Onbekend spel met beroemde titel

Een directe aanval op Jezus Christus, zei een Amerikaanse dominee. Deze krant citeerde hem in een artikel over feiten en fictie in De Da Vinci Code, een wereldbekende thriller van Dan Brown. Christelijke lezers vallen van hun geloof als ze het lezen, vreest de dominee.

De directe aanval is nu te koop in speelgoedwinkels. Da Vinci code – `De internationale bestseller!' staat misleidend op de doos – is in Nederland genomineerd voor de titel Speelgoed van het Jaar 2004. Het is een nieuw gezelschapsspelletje. Maar een potje blasfemie in huiselijke kring is het niet. De spellenfabrikant maakt alleen handig gebruik van de bekendheid van titel van het boek. Geen dominee kan zich storen aan de doos. Er zitten twee zakjes in met lege laatjes uit luciferdoosjes, maar dan uitgevoerd in zwart en wit plastic. In elk laatje staat een cijfer. Spelers hebben er wat hersens bij nodig, maar lang niet zoveel als schaken vraagt, of dammen.

Men heeft mij in het verleden wijs willen maken dat het goed is om moeilijke spellen te leren spelen. Voor de ontwikkeling van de hersenen en het verkrijgen van strategisch inzicht waarmee ik de wereld kan veroveren. Daarom moest ik op een jeugdschaakclub waarvan de voorzitter verkondigde dat we nu op het punt stonden intelligent te worden. Ik heb er niets van gemerkt en dat komt mogelijk door mijn verzet tegen de voorzitter zelf. Die was in mijn ogen te dom voor de reservepolitie. En wie zat uitgerekend bij de reservepolitie? Hij. En thuis had hij een geweer, zei hij.

Daarom geloof ik niet dat iemand die schaken kan daar vanzelf ook buiten het schaakbord profijt van heeft.

Het spel Da Vinci code is geschikt, zegt de doos, voor kinderen vanaf 8 jaar. Ze moeten proberen elkaars `code te kraken'.

Spelers kiezen blind vier bakjes uit alle bakjes van het spel die met de cijfers naar beneden op tafel liggen. Vier plastic luciferdooslaatjes zetten ze met de cijfers naar zich toe rechtop voor zich. Naast elkaar in volgorde van lage cijfers naar hogere. Het zijn de cijfers van 0 tot 11 in wit en in zwart. Witte en zwarte kunnen willekeurig door elkaar opgepakt worden.

Te kraken valt er dan nog niets. De speler die de eerste beurt loot moet bij een andere speler een bakje aanwijzen en raden welk cijfer daar in staat. Raadt hij goed dan wordt dat bakje met het cijfer voor iedereen zichtbaar op tafel gelegd. Uit de reservevoorraad wordt bij elke beurt een nieuw laatje met een cijfer gepakt dat ook zichtbaar op tafel komt te liggen als de speler die het pakte niet goed raadde.

De spelregels overschrijven is op deze plek niet te doen. Maar het spel komt er op neer dat hoe meer cijfers voor iedereen zichtbaar zijn, hoe makkelijker het wordt om andermans verborgen cijfers te raden. Het stomme raden van een cijfer gaat langzaam over in inzicht. Wie het best twee keer twaalf cijfers tegelijk in zijn kop weet vast te houden en ziet welke witte en zwarte cijfers nog niet openbaar op tafel liggen wint het spel. En kijkt triomfantelijk neer op zijn zusje die het natuurlijk weer eens niet zo goed kon. Een directe aanval op je zusje dus.

Nou vond ik van schaken de stukken het mooist. Ik keek er graag naar en voelde er aan, de toren deed ik wel eens in mijn mond, die karteltjes! Da Vinci code kost bijna 13 euro. Daar hadden ze toch op zijn minst heel mooie cijferblokken voor kunnen maken. Maar wat een lelijke cijfers. Een 0 als een ei, de 8 zakt door zijn heupen, een 5 van het balkon gevallen en nooit eerder zag ik zo'n lelijke 3.

Hoeft dat soms niet in het speelgoed, je best doen?