Meer bèta op scholen

Op vijf middelbare scholen in Groningen wordt volgend schooljaar op havo en vwo het nieuwe vak `technasium' ingevoerd. Doel van het vak is om een betere verbinding tot stand te brengen tussen bètavakken op school en wetenschap en bedrijfsleven. Het vak is bedacht door docent Nederlands B. Wanders en zijn vrouw J. Lechner, die werkzaam is als onderwijsinnovator op een Regionaal Opleidingen Centrum in Groningen.

Volgens Wanders hebben bèta-vakken op havo en vwo nu vrijwel geen verband met de beroepspraktijk. Voor het project is een subsidie van 200.000 euro beschikbaar gesteld in het kader van het Deltaplan bèta en techniek. Daarin werken de ministeries van Economische Zaken, Sociale Zaken en Onderwijs samen om het bèta- en technisch onderwijs aantrekkelijker te maken voor leerlingen.

In de onderbouw werken leerlingen twee dagdelen per week (zes lesuren) aan een zeven weken durend project, dat is gebaseerd op de beroepspraktijk van bèta en techniek. ,,Ze kunnen bijvoorbeeld een ontwerper, architect, ingenieur of een bedrijf bezoeken'', aldus Wanders, ,,en moeten projectopdrachten uitvoeren. In de bovenbouw kunnen leerlingen zich verder verdiepen in beroepen die ze zelf kunnen uitkiezen. Het eindexamen bestaat uit het uitvoeren van een meesterproef, die wordt beoordeeld door deskundigen vanuit de beroepspraktijk of een vervolgopleiding.

Het idee voor het technasium ontstond vorig jaar. In juni sloten vijf scholen voor voortgezet onderwijs een convenant met de stichting technasium, om met ingang van volgend schooljaar deze leerstroom voor ten minste vier jaar te gaan geven. Niet uitgesloten wordt dat het technasium op den duur een apart schooltype wordt.

Op de universiteiten van Leiden en Eindhoven bestaan vergelijkbare initiatieven. Daar worden scholieren van havo en vwo door medewerkers van de universiteit gedurende enkele dagen klaargestoomd voor de schoolexamens in het bijzonder in de technische en bèta-vakken. In Leiden gaat het om een paar duizend leerlingen per jaar.