`Shari'a in Nigeria is politiek instrument'

Sinds de invoering van de shari'a, het islamitisch strafrecht, vier jaar geleden in twaalf noordelijke deelstaten van Nigeria, zijn zeker tien mensen ter dood veroordeeld. Tientallen mensen werden bestraft met amputatie of stokslagen. Dat staat in het vandaag verschenen rapport Political Shari'a?: Human Rights and Islamic Law in Northern Nigeria van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch.

Volgens het rapport hadden de meeste verdachten geen advocaat, waren de meeste rechters niet voldoende juridisch geschoold en werden veel bekentenissen afgedwongen door marteling. De rechtbanken zouden zich ook schuldig maken aan discriminatie van vrouwen. Daarbij gaat het met name om processen waarbij overspel en buitenechtelijke seks in het geding zijn. Aan de bewijslast bij mannelijke verdachten worden veel zwaardere eisen gesteld dan bij vrouwen. Het verweer van vrouwelijke verdachten in overspelzaken dat zij zijn verkracht, wordt zelden onderzocht.

Volgens Human Rights Watch gebruiken gouverneurs in de noordelijke deelstaten het islamitisch recht als politiek instrument. Ze hebben ordetroepen ingesteld, zogeheten hisbah, die op naleving van de shari'a moeten toezien. Vrouwen die zich niet houden aan de kledingcode, worden door die ordetroepen lastiggevallen. Nigeriaanse tegenstanders van de shari'a durven zich niet uit te spreken. Ze zijn bang als `anti-islamitisch' te worden bestempeld.