Na de zege volgt desertie - hoopt Yudhoyono

De Indonesische kiezer heeft zijn keuze voor `SBY' los van partijbanden of ideologie gemaakt. Het vrijgevochten stemgedrag van Indonesië.

Sinds gistermiddag voeren Indonesische politici een schijnvertoning op. Iedereen weet wie er gewonnen heeft, maar de winnaar eist zijn zege nog niet op en de verliezer zwijgt. Van zeven uur 's morgens tot één uur in de namiddag mochten 153 miljoen burgers voor het eerst rechtstreeks een president kiezen. Om 16.00 uur plaatselijke tijd, drie uur na het sluiten van de stembureau's, kwam een gerespecteerd onderzoeksinstituut met een eerste prognose van de uitslag.

Uitdager Susilo Bambang Yudhoyono, beter bekend als `SBY', krijgt ongeveer 60 procent van de stemmen en de zittende president, Megawati Soekarnoputri, 40 procent. Toen vanmiddag de helft van de stemmen was geteld, week het resultaat alleen achter de komma af van de voorspelling. Pas op 5 oktober wordt de officiële uitslag bekendgemaakt.

Als er tussen een geloofwaardige prognose en de einduitslag een kloof van twee weken gaapt, moeten betrokkenen zelf uitmaken wanneer zij zwichten voor het onvermijdelijke. Neem Akbar Tandjung, voorzitter van het parlement en politiek leider van Golkar, sinds april de grootste partij. Hij gaf in augustus alle afdelingen opdracht te ijveren voor herverkiezing van Megawati, maar kwam gisteren bedrogen uit. Tandjung zei vanmorgen dat ,,SBY lijkt te winnen'', maar dat ,,nog niets zeker is''. Hij is pas overtuigd als de Nationale Kiescommissie 60 procent van de stemmen heeft geteld.

De gedoodverfde winnaar, SBY, hield gisteravond een toespraak die hij een ,,dankzeggingsrede, geen overwinnings-speech'' noemde. ,,Als verkiezingen zo soepel verlopen, is dat een overwinning van het volk'', zei hij. Hij bracht president Megawati een saluut ,,omdat zij een goede basis heeft gelegd voor democratisering van Indonesië''. Hij zei ook dat hij op korte termijn zijn keuze voor drie sleutelposten in het kabinet – Financiën, Staatsbedrijven en de procureur-generaal – bekend zal maken en binnen tien dagen zijn voltallige ministersploeg zal presenteren.

Alle kandidaten moeten volgens SBY beschikken over ,,integriteit, gebleken capaciteiten en ervaring en, het allerbelangrijkste, schone handen''. Megawati struikelde, omdat haar beleid van macro-economische stabilisering geen lotsverbetering voor het volk bracht. Het land heeft nog steeds de hoogste inflatie van de regio, het onderwijs wordt steeds duurder en de werkgelegenheid is verder geslonken. Zij maakte ook geen werk van corruptiebestrijding. Grote dieven uit de staatskas bleven op vrije voeten, het vervolgingsbeleid was halfslachtig en veel partijgenoten maakten zich schuldig aan graaigedrag. Als president bleek Megawati zwijgzaam, afstandelijk en allergisch voor kritiek.

Golkar, de PDI-P en enkele kleinere formaties sloten in augustus een Nationale Coalitie, die Megawati aan de overwinning moest helpen. Hun partijen haalden bij de parlementsverkiezingen in april samen een meerderheid en de leiders dachten dit gisteren nog eens dunnetjes over te doen. Dat bleek een ernstige misrekening. De kiezers vergeleken de staat van dienst van Megawati met het programma van SBY, die `verandering' belooft, en vonden de vlot communicerende, vriendelijke SBY een aantrekkelijker kandidaat dat de zittende president. Zij maakten hun keuze ongeacht partijbanden of ideologische voorkeuren en zaagden zo aan het onderstel van de gevestigde partijen.

Het vrijgevochten stemgedrag bij deze eerste rechtstreekse presidentsverkiezingen wijst op ontvoogding van de kiezer, maar draagt ook gevaren in zich. Toen Akbar Tandjung gisteren zijn stem uitbracht, zei hij: ,,Als onze kandidaat verliest, zal de Nationale Coalitie in het parlement één lijn trekken. Oppositie is hier niet zo populair; ik spreek liever van een parlementair tegenwicht.'' Hij zei ook dat Golkar, als SBY wint, geen ministers zal leveren voor het nieuwe kabinet. Als hij de daad bij het woord voegt, dreigt een verlammende patstelling te ontstaan tussen een populaire president, die legitimiteit ontleent aan zijn ruime verkiezingswinst, en een hem ongunstig gezinde meerderheid in het parlement.

Maar het kan ook meevallen. Indonesische partijen hebben geen ervaring met oppositie voeren. De politiek is sterk georiënteerd op `het paleis', want dat vergeeft machtsposities en de bijbehorende budgetten, en oppositie levert weinig op. Menig Golkarlid liep na de verkiezingen van 1999 over naar de PDI-P van Megawati, toen die als overwinnaar uit de bus kwam. Akbar Tandjung moet zich in het najaar verantwoorden voor een partijcongres en de messen worden nu al geslepen. Het is ook de vraag of Megawati na haar nederlaag partijvoorzitter blijft. Zo niet, dan heeft de PDI-P niet langer een bindende persoonlijkheid en zijn deserties te verwachten.

    • Dirk Vlasblom