Mopperen op Europese rechters (Gerectificeerd)

De grote invloed van het Europees Hof ligt politici in sommige lidstaten zwaar op de maag. `De Europese logica gaat per definitie voor.'

Staatssecretaris Wijn (Financiën) is ontstemd over het Europees Hof van Justitie. Dit liet hij merken op een seminar vorige week in Leiden over de vennootschapsbelasting. Deze moet op de helling vanwege de Europese rechtspraak. Het EU-Hof in Luxemburg verstoort volgens Wijn de evenwichtige ontwikkeling van de Unie. Het Hof stuurt sneller aan op fiscale eenwording dan de politieke organen kunnen verwerken.

Wijn is niet de eerste met kritiek op het `Europa van de rechters'. Begin jaren negentig stak de toenmalige Duitse bondskanselier Kohl zijn ongenoegen over het in zijn ogen te actieve optreden van het Hof niet onder stoelen of banken. De rechters in Luxemburg namen de jaren er op wat gas terug. Maar bij het Verdrag van Amsterdam uit 1997 had het Hof zijn ,,verliezen in aanzienlijke mate goedgemaakt', kon (oud-)rechter P.J.G. Kapteyn tevreden noteren.

De politieke organen hebben zelf ook boter op het hoofd, bracht de Rotterdamse hoogleraar Europees belastingrecht H. Kogels eerder dit jaar fijntjes in herinnering. ,,Het vetorecht van de lidstaten waar het fiscale regelgeving betreft, leidt vaak tot een politieke patstelling of een moeizaam bereikt compromis. Het Europese Hof probeert de lidstaten op een indirecte manier in het gareel te krijgen.'

Indirect of niet, het Hof gaat er stevig tegen aan. De lidstaten zijn overeengekomen dat de directe belastingen in de regel tot hún domein behoren. Dit uitgangspunt wordt erkend in vrijwel iedere Luxemburgse uitspraak. Maar daar wordt direct aan toe gevoegd dat de nationale bevoegdheden wél in overeenstemming met de algemene beginselen van het Europees recht moeten worden uitgeoefend. Die fraaie openingszin wordt dus ,,in feite volledig ontkracht', aldus een andere Rotterdamse hoogleraar, P. Kavelaars, in het Weekblad Fiscaal Recht.

Zelfs het argument dat een bepaalde transactie zich geheel afspeelt binnen de nationale grenzen maakt niet veel indruk in Luxemburg. Dat bleek vorig jaar december in de zaak-Halliburton. Dit bekende Amerikaanse concern heeft een dochtervennootschap in Duitsland die onroerend goed in Nederland bezat dat zij wilde overdoen aan een vestiging van het bedrijf in ons land.

Daarvoor is overdrachtsbelasting verschuldigd, maar er kan een vrijstelling worden geclaimd in geval van een reorganisatie. Daarvan was in dit geval sprake, maar een voorwaarde is dan weer wel dat de leverende partij in Nederland is gevestigd, wat de Duitse GmbH niet was. Dit was voor het Hof voldoende om het Europese gelijkheidsbeginsel in stelling te brengen.

Eerder had het Europese Hof in de zaak-Verkooijen (2000) korte metten gemaakt met een aftrekregeling voor dividenden aan aandeelhouders. Deze gold alleen voor ondernemingen die hun zetel in Nederland hebben. Luxemburg verwierp het argument dat dit een gerechtvaardigd middel is voor Nederland om investeringen aan te moedigen. Ook het argument dat de regeling noodzakelijk was voor de cohesie van het Nederlandse belastingsysteem vond geen genade in Luxemburg.

De bevoegdheid van het EU-Hof is groot, maar blijft zoals dat heet een ,,power to destroy'. De rechters kunnen weliswaar bepaalde regelingen afkeuren maar niet bepalen hoe het dan wel moet. Een illustratie levert het Bosal-arrest dat vorig jaar veel opzien baarde. Het betrof een Nederlandse fabriek van uitlaten die de kosten van binnenlandse deelnemingen wel kon aftrekken bij de fiscus maar die van buitenlandse deelnemingen niet. Volgens het Hof was dit een inbreuk op de vrijheid van vestiging. De consequenties van deze uitspraak voor de schatkist liepen in de honderden miljoenen euro's.

Voorlopig is het niet waarschijnlijk dat we te maken krijgen met een wat terughoudender Europees Hof, voorspelt Kavelaars. In het Nederlands Juristenblad schrijft chroniqueur B.J. Drijber: ,,Het is een ongelijke strijd; de Europese logica gaat per definitie voor en wint het altijd van de fiscale logica'.

De Federatie van Belastingadviseurs stelde dit jaar dan ook de viering van zijn vijftigjarig bestaan geheel in het teken van Europa. Het motto van de eerste inleider was: ,,Europa is niet daar, Europa is hier, in uw dagelijkse praktijk'.

Rectificatie

Halliburton

In de nieuwsanalyse Mopperen op Europese rechters (25 september, pagina 6) is sprake van de zaak-Halliburton, vorig jaar december. Het arrest in deze zaak dateert van 12 april 1994.

    • F. Kuitenbrouwer