Vechten

`Kom, we lopen om', zegt Tobias. ,,Ik wil niet dat we Boelie tegenkomen.''

,,Bedoel je die dikzak die op de hoek woont'', zegt Rintje. ,,Ik ga echt niet omlopen voor zo'n bullebak!''

,,Iedere keer als ik erlangs kom begint hij te schelden'', zegt Tobias. ,,En hij is heel stevig en sterk.''

,,Als hij gaat schelden, schelden we terug!'' zegt Rintje. ,,En dan lopen we keihard weg. Die dikkerd kan ons echt niet bijhouden.'' Op de hoek van de straat bij het grote huis waar Boelie woont kijken ze voorzichtig rond. Er is geen hond te zien. Maar net als Rintje wil zeggen dat Tobias voor niets bang is geweest, komt er geblaf uit de struiken. ,,Is die bruine drol op vier pootjes daar weer?'' Er komt een grote buldog uit het struikgewas.

,,Hee, kleintje ben je uit de pot met knakworsten ontsnapt? Heeft je moeder je pootjes te heet gewassen? Ze zijn zo gekrompen!''

,,Zie je nou wel'', fluistert Tobias. ,,Hij begint meteen weer te schelden!''

,,En wie is die witte muis die je hebt meegenomen?'' Boelie staat nu vlak voor Rintje en Tobias. Hij buigt helemaal voorover tot zijn dikke zwarte neus de neus van Rintje raakt.

,,En heeft deze muis ook een naam, hmmm?'' vraagt Boelie.

,,Ik heet Rintje en ik ben geen muis maar een foxterriër'', zegt Rintje.

,,Ach goh'', zegt Boelie. ,,Wat een leuke naam: Pintje!''

,,Het is Rintje'', verbetert Rintje.

,,Nou Windje'', zegt Boelie. ,,Je lijkt in de verste verte niet op een hond.

Volgens mij is je moeder een muis en je vader een rat!''

Rintje begint zachtjes te grommen en de haren op zijn rug gaan recht overeind staan. ,,Durf dat nog eens te zeggen, dikzak!''

,,Volgens mij is je moeder een muis en je vader een rat, Bintje!'' zegt Boelie.

,,Kom, we gaan ervandoor'', fluistert Tobias. Maar Rintje luistert niet. Hij trekt zijn bovenlip op zodat je zijn tanden goed kunt zien en hij begint steeds harder te grommen. Hij loopt een stukje achteruit, neemt een aanloop en springt bovenop de rug van Boelie. ,,Lelijke plumpudding, ik zal je leren!'' schreeuwt hij en hij geeft Boelie een knauw in zijn nekvel.

Boelie begint wild met zijn kop te schudden. Rintje probeert te blijven staan maar dat lukt niet. Hij valt met zijn rug op de grond. Voor hij het weet zit Boelie op zijn buik.

,,Weet je wat ik meestal doe met brutale kleine muizen?'' zegt Boelie. ,,Die eet ik op!'' Hij doet zijn bek wijd open.

Rintje ziet een lange rij grote scherpe tanden. ,,Doe iets!'' roept hij naar Tobias.

Tobias staat te trillen op zijn poten, maar toch schiet hij naar achteren en bijt keihard in de staart van Boelie.

,,AAAAAUUUUU!'' schreeuwt Boelie en springt van schrik de lucht in. ,,Rennen!'' roept Rintje. Ze lopen zo hard weg als ze kunnen. Eerst horen ze nog geschreeuw en gehijg achter zich. Maar dan wordt het stil. Rintje kijkt om en ziet hoe Boelie in de verte naar lucht staat te happen.

,,Ik zei je toch dat we sneller zouden zijn dan die dikkerd!'' hijgt Rintje. ,,De volgende keer als hij begint te schelden zeggen we gewoon niets terug, dan is de lol er snel af!''

,,Kom we gaan thuis wat drinken'', zegt Tobias. ,,Ik heb enorme dorst gekregen van al dat geren!''

,,Goed idee'', zegt Rintje. ,,Met een koekbotje erbij voor de schrik!''

Meer over Rintje op www.rintje.nl

    • Sieb Posthuma