niet.

Kasteel, koeiengeluk, grond met dikke klonten. Oude brokkelboerdeijen, gebouwd als vestes. Een vroege kraai en een late uil, en dan die ongecompliceerde veldwegen – het Franse platteland dat je thuis bij elkaar fantaseert, bestaat echt.

Het stadje La Châtre viert de 200ste verjaardag van Georges Sand met overal op kaarten en serviezen, afbeeldingen van haar gezicht en vaak ook dat van haar vriend, de componist Chopin. 't Is wat veel, dus we benen snel door. In de volgende plaats stuiten we zelfs op een Georges Sand-wandelroute. En weer die ansichtkaarten met Chopin.

De zon staat nu hoog en bewijst dat gras en blad ook zonder dauw kunnen glimmen als een Gero-cassette. Daar is een veld zonnebloemen. De gele smoeltjes zijn massaal vervallen. Veel beter. Weg met de koketterie van hersenloze mokkeltjes, deze rijpe schoonheid draagt haar dorre blad als sluwe haute couture.

We zijn de weg kwijt. Dondert niet, man schiet de richting met zijn kompas. Kompaslezen staat hem stoer en sexy, maar daar gaat het nu niet om. Hij vindt weggetjes ongeveer de goede kant op. De halmen en netels risselen om onze kuiten. De weggetjes worden weinig begaan en zijn dicht begroeid.

Terug tussen de bloemenperken van Sarzay raken we op een terras aan de praat met een Engelsman. Hij doorkruist Frankrijk in zijn indrukwekkende zwarte sport-Mercedes. Hij stelt zich voor: ,,Nice to meet you, my name is Chopin.''

16 km op basis van GR 654 NGR 46,

of de kaart op pag. 122 uit Sentier

vers Saint-Jacques-de Compostelle

uitg. FFRP, Parijs.

    • Joyce Roodnat