Klankgeheugen

Mijn ogen kunnen het Rotterdam van mijn jeugd nauwelijks herkennen. Veel herinneringen liggen vermorzeld onder verlegde straten en nieuw geplante gebouwen. Ik ben er niet meer thuis. Wat doe ik hier nog?

Dan kom ik – in het oude noorden – langs een kleine winkel met een etalage vol stof en dode vliegen. Er liggen schroeven uitgestald, een gootsteenplopper, een gebruikte handtas en een zuigfles met een halfvergane speen. Op de vergeelde prijskaartjes zijn de oorspronkelijke bedragen doorgekrast en vervangen door lagere. De eigenaresse, die mij bespied heeft, komt in de deuropening staan, wijst op de handtas en zegt in plat Rotterdams: ,,Leg niet te emmere, neem mee die tas!'' Ik voel mij weer helemaal thuis.