Polen wil niks weten van Duitse claims

In Duitsland is steeds meer aandacht voor Duitse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Voor de Polen is dat voorlopig niet acceptabel.

Het begon als een theekransje. Maar de gezelligheid is er wel van af. Er hangt nu een oorlogsstemming. Benedykt Wietrzekowski richtte in 1997 een vereniging voor Poolse oorlogsslachtoffers op in de havenstad Gdynia. ,,We wilden bij elkaar komen om over de oorlog te praten, met een kopje koffie of thee erbij'', zegt Benedykt. ,,Dat is alles.''

Maar sinds kort is de vereniging ook op – juridisch – oorlogspad tegen Vertriebenen, Duitsers die na de oorlog op last van de geallieerden werden verhuisd uit Poolse of Pools geworden gebieden. Een kleine groep van Vertriebenen en hun erfgenamen eist nu de huizen op die destijds moesten worden achtergelaten en die nu door Polen worden bewoond, Polen die vaak zelf ook werden verdreven uit oostelijke, door de voormalige Sovjet-Unie afgepakte gebieden.

In Gdansk, dat voor de oorlog Dantzig heette, is al één pand weer in Duitse handen gekomen, na een lange rechtszaak. In het nabijgelegen Gdynia, waar 15 procent van de bevolking voor de oorlog Duits was, dreigen soortgelijke scenario's. En ook in de westelijke, vroeger Duitse provincies van Silezië en Pommeren wonen honderden Polen met een zwaar gemoed.

De woede over de claims is groot. Het Poolse parlement gaf hieraan vorige week gehoor, met een unaniem aangenomen motie. Daarin staat dat Polen niets verschuldigd is aan Vertriebenen. Bovendien roept het parlement de regering op om alsnog herstelbetalingen te eisen van Duitsland, voor de door de nazi's aangerichte schade. De communistische leider Boleslaw Bierut zag in 1953 `vrijwillig' af van herstelbetalingen van het toen bevriende Oost-Duitsland.

,,Het kan me geen donder schelen wat Bierut destijds heeft getekend'', zegt de centrum-rechtse politica Dorota Arciszewska, die namens Gdynia in het nationale parlement zit. ,,Wij wilden vergeten en vergeven, maar de Vertriebenen hebben de doos van Pandora geopend. We zullen niet toestaan dat daders en slachtoffers door elkaar worden gehaald.''

Premier Marek Belka legde de motie van het parlement deze week naast zich neer. Hij wil de relaties met Polens grootste handelspartner niet beschadigen. Meneer Benedykt verwijt Belka ,,insubordinatie''. Hij heeft een advocaat in de arm genomen en wil nog dit jaar met zijn vereniging naar de Duitse rechter stappen om een claim in te dienen. Benedykt vindt dat Polen hard van zich af moet bijten. En hij is niet de enige.

In de West-Poolse stad Poznan zag deze week een nieuwe vereniging van oorlogsslachtoffers het licht. Deze groep wil juridische voorbereidingen treffen, voor het geval de Vertriebenen hun claims doorzetten. ,,De Duitsers willen de stelling populariseren dat ook zij oorlogsslachtoffers waren'', zei de voorzitter in dagblad Gazeta Wyborcza. Maar daar verzet de vereniging zich tegen. De Duitsers zijn na zestig jaar misschien toe aan zo'n stelling, maar de Polen, voor wie de oorlog eigenlijk pas in 1989 met de val van het communisme afliep, nog lang niet.

Een Poolse mevrouw is al naar de rechter in Berlijn gestapt. Haar vader overleefde Auschwitz en zij eist nu een symbolische schadevergoeding voor het leed dat haar familie is aangedaan. Haar actie, zei ze onlangs tegen de pers, is opgedragen aan degenen ,,die hebben geleden en nu in stilte doodgaan, terwijl ze zien hoe de geschiedenis wordt herschreven''.

De Poolse regering verwerpt de motie, maar zij maakte deze week wel bekend dat er een inventarisatie zal worden gemaakt van de in Polen geleden oorlogsschade. Die zal dienen als herinnering ,,voor hen die vergeten zijn wat de Tweede Wereldoorlog was'', zei de minister van Buitenlandse Zaken. Tijdens de oorlog kwamen zes miljoen Polen om, onder wie drie miljoen joden, bijna een vijfde van de bevolking. Economisch werd het land decennia teruggeworpen.

,,We hebben nooit herstelbetalingen gekregen en nooit kunnen deelnemen aan het Marshall-plan, want dat was voorbehouden aan het vrije westen'', zegt Benedykt. ,,We hebben onze kinderen desondanks nooit geleerd om Duitsers te haten. En nu dit.''

Parlementslid Arciszewska is de drijvende kracht achter een nieuwe organisatie waarin alle initiatieven van individuele burgers en Poolse steden moeten worden samengebracht. ,,We moeten de verdediging tegen eventuele claims grondig voorbereiden.'' Is het niet allemaal wat overdreven? Het gaat om een kleine groep Duitsers en de meeste advocaten geven de claims weinig kans voor de rechter.

De motie van het parlement was wat overdreven, erkent Arciszewska, want de Poolse regering kan niet zomaar geld eisen. ,,Maar we wilden herrie maken, een duidelijk signaal afgeven'', zegt het parlementslid. ,,De psychologische barrière voor schadeclaims tegen Polen is in Duitsland geslecht. Dat maakt de mensen hier bang. Onlangs sprak ik met een vrouw die dagenlang dezelfde persoon voor haar huis zag lopen. Het bleek om de oude bewoonster te gaan, die duidelijk maakte dat ze het huis terugwil. Ze wachten gewoon totdat de mensen doodgaan.''

Bondskanselier Schröder heeft de claims van Vertriebenen verworpen, maar zegt ook dat Duitsland weinig kan uitrichten tegen gerechtelijke stappen van individuen. Veel Poolse parlementariërs, onder wie Arciszewska, zijn het daarmee eens, maar willen dat Duitsland de financiële gevolgen van eventuele claims voor zijn rekening neemt. Duitsland wil daar nu niet aan, maar, zeggen de Polen, het wilde aanvankelijk ook niet aan compensatie van Poolse dwangarbeiders.