`Soedan is kampioen verdeel-en-heers'

De VS en de VN oefenen druk uit op Soedan om orde op zaken te stellen in Darfur. Maar Soedan zorgt voor tegendruk. Met het vredesoverleg in Zuid-Soedan heeft Khartoum een machtig wapen.

Alle buitenlandse druk ten spijt heeft de Soedanese regering nog steeds de overhand in Darfur. De Janjaweed wordt niet ontwapend en de aanvallen van deze Arabische militie, soms samen met het regeringsleger, op Afrikaanse burgers gaan door. Om druk uit te oefenen op Amerika en West-Europese landen die sancties willen tegen Soedan, heeft de regering bovendien het twee jaar oude vredesoverleg over Zuid-Soedan stilgelegd.

Leiders van de door de regering in Darfur opgezette Janjaweed maken deel uit van de bevelsstructuren van het Soedanese leger en van een landelijke militie, de Volksdefensie strijdkrachten (PDF). Sinds de Verenigde Naties hebben geëist dat alle Janjaweed worden ontwapend en de leiders berecht, heeft de regering veel van deze militiestrijders in de politie, het regeringsleger en de PDF opgenomen. De regeringsstrijdkrachten blijven rekenen op de Arabische militie in hun strijd met de twee rebellengroepen in Darfur. Vooraanstaande leiders van de Janjaweed, zoals Musa Hilal, hebben nog steeds eigen militaire kampen en er wordt hen geen strobeeld in de weg gelegd bij hun aanvallen op Afrikaanse dorpen waar de rebellengroepen hun steun vandaan halen.

De regering volhardt in haar analyse dat het conflict in Darfur een probleem is tussen (Afrikaanse) landbouwers en (Arabische) nomaden. Ze organiseerde vorige maand een vredesconferentie in Darfur voor traditionele stamhoofden om het vredesoverleg in het Nigeriaanse Abuja met de twee rebellengroepen te ondermijnen. Tegelijkertijd begon de regering besprekingen in Kairo met alle Soedanese gewapende en niet gewapende oppositiegroepen. Aan dit overleg doen veel partijen mee die zijn gekant tegen gescheiden vredesovereenkomsten met rebellen in Darfur of in Zuid-Soedan.

,,De regering gebruikt altijd de verdeel-en-heers tactiek'', concludeert een Soedanese waarnemer in de hoofdstad Khartoum. ,,Zowel internationaal als in het binnenland. In de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties slaagde ze er in China en de islamitische landen uit te spelen tegen Amerika. In Kairo probeert ze de binnenlandse oppositie te versplinteren.''

De humanitaire situatie in Darfur is, voor zover controleerbaar in dit grote en gevaarlijke gebied, minder slecht dan enkele maanden terug. Maandenlang liet de regering nauwelijks buitenlandse hulp toe maar sinds juni wemelt het er van de hulpverleners. De regering hamert steeds weer op deze vooruitgang en de hulpverleners, die zich niet politiek durven op te stellen, kunnen die alleen maar bevestigen. ,,De hulpverleners zijn deel van het probleem geworden'', kritiseert Al Hag Kheir, een ontwikkelingsconsultant in Khartoum. ,,De hulpverleners eisen dat ze vrij mogen opereren, en dat gaat ten koste van de druk op het regime om in het hele land te democratiseren. Voor de noordelijke oppositiepartijen heeft de buitenlandse druk in verband met Darfur averechts gewerkt. De regering kan versterkt tevoorschijn komen uit de crisis in Darfur.''

De veiligheidszones voor verdreven Afrikaanse dorpelingen die de regering in overleg met de VN instelt, zijn gunstig voor de overheid. Allang vóór de Veiligheidsraad eisen ging stellen aan Khartoum had de regering een dergelijk plan opgesteld. Net als bij vorige oorlogen – zoals begin jaren negentig in de Nubabergen – blijken deze zones een effectieve manier voor het regeringsleger om steden te beschermen tegen rebellen en potentieel opstandige ontheemden te controleren.

De regering bezit één belangrijke troefkaart in haar conflict met Amerika en Europa: het vredesproces in Zuid-Soedan. Na twee jaar moeizaam onderhandelen in aanwezigheid van westerse gezanten tekende Khartoum in mei in het Keniase Naivasha een principeakkoord met het Soedanese Volksbevrijdingsleger (SPLA) van John Garang. Uit onvrede over de internationale druk in verband met Darfur heeft de regering de afhandeling van dit vredesakkoord nu stilgelegd. Twee keer in de afgelopen weken weigerde Soedans sterke man, vice-president Ali Osman Taha, naar Naivasha af te reizen om het verdrag te voltooien.

,,Het is moeilijk voor de regering om naar de besprekingen in Naivasha terug te keren om een eindakkoord te sluiten zolang John Garang niet ophoudt met het steunen van de rebellen in Darfur'', dreigde eerder deze maand Qutbi al-Mahdi, een adviseur van president Bashir. Het SPLA van John Garang, dat in 1983 de wapens opnam in Zuid-Soedan, was niet betrokken bij de start van de rebellie in het westelijke Darfur begin vorig jaar. Het SPLA onderhoudt inmiddels wel goede contacten met de rebellen in Darfur maar SPLA-rebellenleiders willen niet dat het conflict in Darfur hun overeenkomst met de regering torpedeert.

Soedan kent vele gewapende conflicten. Het principe-akkoord van Naivasha voor het zuiden is een serieuze poging het zuidelijke conflict te beslechten door middel van vergaande autonomie en een referendum over onafhankelijkheid. Nooit eerder sinds de onafhankelijkheid in 1956 werd er zo'n uitvoerig vredesakkoord gesloten. Onderdelen van dit akkoord kunnen de spil vormen voor de oplossing van het conflict in Darfur. Volgens de overeenkomst van Naivasha worden inkomsten uit de oliewinning gedeeld tussen Noord- en Zuid-Soedan, gaat het SPLA onderdeel uitmaken van de regering in Khartoum en krijgt John Garang de post van vice-president.

De opdoemende vrede in het zuiden waarvoor Amerika zich zo hard heeft ingespannen, loopt nu ernstig gevaar. De regering is begonnen de sinds twee jaar gedoofde strijd in het zuiden weer aan te wakkeren, en zet daarmee Washington onder druk. De militaire veiligheidsdiensten hebben rond de zuidelijke stad Malakal tribale milities opgezet tegen het SPLA en passen nu de strategie van de verschroeide aarde toe. Duizenden dorpen zijn er de afgelopen maanden platgebrand en tienduizenden Zuid-Soedanezen raakten ontheemd. Net als in Darfur.