Fouten zijn ook mooi

Wende Snijders heeft sinds drie jaar groot succes met haar Franse chansons. Nu gaat ze op tournee. ,,De teksten passen in het verhaal dat ik wil vertellen.''

Wende Snijders (25 jaar) noteert geregeld wat ze 's nachts heeft gedroomd. ,,Ik had ooit een droom, waarin ik op een schip mensen doodstak met een mes. Mijn moeder vroeg: `Meisje toch, hoe kan zo'n lief meisje zoiets doen?' Ik dacht alleen maar: ik weet het niet'', vertelt Snijders. ,,Bij het ontwaken was ik verbaasd. Over mijn enorme wreedheid en afschuwelijke daden in de droom voelde ik me pas schuldig toen mijn moeder mij die vraag stelde. Het is goed om te weten dat die donkere kant in mij aanwezig is. Dat helpt als je dingen wilt creëren.''

Zangeres Wende Snijders heeft ,,een soort krankzinnigheid, in de goede zin van het woord'', zegt Ruut Weissman, directeur van de Academie voor Kleinkunst. Dat was vier jaar geleden ook de reden om haar aan te nemen op de academie, ook al waren er wat twijfels. ,,We voelden dat ze iets had, al wisten we niet precies wat. Op school heeft het even geduurd voor het vuurtje ging branden. Toen is ook het ook heel hevig gaan branden.''

Vuur is een beeld dat past bij Snijders. Haar vertolking van Franse chansons op het podium is zeldzaam bezield, haar succes een uitslaande brand. Sinds zij drie jaar geleden doorbrak door het Concours de la Chanson te winnen, heeft zij met haar optredens de lof geoogst van theatergrootheden zoals Herman van Veen en Paul de Leeuw. Haar cd Quand tu dors – met nummers van Brel, Piaf en haarzelf – is lovend besproken in de pers en wordt goed verkocht.

Haar succes is verrassend. Franse chansons zijn iets van vroeger. En de verstokte liefhebbers dulden doorgaans geen indringers in hun verloren paradijs. Neem Hubert Poell, wiens muziekmaatschappij afgelopen zomer Snijders' cd uitbracht. Als expert in Franse muziek was hij sceptisch toen hij een jaar geleden het optreden van Snijders bij het tv-programma Barend & Van Dorp ging bekijken: ,,Ik dacht: Nederlands zangeresje doet chanson, het zal wel. Franse liederen zijn moeilijk, doordat de tekst heel erg belangrijk is. Het moet gewoon kloppen en dat deed het bij Wende.''

Vooral haar `Je suis comme je suis' was overtuigend. Snijders heeft dit gedicht van Jacques Prévert zelf op muziek gezet, zonder te beseffen dat dit al was gebeurd – in een versie die is gezongen door Juliette Gréco. `Ik ben wie ik ben' klinkt als een beginselverklaring, maar dat is het niet, zegt Snijders: ,,De teksten kies ik, omdat ze me aanspreken – zoals in dit lied waarin iemand zegt: dit ben ik, je moet me nemen zoals ik ben – maar ze gaan niet over mij. De teksten passen wel in het verhaal dat ik wil vertellen.''

Wat dat verhaal precies is, wil ze niet zeggen. Zoals zij best wil vertellen dat ze een briefwisseling aan het lezen is tussen Freud en Jung over droomduiding, maar niet de uitlegger van haar eigen dromen wil zijn. ,,Ik wil juist geen boodschap overbrengen. Mensen moeten de ruimte hebben om zelf een verhaal te maken van de muziek, de teksten en de beelden op het podium'', zegt Snijders. En dat moeten ze doen in het theater.

Oerbeelden

Een betonnen theater in het moderne winkelcentrum van Nieuwegein. Hier is de eerste try-out voor het `theatrale muziekprogramma' van Snijders en haar musici. Aanwezig zijn regisseur Ruut Weissman en arrangeur Sebastiaan Koolhoven, die niet alleen arrangementen maakt, maar Snijders ook helpt met het voltooien van haar composities. De oerbeelden van Parijs die achter het podium worden geprojecteerd – gevels, foto's van Ed van der Elsken – kunnen de kaalheid van de zaal niet verdrijven.

Uit de duisternis schiet Snijders het podium op – gekleed in een zwart pak, microfoon aan het hoofd als een popzangeres. In `Je t'attends' zingt ze niet alleen, ze fluistert, ze glimlacht, ze fleemt. Haar `Deshabillez-moi' is een theatrale eenakter waarin ze niet alleen een denkbeeldige `vous' tart haar uit te kleden maar ook het publiek. De halfgevulde zaal is snel in haar ban en de toeschouwers beginnen zo te gloeien dat het theater vol lijkt.

