Nick Cave

In Blixa Bargeld verloor Nick Cave een markant, eigenzinnig en dominant gitarist. Maar nu de nurkse Berlijner koos voor een voltijds-bestaan in zijn eigen combo Einstürzende Neubauten, won Cave fiks aan artistieke vrijheid. Die viert hij met Abattoir Blues/ The Lyre Of Orpheus, twee albums in hetzelfde luxe doosje. Die titels doen sterk uiteenlopende platen vermoeden, maar Cave en zijn Bad Seeds graven in beide gevallen zo'n breed terrein af, dat die scheiding wat kunstmatig aandoet. The Lyre Of Orpheus is hoogstens wat lichter van toon, met de luchtig kwinkelerende fluiten in Breathless als hoogtepunt.

De muiterij van Bargeld gaf ruim baan aan de inbreng van de twee toetsenmannen en van multi-instrumentalist Warren Ellis, waardoor aan de einder af en toe de grandeur van de symfonische rock opduikt.

Maar ook de prachtige koorpartijen van het London Community Gospel Choir kunnen niet verhullen dat het ware drama nog altijd schuilt in de dwingende voordracht van Nick Cave, wiens muzikale identiteit is en blijft gekoppeld aan een intense, zwarte romantiek.

Die blijkt deze keer uit zeventien ijzersterke nummers, die maar niet willen vervelen.

Nick Cave & The Bad Seeds: Abbatoir Blues/The Lyre Of Orpheus (Mute, distr. EMI)

    • Jacob Haagsma