Slovenië-Kroatië: dertien jaar grensperikelen

Grensproblemen vertroebelen al jaren de relatie tussen Slovenië en Kroatië. Vooral aan de vooravond van verkiezingen.

Wie naar de uitlatingen van de Sloveense politieke leiders luistert, moet concluderen dat er een oorlog met Kroatië voor de deur staat. Ze reppen van ,,on-Europees gedrag'' van de Kroaten en van ,,een Europees schandaal''. ,,Het volgende wat we kunnen verwachten is dat ze [de Kroaten] beginnen Sloveense burgers te vermoorden'', zei gisteren de leider van een nationalistische Sloveense partij. De Slovenen hebben alle Europese instellingen die ze konden bereiken gealarmeerd over het kwalijke Kroatische optreden. En als klap op de vuurpijl trekt Slovenië ,,voor onbepaalde tijd zijn steun voor het Kroatische EU-lidmaatschap in'', zo zei gisteren premier Anton Rop.

En dat allemaal naar aanleiding van wat men toch zou kunnen bestempelen als een vervelend, maar toch betrekkelijk onschuldig grensincident: twaalf Slovenen, activisten van de oppositionele en conservatieve Sloveense Volkspartij SLS, onder leiding van partijchef Janez Pobodnik, oud-voorzitter van het Sloveense parlement, staken woensdag dwars door de velden bij Plovanja (Istrië) de grens met Kroatië over en betraden grondgebied waar Slovenië aanspraak op maakt, plantten in de tuin van een partijgenoot een lindeboom als teken van de Sloveense soevereiniteit, en liepen terug naar Sloveens grondgebied. Op de grens werden ze aangehouden door de Kroatische politie. Toen ze weigerden hun papieren te laten zien – ze bevonden zich immers naar eigen zeggen op Sloveens grondgebied – werden ze ingerekend. Daarbij vielen volgens de Slovenen klappen, Pobodnik was in zijn maag gestompt en bezeerde zijn arm. Na vijf uur werden de Slovenen vrijgelaten. Einde incident.

Wie luistert naar de Kroatische politici, moet concluderen dat al dat verbale Sloveense geweld alleen maar te maken heeft met de Sloveense parlementsverkiezingen van 3 oktober: het was een stunt van Pobodniks SLS. Moet immers de SLS, die nu nog negen zetels in het Sloveense parlement heeft, niet vrezen op 3 oktober uit het parlement te verdwijnen, nu ze hooguit een procentje of vier van de stemmen krijgt? En is de ophef van nu niet een mooie manier om dat te voorkomen?

Slovenië en Kroatië maakten eeuwen deel uit van het Habsburgse Rijk, waarin Slovenië afhankelijk was van Oostenrijk, en Kroatië van Hongarije. In 1918 stapten ze samen het nieuwe Koninkrijk der Serviërs, Kroaten en Slovenen binnen, het latere Joegoslavië. En samen stapten ze daar, keurig gecoördineerd, midden 1991 ook weer uit, kwaad over de pogingen van Slobodan Miloševic om de gang van zaken in de federatie naar zijn hand te zetten.

Sindsdien zijn er problemen. Af en toe speelden grensperikelen een kwalijke rol. Op een aantal plaatsen langs de ruim 650 kilometer lange grens was die grens niet goed afgebakend en her en der werden lapjes grond betwist. Belangrijker nog was de afbakening van de grens op zee. Slovenië heeft een kustlijn van 47 kilometer. Na een tijdje varen Sloveense vissers vanuit hun deel van de Baai van Piran de Italiaanse en de Kroatische wateren binnen. Omdat de kustlijn zo kort is, en de Kroatische zo lang (1400 kilometer) eisten de Slovenen tachtig procent van de baai op.

In juli 2001 werden de toenmalige premiers Drnovšek en Racan het eens over alle uitstaande problemen. In de Baai van Piran kregen de Slovenen hun zin. Maar het Kroatische parlement floot de premier terug, hij had te veel territoriale wateren weggegeven. Het akkoord verdween in de prullenbak.

Vorig jaar raakte de grenskwestie in een stroomversnelling toen Kroatië en Italië het eens werden over de uitroeping van `exclusieve economische zones' (EEZ) in de Adriatische Zee. De Italianen en de Kroaten konden zelf uitmaken wie er in en door hun EEZ mochten varen wie waar hoeveel mocht vissen. Ze plaatsten aldus internationale wateren buiten hun eigen territoriale wateren onder hun eigen soevereiniteit.

Sindsdien zijn de relaties verslechterd. In september vorig jaar waarschuwde Slovenië al eens dat ,,de logica'' van de Sloveense steun voor de Kroatische toetreding tot de EU op de tocht stond. Een Kroatisch plan om de grenskwestie aan internationale arbitrage te onderwerpen werd door Ljubljana kwaad afgewezen. Daar werd steeds verwezen naar het akkoord van Drnovšek en Racan uit 2001, alsof dat niet allang in die prullenbak lag. Zo hoog liep de toon op dat begin dit jaar de EU beide regeringen opriep ,,zich te gedragen''. Deze maand schroefde Slovenië de eisen nog op: volgens Ljubljana komt Slovenië niet tachtig, maar ,,zonder twijfel'' honderd procent van de Baai van Piran toe.

In de Sloveense verkiezingscampagne is de verdediging van het Sloveense grondgebied en de Sloveense belangen al een tijd een belangrijk thema. Premier Rop zelf heeft in het kader van de campagne persoonlijk wat vissersnetten uitgegooid in de Baai van Piran, om de Sloveense aanspraken te onderstrepen. Wellicht blijkt na 3 oktober dat in Rops aankondiging over het intrekken van de steun voor het Kroatische EU-lidmaatschap de woorden ,,voor onbepaalde tijd'' de belangrijkste zijn.