,,Wende maakt die nostalgische chansons tot iets van haarzelf'', zegt Weissman. Wende is echt een meisje van deze tijd, heel erg anarchistisch. Zij combineert die chansons van vroeger met een soort grofheid, met iets beestachtigs.'' Snijders' altviolist Ro Krauss vindt haar daarbij gepassioneerder dan bijvoorbeeld Mathilde Santing, die hij ooit begeleidde: ,,Santing zingt vanuit haar techniek, Wende vanuit haar hart – zij wil echt iets overbrengen. Ze doet alles met een enorme overgave.''

Na de try-out is Snijders redelijk tevreden: ,,De spanningsboog was goed.'' En dat terwijl de tweede helft van het programma nieuw is: ,,In dat gedeelte stond ik vooral mijn reet te redden. Als de nummers er straks beter in zitten, heb ik meer vrijheid op het podium.'' In de voorstelling zitten twee Nederlandse monologen van een in haar geliefde teleurgestelde vrouw: ,,Die zijn niet de dramaturgische clou van de voorstelling, maar elementen van het verhaal. In een abstract schilderij hebben de onderdelen ook geen rationeel verband, maar tezamen werken ze toch.''

Guinee-Bissau, waar Wende Snijders tussen haar zesde en negende een Franse school bezocht, schonk haar de beheersing van de Franse taal. Zelfs haar gezongen `r' is mooi, constateert een kenner in Nieuwegein, en dat is hoogst uitzonderlijk voor een niet-Française. Thuis luisterde ze naar oude Franse platen van haar ouders. Bij het conservatorium in Hilversum werd ze aangenomen nadat ze onder meer een single-tje van Piaf had nagezongen, maar ze verkoos de academie voor kleinkunst uit liefde voor het theater.

Op deze theaterschool merkte Snijders dat ze weinig artistieke bagage had meegekregen uit Zeist, waar ze op een degelijk christelijk college zat. ,,Hockey en tennis. Een universitaire studie en een corps-lidmaatschap als vooruitzicht'', vat Snijders samen. ,,Op de academie ben ik veel theater gaan zien en heel veel dingen gaan maken.''

Nadat iemand tegen haar had gezegd dat ze niet altijd dingen hoefde maken, vond ze haar weg. ,,Ik ging liederen zoeken om te zingen in de les bij Joost Prinsen – dat bleken veel chansons te zijn. Ik won het chansons-concours, maakte een voorstelling van tien minuten met Franse chansons voor school. Op een gegeven moment heb ik tegen Ruut Weissman gezegd: ik ben zangeres. Dat voelde erg goed.'' En sindsdien is ze heel toegewijd, zegt altviolist Krauss: ,,Ze doet alles met zo'n overgave, dat iedereen die met haar werkt zelf ook enthousiast wordt.''

Snijders grinnikt een beetje: ,,Ik heb misschien een beetje te veel energie. Soms word ik moe van mezelf, van dat moeten. Dan zou ik het liefst drie weken op de bank zitten om Lingo te kijken op tv.'' Tegelijkertijd is ze daar juist bang voor: ,,Ik heb het gevoel dat als je te veel geestelijke junkfood tot je neemt, je voorgoed wegzakt in een lethargie. Als je zegt `het maakt me niet uit', dan ga je mee met de zwaartekracht. Je kunt je ook tegen de zwaartekracht verzetten. Maar ik wil er het liefst mee spelen.''

Brel-avond

Soms speelt ze letterlijk met de zwaartekracht. Bij een Brel-avond moesten Wende Snijders en haar muzikanten optreden. Vooraf zei Snijders tegen haar muzikanten: `Jongens spelen jullie straks gewoon je intro, dan doe ik wel wat. Niet schrikken.' Tijdens het soundchecken kwam Wende binnenschrijden als een ijskoningin, als de ster van de avond. Plotseling, net voor ze bij de microfoon was, viel ze. Iedereen schrok en vroeg zich af wat er gebeurde. Zij pakte de microfoon, begon `La valse à mille temps' te zingen en pakte de zaal in. ,,Voor mij gaat `La valse' over verleiding'', zegt Snijders. ,,Stel dat je een disco binnenkomt in je allermooiste kleren en dan bij de deur valt. Hoe kun je dan nog iemand verleiden? Met dat gegeven speelde ik.''

De keuze van de chansons begint met het zoeken van een tekst in de bibliotheek: ,,Dan zoek ik de muziek erbij, of dan maak ik de muziek erbij.'' Dat laatste doet ze op de piano. Met haar ideeën stapt ze naar arrangeur Sebastiaan Koolhoven en naar haar musici. Ro Krauss zegt daarover: ,,Soms zegt ze `ik weet het nog niet precies, maar willen jullie zoiets proberen'. Dan praten we er allemaal over, echt allemaal – en dat kan lang duren.''

