Berlijn geeft fouten in Kosovo toe

In Berlijn is toegegeven dat de Duitse troepen in Kosovo slecht voorbereid en slecht uitgerust waren toen ze in maart in Kosovo met anti-Servische rellen werden geconfronteerd.

In een rapport van het ministerie van Defensie, dat gisteren werd overhandigd aan de parlementscommissie voor defensie, werd een reeks tekortkomingen toegegeven. Over het rapport ontstond in de commissie niettemin opschudding, omdat een intern rapport van het ministerie, waarin uitgebreider over de tekortkomingen wordt bericht, niet was overhandigd. Dat gebeurde pas op uitdrukkelijk verzoek van leden van de commissie. Minister van Defensie Peter Struck zou ,,geërgerd'' hebben gereageerd toen hem om dat interne rapport werd gevraagd.

Het ministerie gaf toe dat fouten zijn gemaakt bij de selectie en de opleiding van de Duitse soldaten. Ze bezaten geen schilden en wapenstokken en ze hadden ook geen traangas om op te treden tegen Albanezen die op 17 maart op veel plaatsen in Kosovo, waaronder Prizren, waarde Duitsers zijn gelegerd, Serviërs aanvielen en verdreven. Er waren geen crisisplannen, de samenwerking met de VN-politie en met het VN-bestuur schoot tekort, er was geen helderheid over het eigen mandaat, de Duitse militairen bleken onvoldoende Engels te spreken en ,,het vermogen om in multinationale staven samen te werken was kennelijk onvoldoende'', zo werd erkend. Verder onderschatte de leiding van het Duitse KFOR-contingent de spanningen tussen Serviërs en Albanezen.

Daar komt bij dat de militaire en politieke leiding van het Duitse leger de tekortkomingen maandenlang verzweeg of bagatelliseerde. Pas na maanden werd erkend dat de Duitse militairen ,,slechts over beperkte capaciteiten'' beschikten ten aanzien van de bescherming van gebouwen en personen. Zelfs minister Struck werd niet behoorlijk geïnformeerd – dat in Prizren een Serviër werd vermoord tijdens de rellen werd bijvoorbeeld nooit aan Struck of zijn plaatsvervanger meegedeeld: zij werden dor journalisten geïnformeerd.

Volgens het ministerie zijn de tekortkomingen inmiddels geheel of voor het grootste deel verholpen.

Bij rellen vielen in Kosovo negentien doden en vijfhonderd gewonden en werden 3600 Serviërs verdreven. Ook werden bijna driehonderd huizen van Serviërs en dertig kerken en kloosters in brand gestoken. De Serviër die in Prizren omkwam, werd gevonden in een afgebrand klooster.