Geen geld, gestaakte duels, kan dat niet anders?

Amateurclubs in de grote steden gaan gebukt onder problemen. Gebrek aan geld en vrijwilligers, geweld op het voetbalveld. ,,Je ontmoet elkaar iedere zondag. Kan dat nou niet anders?''

Wanneer Paul Verweel op maandagochtend door de gangen van de Utrechtse universiteit loopt, zoekt hij geregeld eerst zijn collega Shams Raza op. Om over voetbal te praten. Niet over Ajax of FC Utrecht, maar over de lokale amateurclubs. ,,Als ik in de krant heb gelezen dat een wedstrijd uit de hand is gelopen, wil ik direct de voorzitters van de twee clubs bijelkaar roepen om te kijken wat er is gebeurd'', zegt de hoogleraar management & organisatie.

De directe aanpak is tekenend voor de werkwijze van de Vereniging Sportbelang Utrecht, een koepelorganisatie van de lokale sportclubs, waarvan Verweel voorzitter is. ,,Drie jaar geleden zagen we steeds meer gedoe op de velden. Rode kaarten, gestaakte wedstrijden. Toen zijn we eens gaan praten. Je ontmoet elkaar iedere zondag op de velden. Kan dat nou niet anders? Maar we wilden bewust geen cursussen, geen dikke plannen van aanpak. Gewoon creatief en volhoudend zijn en zoveel mogelijk begeleiding bieden, liefst met inzet van allochtonen.''

Allereerst werd met de allochtone verenigingen (drie Turkse, twee Marrokaanse en twee Surinaamse) afspraken gemaakt om de problemen te beteugelen. Later kwamen daar de verenigingen bij die actief zijn in de vijfde en zesde klasse van het amateurvoetbal: gezamenlijk is het convenant `Onderweg naar morgen' ondertekend. ,,Met vijftien clubs hebben we uitgebreide afspraken gemaakt'', zegt Shams Raza, cursusleider bij de Utrechtse universiteit en ook projectleider van `Onderweg naar morgen'. ,,Die afspraken gaan over de gastvrijheid voor scheidsrechters, over het melden van een royement van een speler of over het op orde brengen van de ledenadministratie of de financiële situatie. Door meer onderling contact tussen de besturen willen we het vertrouwen vergroten.''

Raza is van Pakistaanse afkomst en dat is volgens hem een voordeel bij de benadering van allochtonen. Veel van de problemen ontstaan door vooroordelen, door gebrek aan informatie. Mooi voorbeeld daarvan is volgens hem het verschijnsel dat allochtone ouders minder geneigd zijn tot vrijwilligerswerk. De kinderen worden op de parkeerplaats afgezet en dat is het. ,,Dat klopt soms, maar het wordt die ouders ook onvoldoende duidelijk gemaakt hoe zo'n vereniging werkt. Ik was ooit bij een bijeenkomst voor ouders van jeugdleden. Eén vader klaagde steeds dat zijn zoon van twaalf jaar voortdurend werd gediscrimineerd. In de pauze ben ik naar hem toegegaan: ik vroeg hem, hoe kan je nu je zoon in handen geven van racisten en zelf weer naar huis rijden? Hij heeft de boodschap opgepakt en die man is nu een enthousiaste jeugdleider.''

Juist om nieuwe vooroordelen te voorkomen betreurt Raza dat de KNVB clubs in categorieën indeelt, al naar gelang de problemen. Wie in B of C zit, krijgt actieve begeleiding. ,,Ik weet dat de bond die indeling alleen maar intern wil gebruiken, maar in de praktijk lukt dat niet. Als een vereniging steeds een mijnheer van de KNVB over de vloer krijgt, weet iedereen dat je in de probleemcategorie zit.''

De aanpak van VSU lijkt resultaat op te leveren. Sport-wethouder Hans Spekman van Utrecht is voorzichtig. ,,Je ziet dat er minder problemen zijn, maar ik kan het nog niet kwantificeren. Je merkt dat een club sterker staat door zo'n convenant, bijvoorbeeld wanneer hij onder druk wordt gezet een geschorste speler toch te laten spelen. Ik heb me er als voetballer altijd aan geërgerd dat bij de ene club meer kan, dan bij de ander.''

In elk geval is het aantal rode kaarten in de Utrechtse regio in vergelijking met twee seizoenen geleden iets teruggelopen. Maar nog dit weekeinde werd een scheidsrechter na het staken van een wedstrijd in elkaar geslagen en zijn twee spelers gearresteerd. Honderden wedstrijden moeten worden gestaakt. En de problemen liggen niet alleen op het veld. Volgens gegevens van de KNVB kampt 40 procent van de verenigingen in de grote steden met financiële problemen. Nog eens 40 procent zou verlies lijden wanneer de noodzakelijke reserveringen (voor toekomstige uitgaven) zouden worden getroffen. Verder kampt minstens driekwart van de grote-stedenclubs met een groot tekort aan vrijwilligers.

,,Bij veel verenigingen zit het gewoon niet goed. Vaak is het in de grote steden een combinatie van problemen. Ledenaantallen lopen terug, inning van contributies is een probleem, terwijl je hoognodig de accomodatie moet verbeteren'', zegt beleidsmedewerker Mark van Berkum van de KNVB.

Over het algemeen ontbreekt volgens de bond de benodigde kennis en is er een tekort aan handen. ,,Om in de leemte van kennis te voorzien hebben we een blauwdruk geschreven waarin oplossingen worden aangedragen voor bepaalde problemen. Verder gaan we, in samenspraak met de grote gemeentes, actief de clubs ondersteunen. Het is niet zo dat we van nul beginnen, want met veel verenigingen was er al contact.'' Om die reden noemt Van Berkum het meningsverschil met de VSU over de indeling in klassen ,,een schijntegenstelling. We werken al goed samen. En de clubs moeten ons niet als bedreiging zien, maar als hulp.''

Voorzitter Gerard Houterman van de Utrechtse vereniging Sporting'70 verwelkomt de initiatieven van KNVB en VSU. Als club in de vijfde klasse heeft hij ook het convenant gesloten. ,,Het is nog vroeg om al iets over de effecten te zeggen. Het initiatief is positief, maar wat me tegenvalt is dat een aantal clubs niet meedoet en de kop in het zand steekt. En als er weer iets voorgevallen is, bekruipt me eerlijk gezegd soms het gevoel `waar doen we het allemaal voor?'''

    • Erik van der Walle