Geen taboe veilig

`Always look at the bright side of life'. Wie dit niet mee kan zingen, hoeft niet verder te lezen. Wie dit leest en niet herkent, is zeker gek maar niet gek genoeg van John Cleese, Eric Idle, Michael Palin, Terry Jones, Graham Chapman en Terry Gilliam, de enige zes ridders die de heilige graal van de Britse humor bezitten, oftewel Monty Python. De heren ontmoetten elkaar begin jaren zeventig op de universiteit van Cambridge, met uitzondering van de Amerikaan Gilliam die ze tijdens een tournee door de Verenigde Staten leerden kennen toen de overige vijf als The Footlights wat vreemde grappen en grollen voor het, inderdaad, voetlicht brachten.

Drie van hun speelfilms zijn nu verzameld in een dvd-box die eruit ziet als een bijbel, de Monty's Enzyklo Pythonia. En elk snippertje film, papier, geluid, schetsboek werd verzameld om The Holy Grail (1975), Jabberwocky (1977) en The Life of Brian (1979) nog onbegrijpelijker en ongerijmder te maken, zoals een Japanse versie van Monty Python and the Holy Grail, die in de ondertitels weer naar het Engels werd terugvertaald. Of voor wie er sowieso al niets aan vond: ondertitels die doen geloven dat Monty Python nog diepzinniger is dan Shakespeare. (Wat natuurlijk ook zo is.)

De drie films vormen met elkaar een bordkartonnen satire op christelijke thema's van leven en dood, lichaamsvloeistoffen en het nut van kokosnoten (er komt, geloof ik, maar een echt paard voor in The Holy Grail, voor de rest kattakloppen ze wat af met die klappernoten). Verder was geen taboe veilig en geen huisje heilig, het anachronisme de enige waarheid en de Middeleeuwen het enige realistische tijdperk.

Jabberwocky, gebaseerd op het gedicht van Lewis Carroll over het gelijknamige nonsensmonster, is waarschijnlijk het onbekendst, en niet onterecht. Maar dat maakt de (hernieuwde) kennismaking met het officiële regiedebuut van Terry Gilliam er alleen maar interessanter op. Het is niet eens een echte Monty Python-film, alleen Terry Jones en Michael Palin deden er verder aan mee. Er wordt wel eens oneerbiedig gezegd dat deze film alleen gemaakt werd om van het geld dat ze met The Holy Grail verdiend hadden af te komen. Op het commentaarkanaal is te horen waar ze schilderijen van Breughel leenden, en waar van Caravaggio of Hieronymus Bosch. En dan zitten er ook nog verwijzingen in naar uiteenlopende films als Jaws, Het zevende zegel van Ingmar Bergman en Andrei Tarkovski's Andrei Roebljev. Maar dat moeten we ook weer niet allemaal te serieus nemen. Konden zij er wat aan doen dat ze niet van de straat waren?

Monty's Enzyklo Pythonia, drie speelfilms,

Films: ****

Extra's: ****

    • Dana Linssen