`Aapgeluiden gaan aan je vreten'

Raoul Henan (32) is als voetballer opgegroeid met spreekkoren. De geboren Surinamer werd uitgescholden om zijn huidskleur. Hij protesteerde tevergeefs bij de scheidsrechter. ,,Ik ben vooral geschrokken van de haat in de ogen van sommige mensen.''

Wat is erger: een speler die gediscrimineerd wordt om zijn huidskleur of een speler wiens vriendin voor hoer wordt uitgemaakt? De spreekkoren aan het adres van Ajacied Rafael van der Vaart en zijn levenspartner Sylvie Meis leidden afgelopen week tot een nationale discussie. De KNVB nam forse maatregelen: bij discriminerende of kwetsende spreekkoren moet de wedstrijd voortaan onmiddellijk worden stilgelegd en eventueel worden afgeblazen. Minder daadkrachtig reageerde de voetbalbond op het voortdurende uitschelden van donkere spelers. Zo werden de racistische leuzen aan het adres van Raoul Henan, geboren in Suriname en opgegroeid in de Bijlmer, bijna zeven jaar lang genegeerd door de scheidsrechters en de KNVB. ,,Het zijn vergelijkbare misdragingen, maar ik ben geen bekende Nederlander en Van der Vaart wel'', verklaart Henan de verschillende reacties.

De 32-jarige midvoor speelde in de eerste divisie achtereenvolgens voor Telstar, Veendam, Helmond Sport en Volendam. Dit seizoen voetbalt hij voor de zaterdagamateurs van Kozakken Boys in Werkendam. Eerder was hij actief bij de zondagamateurs van Zeeburgia en De Zwarte Schapen, nu FC Omniworld geheten. Hij hunkert nog steeds naar een profcontract, ondanks alle negatieve ervaringen met discriminatie. Wie weet heeft het incident met Meis en Van der Vaart wel een positief effect op de sfeer in de stadions? Henan twijfelt. ,,Het gaat pas echt de goeie kant op als er zwarten in het bestuur van de KNVB komen, zoals Hennie Meijer of Stanley Menzo. Zij hebben als donkere speler aan den lijve ondervonden hoe het voelt. Met alle respect, maar meneer Kesler (directeur KNVB, red.) en zijn collega's zijn wit en weten niet hoe het voelt om voortdurend te worden uitgescholden. Hetzelfde geldt voor de scheidsrechters: ook allemaal blank.''

Op initiatief van het NOS-radioprogramma Langs de Lijn bracht Henan vorige maand een bezoek aan het bondsbureau in Zeist. Hij had een klaagbrief bij zich die hij een paar jaar geleden had geschreven maar op advies van zijn vriendin nooit naar de KNVB had verzonden. Zij was bang voor represailles, bang dat zijn naam ging circuleren en kwaadwillende supporters hun gezinnetje zouden opzoeken. Hij hield ,,een goed gevoel'' aan de ontmoeting met Kesler en de zijnen over. ,,Achteraf had ik die brief meteen moeten opsturen. Dan had de KNVB misschien eerder de noodklok geluid. Maar ze hebben genoeg signalen ontvangen; net als de scheidsrechters. Ik heb me nooit echt gesteund gevoeld.''

Aanleiding voor het schrijven van de brief was een incident in Leeuwarden, een voetbalstad die net als Deventer en Den Haag op de `zwarte lijst' van de familie Henan stond. De uitwedstrijden die hij daar speelde, waren een terugkerend ritueel met de grofste verwensingen en de luidste oerwoudgeluiden. Dan waarschuwde hij zijn familieleden niet mee te gaan. ,,Bij Cambuur sloegen een paar jaar geleden de stoppen door. Ze maakten me de hele tijd uit voor aap, nigger en ik weet niet wat. Ik heb scheidsrechter Sterk gevraagd maatregelen te nemen. Weet je wat hij zei? Dat ik de problemen zelf opzocht. Hij gaf me na afloop een hand en daarmee was volgens hem de kous af. Ik zag het vuur voor m'n ogen. Als ik die brief toen wel had gepost, was die `scheids' misschien geschorst. Nu kon de KNVB niks meer doen. Later kreeg ik een fax uit Zeist, of ik over het probleem wilde komen praten. Heb ik ook niet gedaan. Stom, achteraf.''

