In de winter van de tutten keert de strik terug

De najaarsmode is Brits en preuts, ziet Jetty Ferwerda. Maar het conservatisme heeft een rebels tintje: de strompelstrakke kokerrok.

Margaret Thatcher! De nieuwe najaarsmode is geïnspireerd op een vrouw als Margaret Thatcher. Je gelooft je ogen niet. Tom Ford – de grandmaster of sex & sin – heeft Milaan nog niet verlaten of de mode maakt een totale omslag. Weg decolletés, minirokjes en naveltruitjes. En ook die strakke, lage heupbroeken kunnen voorlopig de kast in. Daarvoor in de plaats komen geruite plooirokjes, kokerrokken, twinsets, spencers, strikblouses, getailleerde jasjes met 3/4 mouwen, korte bontjasjes en tweed, heel veel tweed. En niet te vergeten, de nieuwe schoen. Dat is een hoge pump met ronde neus á la Betty Boop. Vrouwen zijn deze winter every inch a lady.

De nieuwe najaarsmode maakt in één beweging een einde aan het ongeïnteresseerde, doe-maar-gewoon-kleedgedrag dat we maar al te goed van de Nederlandse straat kennen. Aankleden is het motto deze winter, compleet met parelkettingen en broches. En daar zijn modeontwerpers goed in. Sterker: ze doen nu eens waarvoor ze op deze wereld zijn, het bedenken van mooie, draagbare kleding die het leven wat aangenamer maakt.

Maar dat van Margaret Thatcher zit niet helemaal lekker. Zo'n stijlicoon was ze in de jaren tachtig nu ook weer niet – wél het boegbeeld van de conservatieve beweging in de Westerse wereld. Toch pikte de Amerikaanse mode-ontwerper Marc Jacobs haar als rolmodel voor zijn najaarscollectie, en wat Jacobs doet en denkt, wordt angstvallig in de gaten gehouden door de trendsetters. Hij voelt al enkele seizoenen feilloos aan wat vrouwen willen.

GEMAKSKLEDING

Niets in de mode komt toevallig, elke nieuwe trend is een reactie op de vorige. En trends zijn onderhevig aan bewegingen in de maatschappij, veranderende opvattingen, muziek, film, politiek. Achter ons ligt een periode van gemakskleding; ordinair, te jong en in your face bloot. Iets waar we langzamerhand genoeg van kregen, of niet soms? Moderne vrouwen (uitzonderingen daargelaten) willen liever kleding die minder plat is, suggestiever wellicht en daardoor spannender.

En wat is intrigerender dan een vrouw die zich vrij en vrouwelijk voelt en gekleed gaat in een tuttig, hooggesloten bloesje? Wijlen Helmut Newton was een meester in het portretteren van sterke vrouwen in klassieke kleding zonder aan erotiek in te boeten. Geen wonder dat ook hij door verschillende ontwerpers als inspiratiebron werd gebruikt, zoals Dolce & Gabbana en Valentino.

Dan viert het neoconservatisme met bijbehorende spruitjesgeur ook nog hoogtij. Autoriteiten zagen aan de stoelpoten van de werkende vrouw, mannen moeten weer veertig uur per week gaan werken en aan de discussie over normen en waarden lijkt maar geen einde te komen. Het kledingbeeld lijkt dienovereenkomstig, maar onderhuids borrelt en gist het. En wie goed kijkt, ziet dat die strikblouse nét niet doorzichtig is, die kokerrok een subtiele hogere split heeft en dat jasje de taille net ietsje meer accentueert.

Ook de combinaties zijn tegendraads. Op een mooie, luxe rok draagt men een grofgebreide trui, een jasje met militaire details combineert men met een fragiele zijden jurk, onder wijde pantalons verschijnen hoge hakken. Conservatief, maar met een rebels tintje. Dat kan je misschien ook zeggen van de lange jurk die prinses Máxima afgelopen dinsdag tijdens prinsjesdag droeg. De jurk was getailleerd, van lichtblauw, grijs en crême bondéstof, aldus de Rijksvoorlichtings dienst, met een bijpassend jasje. Het rebelse, van de doorgaans wat minder tuttig geklede prinses, zat 'm in de afwerking: rafelig.

NIEUWE TUTTIGHEID

De nieuwe tuttigheid is niet alleen een reactie op het vele bloot en het groeiende conservatisme, het is door z'n sterke retrokarakter ook een gevolg van onze hunkering naar die goeie ouwe tijd toen alles nog overzichtelijk was. Het kleedgedrag van een Margaret Thatcher mag dan een inspiratiebron qua styling zijn, de kleding zelf vindt zijn oorsprong in de jaren dertig, veertig en vijftig. Niet echt de meest opbeurende periodes, want ze werden geteisterd door crises, depressie en oorlog. Maar er was wel aandacht voor mooie kleren en het uiterlijk, omdat juist dit er mede voor zorgde dat mensen (lees: vrouwen) het hoofd niet lieten hangen.

We zijn dus onbewust helemaal klaargestoomd voor de klassiekers, die degelijke kledingstukken die de afgelopen jaren overleefden in de kledingkasten van de upper class. De koker- en plooirok, de nauwe jasjes met iets opgevulde schouders, de jurkjes met smalle kraagjes en ceintuur, de bontkraagjes, de twinsets, de pullovers. Kleren waarin de meesten van ons niet dood gevonden wilden worden want te burgertruttig, te Brits, te preuts. Bovendien waren we te druk met het najagen van alle onmogelijke trends.

Dat ligt deze winter anders. Maar met simpelweg de H&M en Zara leegkopen zijn we er nog niet. Willen we er niet uitzien als onze grootmoeders, dan moeten we de nieuwe najaarsmode met een korreltje zout nemen. De najaarsmode is vooral een spel. Je kunt natuurlijk doen zoals de Voguettes, de stylisten en redactrices van het tijdschrift Vogue. Zij gingen al tijdens de presentaties van de najaarsshows in Parijs en Milaan all the way, met naaldhakken, netkousen, bontjes en strompelstrakke kokerrokken.

Daar werd ook in een oogopslag duidelijk wat die mode met vrouwen doet. Wie het al te letterlijk opvat, ziet er meteen dertig jaar ouder uit. Bovendien beperkt het de bewegingsvrijheid: motregen is ineens hinderlijk, een hobbelig terrein onneembaar vanwege de hakken en dan hebben we het nog niet over kinderen en fietsen in weer en wind. Het blijkt opnieuw hoe moeilijk het is om er modern, vrouwelijk en elegant uit te zien en je er comfortabel in te voelen.

Nee, dan de collecties van Prada, Miu Miu en Burberry: robuuste stoffen, elegante silhouetten en nuchtere combinaties die toch heel vrouwelijk en tuttig lijken met pellerines, kniebroeken, kanten bloesjes en brave cocktailjurkjes. De kunst zit `m in tegenstellingen: nieuw met tweedehands, overdadig luxe met soberheid, erotisch met preuts, manlijk versus vrouwelijk, te krap, te kort, te lang, te wijd.

Het is natuurlijk een illusie te denken dat vrouwen nu massaal overstag gaan – laat staan de winkels. Die spijkerbroek en sneakers gaan niet zomaar uit. Maar wie eenmaal de eerste stap in een tweed mantelpak heeft gewaagd, deinst niet meer terug voor een kokerrok of twinset. Je wilt meer, zo blijkt uit eigen ervaring. Maar alle begin is moeilijk.

Casual Friday is hierbij helemaal uit, laten we beginnen met Dress Up Monday.

    • Jetty Ferwerda