Zo wilde Snijders `Telkens weer' in het Frans opnemen, vertelt Krauss: ,,Dat nummer heb ik met het Metropole Orkest echt 100.000 keer gespeeld. Dus als ze gewoon naar ons was toegestapt, hadden we haar hard uitgelachen. Maar ze had er een Franse tekst op gemaakt, en Sebastiaan Koolhoven een behoorlijk goed arrangement. Toen zijn we aan de slag gegaan en hebben we samen echt iets goeds gemaakt. Het is haar gave om in zo'n nummer de mogelijkheden te zien.''

Snijders hangt erg aan klassieke beroemde chansons van na de oorlog. ,,Bij het maken van de cd probeerde Hubert Poell om Snijders ook kennis te laten maken met modernere Franse muziek: ,,Haar materiaal voor de cd was wel heel erg veel ijzeren repertoire. Ik heb haar veel laten horen en uiteindelijk heeft ze haar eigen keuze gemaakt. Toen zijn er wat chansons verdwenen, maar ook weer andere nummers uit het ijzeren repertoire bijgekomen.''

Codes

Poell heeft een fantastische cd-collectie, vindt Snijders. ,,Hubert zette mij op de bank en liet me dingen horen. Ik vond het wel grappig.'' Grappig? ,,Nou ik was liever alleen wat gaan zoeken tussen al die cd's.'' Dat is nu eenmaal haar manier: ,,Als je zo op andermans werk gaat letten, dan zit je je eigen zoektocht in de weg. Ik wil worstelen, vallen en zelf opstaan.''

Dat bleek ook bij de opnamen met het Metropole Orkest voor haar cd, vertelt Poell. ,,Zoals Wende omging met de dirigent, dat heb ik nooit eerder gezien. Een zangeres vraagt wel eens wat aan een dirigent, maar Wende liet gewoon het orkest stoppen als het niet zo klonk als zij wilde. Ze ging die dirigent vertellen hoe ze het gedirigeerd wilde hebben. Wende deed dat op zo'n aardige, respectvolle manier dat het orkest het accepteerde.''

Nou ja, zegt Snijders: ,,Ik ken de codes niet; ik heb geen conservatorium gedaan, waar over een dirigent wordt gesproken als over een verheven persoon. Dirigent Arjen Tien van het Metropole Orkest is daarbij een heel aardige, grootse persoonlijkheid, die mij alle ruimte liet om te zeggen: ik denk dat dit mooier is. Of: ik bedoel eigenlijk dit. Ik heb nu eenmaal precies in mijn hoofd hoe ik het wil. Bij een goed gedicht kun je ook geen woord weghalen.'' Perfectionisme? Nee, beklemtoont ze: ,,Dat betekent dat er geen fouten gemaakt mogen worden. Ik wil juist altijd ruimte. Fouten zijn ook mooi.''

Nogmaals Nieuwegein. Snijders heeft de try-out doorgesproken met haar muzikanten, de regisseur en de arrangeur. Ze wil er niets over zeggen: ,,Ik wil eerst nadenken over de opmerkingen van de anderen.'' De voorstelling weerspiegelt in al zijn variatie – naast de chansons en monologen ook een Engelstalig lied en geprojecteerde videobeelden – de voortdurende zoektocht van Snijders. ,,Ik scheur artikelen uit de HP/De Tijd, lees gedichten van Antjie Krog, ga naar films, zoals net naar Supersize me'', vertelt Snijders.

Waartoe deze zoektocht zal leiden in de toekomst, weet Snijders niet. ,,Ik zou wel willen werken met een jonge Nederlandse dichteres. Dat zij teksten maakt die ik op muziek zet.'' Dan gaat ze dus ook in het Nederlands zingen? ,,Mogelijk, maar ik wil mij niet nu al beperken. Eerst komt deze tour.'' In elk geval zullen Snijders en haar muzikanten meer eigen muziek gaan spelen, verwachten zij. ,,Ik heb weinig repertoire, maar wel honderd nummers die nog niet klaar zijn. Die moet ik een keer afmaken.'' Daar kan de arrangeur toch bij helpen? Snijders: ,,Dat gebeurt ook, maar sommige dingen wil ik gewoon zelf doen.''

De tournee `Wende' van Wende Snijders met haar begeleidingsband begint op 28 september in de Kleine Komedie in Amsterdam en loopt tot en met januari 2005. De voorpremière is 27 september. Vanavond, morgen en overmorgen zijn er nog try-outs. Informatie via www.wende.nu of tel. 0900-9203/0191

`Ik wil juist

geen boodschap overbrengen'

`Ik wil worstelen, vallen en zelf opstaan'