Het Westen bestaat allang niet meer

In zijn jongste boek, Free World. Why a crisis of the West reveals the opportunity of our time, beweert de invloedrijke Britse historicus Timothy Garton Ash dat een sterk Westen, en daarmee bedoelt hij in het bijzonder West-Europa en de VS, het enige alternatief is voor het behoud van de wereldvrede. Daarbij gaat hij ervan uit dat het Westen, ook na het einde van de Koude Oorlog, nog een bruikbaar begrip is. Dat is de vraag.

In Engeland, waar de huidige identiteitscrisis wordt opgehangen aan de vraag of het land een deelstaat van de VS aan het worden is, dan wel koste wat het kost moet proberen werkelijk aan te haken bij Europa, wordt de laatste tijd hevig nagedacht over de Britse rol als trait d'union tussen Europa en Amerika. Groot-Brittannië als het land dat de betreurenswaardige transatlantische kloof kan dichten. In de media wordt gediscussieerd over de vorm deze new deal tussen de vertegenwoordigers van de `westerse' waarden moet krijgen, alsof er sinds 1945 niets is veranderd.

In plaats van een poging de nieuwe wereld te begrijpen, horen we een soort heimwee naar die overzichtelijke periode van veertig jaar vóór het vallen van de Muur, toen de NAVO en het begrip `vrije wereld' nog iets voorstelden. Overigens beweerden Henry Kissinger en Valéry Giscard d'Estaing beiden al in 1989 dat we de Koude Oorlog – juist vanwege de heldere scheidslijnen – nog zouden gaan missen.

Garton Ash en de meeste van zijn gesprekspartners hopen dat de zogenaamd traditionele orde weer zal worden hersteld. Een vertrouwen dat hopeloos onhistorisch genoemd mag worden. Nu de Koude Oorlog voorbij is en Europa de paraplu van de VS niet meer nodig heeft, komen de aloude problemen tussen Amerika en Europa vanzelfsprekend weer boven. Je kunt je zelfs afvragen of het instandhouden van de NAVO nog wel zinvol is nu de vijand van de democratie niet langer het sovjet-blok is, maar een diffuus gezelschap is geworden van ongrijpbare terroristen alsmede sponsors van terreur.

Tegen deze achtergrond is het niet eens vreemd dat de meeste Amerikanen niet snappen hoe belangrijk stabiliteit in het Midden-Oosten is voor het nabijgelegen Europa. Israël en het Palestijnse conflict? De oorlog in Irak? Het zijn zaken die in Washington totaal anders bekeken worden dan in de meeste Europese hoofdsteden. Misschien was de stabiliteit van de Iraakse dictatuur voor Europa wel beter dan de chaos die Irak sinds de Amerikaanse invasie tegenwoordig kenmerkt. Dit alleen al te opperen staat voor de regering-Bush gelijk aan verraad aan de Westerse zaak.

Maar er is meer. Het Amerikaans kapitalisme met zijn haperende sociale structuren valt bij veel Europeanen al sinds jaar en dag zowel filosofisch als cultureel niet in de smaak. In tegenstelling tot Amerika kent Europa een historisch compromis tussen kapitaal en arbeid, en is de maatschappij voor een groot deel gebaseerd op een verstandshuwelijk tussen een christelijke sociale instelling en de sociaal-democratie, die op hun beurt weer mooi samenvielen met het Frans republikanisme. Het is dus juist heel normaal dat Europa en Amerika afstand van elkaar nemen. De NAVO en de transatlantische afhankelijkheid zijn de abnormale ontwikkelingen.

Vanuit Amerika bezien kun je stellen dat de VS voor het belangrijkste deel van zijn geschiedenis Europa heeft genegeerd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog sprongen de Amerikanen pas heel laat bij, om zich later aan de onderhandelingstafel in Versailles enorm moralistisch en contraproductief op te stellen, met als negatief gevolg een gefrustreerd Duitsland dat niet lang zou wachten om opnieuw in de aanval te gaan. De Amerikanen trokken zich vervolgens terug in hun schulp om daar in de richting van Europa pas weer uit te komen, nadat

Pearl Harbour tijdens de Tweede Wereldoorlog was gebombardeerd. Volgens de Britse historicus Marquand vond president Roosevelt ,,het Britse rijk een groter gevaar voor Amerikaanse belangen dan stalinistisch Rusland. Tijdens de onderhandelingen van Bretton Woods hebben de Amerikanen er alles aan gedaan om de invloedssfeer van het pond sterling te ondermijnen, terwijl de Britse economie indertijd daar voor zijn overleving van afhing.''

Vanuit Europa bekeken waren de verhoudingen de afgelopen honderd jaar niet minder koel. We vergeten weleens dat het niet uit liefde was dat Europa de Amerikanen om hulp vroegen tijdens en na WO II. Europa was domweg niet in staat in haar eentje de sovjetdreiging af te slaan. Ook Groot-Brittannië is niet altijd verliefd geweest op Amerika, al is het land vandaag ook behoorlijk verdeeld in zijn mening over de VS. Wie herinnert zich nog dat de naoorlogse Labour-regering in Engeland een koers wilde varen ergens tussen marxisme en kapitalisme? En dat de Britten alleen konden worden teruggefloten door de Amerikanen, omdat zij zo diep bij hen in het krijt stonden dat er geen ontkomen aan was?

Natuurlijk hebben Amerikanen en Europeanen in cultureel opzicht veel gemeen. Is dat genoeg om het Westen tot die twee geografische gebieden te beperken? Waarschijnlijk tot afgrijzen van veel Amerikanen hebben Russen en Europeanen in veel grotere mate culturele overeenkomsten. Maar dat geldt ook voor bijvoorbeeld Argentijnen en Italianen of Portugezen en Brazilianen.

Wat bedoelen we dan eigenlijk met het Westen? Het gebied dat de erfenis deelt van het Europese christendom, van de joods-christelijke geschiedenis, van Griekenland en Rome? Dan houdt het `erbij horen' inderdaad niet op bij Parijs en San Francisco, maar loopt het Westen via Wladiwostok naar Australië en Latijns Amerika.

Het wordt tijd voor een nieuwe definitie van een begrip dat wij gemakkelijk hanteren, maar waarvan wij de inhoud niet meer precies blijken te kennen.

Historicus. Volgende maand publiceert hij samen met Michael Fuchs zijn boek over de onweerstaanbare verleiding van de VS `America! The brand'.