Rechters stemmen aanpak van aandelenleasezaken af

De rechters die de zaken behandelen van gedupeerde beleggers tegen aanbieders van aandelenleaseproducten, zoals Dexia Bank, gaan hun uitspraken op elkaar afstemmen. Dat zegt voorzitter T. Geerdes van het landelijk overleg van kantonrechters. Doel van het overleg is het bevorderen van de rechtseenheid. ,,We willen voorkomen dat rechters tegenstrijdige uitspraken doen in deze juridisch gecompliceerde zaken.''

Het is ongebruikelijk dat rechters overleggen over de aanpak van individuele rechtszaken. Gewoonlijk kunnen ze terugvallen op jurisprudentie, maar die is er op dit terrein nog nauwelijks. In de uitspraken die tot nu toe zijn gedaan in zaken over aandelenlease, waarbij beleggers met geleend geld aandelen kochten, zat nog weinig lijn. Onlangs bepaalde de rechtbank in Amsterdam bijvoorbeeld dat bij de aankoop van een leaseproduct de handtekening van de partner was vereist, terwijl rechters in Breda, Arnhem en Roermond eerder vaststelden dat dat niet nodig was.

Het is volgens Geerdes niet de bedoeling dat het overleg tot vastomlijnde stramienen leidt waaraan de rechters zich in hun uitspraken moeten houden. ,,Iedere rechter neemt in iedere zaak zijn eigen beslissing en houdt daarbij rekening met de specifieke omstandigheden van de zaak.'' De rechters gaan volgens hem wel zaken naast elkaar leggen, op zoek naar parallellen. In afwachting van hun bevindingen is een groot aantal rechtszaken aangehouden.

Volgens voorzitter A. van Delden van de Raad voor de Rechtspraak, die de kwaliteit van de rechtspraak moet bevorderen, is het een goede zaak dat rechters hun aanpak op elkaar afstemmen. Hij verwacht niet dat uit het overleg een soort `kantonrechtersformule' rolt, zoals die wordt toegepast bij het bepalen van de hoogte van een ontslagvergoeding. ,,Ik zou me wel kunnen voorstellen dat er een lijstje komt met criteria waar zo'n aandelenleasezaak aan moet voldoen om de bank aansprakelijk te kunnen stellen.''

In het hele land lopen tientallen rechtszaken tegen Dexia. Zo'n 200.000 beleggers kochten leaseproducten als de `winstverdriedubbelaar'. Hierbij moest de koersstijging hoger zijn dan de rente om geld te verdienen. Doordat de koersen inzakten, bleven de beleggers met een schuld zitten. Ze eisen nu schadevergoeding. Pogingen om tot een schikking te komen mislukten. Daarom vechten ze hun zaken nu voor de rechter uit.