`Geen nieuwe WW-plannen'

De Werkloosheidswet (WW) zal deze kabinetsperiode niet verder worden aangepakt dan in de miljoenennota is besproken. Dat bleek gisteren uit een debat waarin de Tweede Kamer minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) en minister De Geus (Sociale Zaken, CDA) ter verantwoording riep. Brinkhorst nam eerder die dag in de Volkskrant de stelling in dat er in het kabinet nog doorgepraat wordt over de WW. Dat leek in tegenspraak met uitspraken van De Geus, die vorige week aankondigde dat het kabinet de wet verder met rust zou laten.

Brinkhorst zei met zijn uitspraken te willen aangeven dat ,,de discussie in het land'' nog aan het begin staat, maar dat het ,,niet erg waarschijnlijk'' is dat er deze kabinetsperiode nog verder over de loop en de duur van de Werkloosheidsuitkering wordt gesproken. Kamerlid Dittrich (D66) riep op vooral ,,niet te stoppen met nadenken'', en dus ook niet met praten over de sociale zekerheid in de toekomst.

Het kabinet wil toetreding tot de WW moeilijker maken. Nu heeft een werknemer recht op een uitkering als hij minimaal 26 van de afgelopen 39 weken gewerkt heeft. Volgens de kabinetsplannen wordt dit verschoven van 39 uit de laatste 52 weken. Daarnaast wil het kabinet de vergoeding die een werknemer bij ontslag krijgt, een zogenaamde `gouden handdruk', van de Werkloosheidsuitkering aftrekken. Volgens werkgeversvereniging VNO-NCW wordt het hierdoor te moeilijk om iemand te ontslaan. Een werknemer zal zich dan namelijk veel meer verzetten.

Gisteren bleek dat naast de linkse oppositie ook de fractie van het CDA kritiek heeft op de voorgenomen ontslagregeling. De CDA-fractie wil dat een ontslagen werknemer het recht houdt om één jaarsalaris mee te krijgen, zonder dat dit bedrag van de uitkering afgehouden wordt.