Privacycollege onderzoekt privé-speurders

Het College Bescherming Persoonsgevens (CBP) zal volgend jaar onderzoek doen naar de werkwijze van particuliere recherchebureaus. Het jaar daarop zal het ministerie van Justitie op stucturele basis onderzoek doen naar de kwaliteit van de recherchebureaus.

Dat zeggen U. van der Pol van het CBP en een woordvoerder van het ministerie van Justitie in een reactie op kritiek van raadsheer J. Nuis, die onderzoek deed naar hoe rechters omgaan met bewijsmateriaal dat afkomstig is van particuliere recherchebureaus. In zijn onderzoek Particulier Speurwerk verplicht stelt hij dat rechters te kritiekloos particulier bewijs accepteren, zonder na te gaan of dat rechtmatig is verkregen. Hij waarschuwt dat daardoor de rechtshandhaving in de `gevarenzone' kan komen.

Volgens U. van der Pol laat Nuis onvermeld dat er in 2003 in samenwerking met het CBP een gedragscode is opgesteld door de branchevereniging van particuliere onderzoeksbureaus, de VPB.

,,Natuurlijk heeft Nuis gelijk als hij zegt dat rechters het bewijs moeten toetsen, maar dan moet eerst duidelijk zijn wat particuliere rechercheurs wel en niet mogen doen.'' In de gedragscode staat onder welke omstandigheden een particulier `verdachten' mag verhoren, en wanneer een telefoon getapt mag worden of een camera geplaatst.

Inmiddels heeft minister Donner (Justitie) de gedragscode algemeen verbindend verklaard. Dat betekent dat een particulier bureau alleen een vergunning krijgt van het ministerie als het de gedragscode onderschrijft. Het CBP heeft bij de opstelling van de gedragscode al aangekondigd te gaan onderzoeken of de gedragscode ook wordt nageleefd. Het onderzoek zal daarna worden voortgezet door Justitie.

Het onderzoek van Nuis werd uitgevoerd in opdracht van de Raad voor de Rechtspraak. Volgens voorzitter A. van Delden van de Raad heeft Nuis zijn onderzoek gedaan toen de code nog niet bestond. ,,Wat niet wil zeggen dat we, nu de code er is, rustig kunnen slapen. Zijn boodschap dat de rechter alert moet blijven, is nuttig.''

Van Delden vindt dat Nuis op basis van een aantal onderzochte gevallen nogal generaliseert. ,,Het is niet zo dat particuliere bureaus zomaar alles mogen.''