Henan, gediplomeerd elektricien, is huisvader in een rijtjeshuis in Almere. Hij past deze middag op zijn jongste dochtertje van elf maanden. Moesha heeft net een prik van de dokter gekregen en kan volgens haar vader om die reden het zorgvuldig geplande slaapje niet vatten. Hij drukt haar bijna anderhalf uur lang liefdevol tegen de borst, het gehuil heeft geen invloed op zijn humeur. Zoals de discriminerende spreekkoren geen vat hebben gekregen op zijn positieve levenshouding. ,,Ik kon er altijd goed over praten met mijn vriendin, die vrijdagavond na een wedstrijd meestal lag te slapen als ik thuis kwam met mijn verhaal en meteen rechtop in haar bad zat.'' Hij werd gekwetst en beledigd. Hij deed zijn beklag en vond geen gehoor. Maar van rancune is geen sprake. Laat staan van omgekeerde discriminatie. ,,Ik houd van alle mensen, of ze nu rood of geel of groen zijn. Ik kijk dwars door alle culturen heen. Ik pik woordjes en gewoontes van Marokkanen. Die mix is interessant.''

Nooit gunde hij de daders van racistische leuzen dat hij de strijdbijl zou begraven. ,,Die gasten mochten mij het plezier niet afpakken'', weet Henan. ,,Voetbal is de lust en mijn leven. Ik ben helemaal maf van het spelletje. Ik gun die gasten het plezier niet en ben daarom nooit gestopt. Ik heb die spreekkoren altijd als een gebrek aan intelligentie en een gebrek aan opvoeding beschouwd. Zelf ben ik anders grootgebracht, door mijn lieve moedertje. Zij wilde dat ik mijn vleugels gebruikte om te kunnen vliegen, maar altijd met respect voor anderen. Thuis hadden we geen geld om lid te worden van een voetbalclub. Ik ging pas op mijn zeventiende naar Zeeburgia. Daarvóór was het alleen maar straatvoetbal en soms een toernooitje. Ik had trouwens ook een paar verkeerde vrienden, die het foute pad opgingen. Ze noemden mij een mietje als ik niet uit stelen ging. Ik ging veel liever hiphoppen of voetballen. Later werden ze opgepakt als zware criminelen. Dan heb ik het nog niet zo slecht gedaan'', zegt hij lachend.

In de Bijlmer groeide hij op met voornamelijk donkere vriendjes. Pas op de middelbare school kwam hij bewust in aanraking met discriminatie. ,,Ik zat in de brugklas, toen blanke jongens grapjes begonnen te maken over verstoppertje spelen in het donker. Ik was de enige Surinamer, de rest was wit of Hindoestaan of Indonesiër. Het gebeurde altijd achter de rug van de leraar om. Gingen ze effetjes raar doen, weet je wel. Ik wist toen nog niet hoe ik er mee moest omgaan. Ik was wel in één klap volwassen. Na een paar maanden werd ik opgevangen door twee dames uit de vierde klas: een blanke en een halfbloedje. Zij zagen mij op de gang zielig in een hoekje zitten en hoorden mijn stem trillen van de zenuwen. Zij hebben die gasten toen flink gewaarschuwd en daarna was het meteen over. Wilden ze zelfs vriendjes met me worden. Ik dacht: `dat nooit'. Het kwaad was al geschied. Ze hadden achter m'n rug om als het ware in mijn gezicht gespuugd. Met zulke gasten kon ik geen vrienden worden.''

