Druk op Blair na oproep

De dramatische oproep van de Britse gijzelaar Kenneth Bigley aan Tony Blair dat hij de enige is die zijn leven nog kan redden, zet de premier psychologisch en politiek opnieuw verder onder druk over de Britse deelname aan de oorlog in Irak.

Dat Blair tijdens de jaarlijkse Labour-conferentie volgende week de bakens kan verzetten naar binnenlandse onderwerpen, lijkt zelfs als Bigley (62) zou vrijkomen een illusie. Een groep backbenchers denkt genoeg steun te hebben om de conferentie een motie te laten aannemen die vaststelt dat de Brits-Amerikaanse aanwezigheid in Irak is uitgemond in het ,,verkrachten van het elementaire recht op leven en de vrijheid van meningsuiting van het Iraakse volk'' en oproept om de troepen terug te trekken. De oppositionele LibDems, die dankzij hun afwijzing van de oorlog op winst staan, willen dat troepen begin 2005 terugkomen.

Een woordvoerder van Blair zei dat er ondanks het ,,afschuwelijke persoonlijke verhaal'' van Bigley algemeen steun bestaat voor het standpunt van Downing Street om niet met terroristen te onderhandelen. Maar Bigley's broer Paul denkt daar anders over. ,,Als ik mijn broer verlies, moet hij aftreden'', zei hij. ,,Het is ziekmakend om Blair te horen zeggen dat hij niet met terroristen onderhandelt.'' Deelnemers aan een discussieforum van de BBC over dat onderwerp zijn grofweg langs dezelfde lijnen verdeeld.

In een gezamenlijke verklaring hebben Akbar Ali, voorzitter van de moskeeën in Liverpool, en James Jones, de bisschop van Liverpool, gisteren gezegd dat de terroristen ,,niet het recht hebben te zeggen dat ze in naam van God handelen.'' ,,Het nemen van gijzelaars en ze vermoorden is compleet on-islamitisch'', aldus de twee. Ze zeiden te hopen dat de relaties tussen de gemeenschappen in hun stad niet slechter worden.