`Omgeving beslist mee over hinder'

Omwonenden van Schiphol moeten samen met de luchtvaartsector kunnen beslissen over het terugdringen van geluidshinder. Het nemen van maatregelen moet niet worden overgelaten aan het rijk.

Daartoe zou een Luchtschap kunnen worden opgericht, een nieuwe publiekrechtelijke organisatie naar analogie van de waterschappen. In het Luchtschap kunnen bewoners zich rechtstreeks laten kiezen in het bestuur.

Dat adviseert een denktank over geluidshinderbeleid onder leiding van Pieter Jan Stallen, hoogleraar geluidshinder aan de Universiteit Leiden. Ook de Leidse rechtenfaculteit heeft aan het advies meegewerkt. Het advies `Fundering in de Regio' is vandaag aan staatssecretaris Schultz van Haegen (Verkeer en Waterstaat, VVD) gestuurd.

De oprichting van een regionaal Luchtschap kan een grote bijdrage leveren aan reductie van ervaren hinder. ,,Hinder van vliegtuiglawaai wordt slechts voor een deel bepaald door de meetbare decibellen. Een grote rol spelen daarnaast sociale en psychologische factoren, vooral het gevoel van machteloosheid en frustratie bij de omwonenden'', aldus het advies.

De nieuwe organisatie moet bevoegdheden krijgen in kwesties van gebruiksplannen van luchthaven Schiphol, handhaving, geluidsheffingen, woningisolatie, de verbetering van de leefomgeving en informatievoorziening, aldus het advies. Het rijk moet vooral geluidslimieten vaststellen en handhaven.

Als belangrijkste bewijs voor de noordzaak van meer bevoegdheden voor omwonenden ziet hoogleraar Stallen de discrepantie tussen beleid en ervaren hinder. ,,Schiphol geeft meer geld uit aan het bestrijden van de effecten van geluidsbelasting dan alle andere luchthavens op de wereld bij elkaar'', aldus het rapport. ,,Desondanks wordt er nergens zoveel geklaagd.''

Behalve een Luchtschap is ook het versterken van de huidige Commissie Regionaal Overleg Schiphol mogelijk, aldus het advies. In deze commissie overleggen thans omwonenden, bestuurders en luchtvaartsector regelmatig over de geluidhinder.