Bij Zeeburgia, een multiculturele amateurvereniging in Amsterdam, had hij bij uitwedstrijden in de provincie sporadisch met racisme te maken. Hetzelfde gold voor zijn periode bij De Zwarte Schapen in Almere. Pas bij Telstar, de eerstedivisieclub uit Velsen, werd hij in het seizoen 1997-1998 flink wakker geschud. ,,Toen begon de ellende pas echt. Ik ben vooral geschrokken van de haat in de ogen van sommige mensen. Vaders met kleine kinderen die hun middelvinger naar mij opstaken, van dat soort zaken. Een angstaanjagend gevoel. Ik schrok ervan, zoveel impact hadden die leuzen. Ik durfde bij sommige clubs niet eens de kantine in. Bij Go Ahead stond er op de parkeerplaats altijd een groepje met een verdwaasde blik te loeren of ik misschien iets verkeerds ging zeggen. Dan hadden ze een reden mij aan te vallen. Ik wachtte daar altijd op medespelers voordat ik naar de bus liep.''

Toeval of niet, ADO spant en spande de kroon wat spreekkoren betreft. In hetzelfde Zuiderpark waar de bekende voetballer Van der Vaart afgelopen zondag doelwit was van verbaal geweld, moest de onbekende voetballer Raoul Henan het jarenlang ontgelden. ,,Bij ADO zijn ze met meer, gaan ze nog net iets feller tekeer. Ik durfde voor de tribune Midden-Noord nauwelijks een bal in te gooien. Een keer heb ik uit pure onmacht een bal keihard in het supportersvak geschoten. Toen werd de scheidsrechter wakker en heeft hij de wedstrijd stilgelegd. Eigenlijk te debiel voor worden. Ik had hem al vier keer geattendeerd op de spreekkoren. Bij ADO ging ik na afloop heel stilletjes naar de bus. Ik had daar altijd het gevoel van: éen verkeerde blik en het is afgelopen met me. Ik heb familie in Den Haag, maar ik kom er liever niet. Ik wil niet graag herkend worden op straat. De ervaringen bij ADO staan in mijn hersenen gegrift. Ze hebben mij vol in het hart geraakt. Ze hebben ook mijn spel beïnvloed, zeker in het begin. Ik kreeg bij elke verwensing een duw. Later liet ik de spreekoren meer van me afglijden.''

Hij vertelt over een gesprek met zijn Surinaamse kennis Romeo Castelen, de international van Feyenoord. Als rechtsbuiten van ADO werd die door hetzelfde publiek juist op handen gedragen. ,,En wij hebben toch echt dezelfde huidskleur'', zegt Henan quasi verontwaardigd. ,,Zo hypocriet is dat wereldje. Ik weet nog hoe ik werd uitgescholden toen ik enkele jaren eerder met Veendam bij mijn oude club Telstar kwam. Dezelfde supporters die me een paar seizoenen daarvoor hadden toegezongen nadat ik clubtopscorer was geworden met vijftien doelpunten. Ik vroeg tijdens de wedstrijd nog aan een oud-ploeggenoot: `zijn ze hier gek geworden of zo?' Ze wilden dat ik zou oprotten naar mijn bananenrepubliek en meer van die onzin.''

In zijn hoofd ontwikkelde zich een speciale antenne voor racistische leuzen. Hij kon of wilde zich er niet voor afsluiten. ,,Ik ben toch niet doof, ik ben toch niet achterlijk. Aapgeluiden gaan aan je vreten. Blanke jongens zeiden vaak dat ik me er niets van moest aantrekken. Zij hadden makkelijk praten. Zij beseften niet wat er in mij omging. Daarvoor moet je zwart of halfbloed zijn. Met de zwarte jongens in de ploeg kreeg ik automatisch een band. We waren lotgenoten. Nee, we waren geen kabel (lacht) zoals bij Oranje. Ik keek wel uit voor scheve gezichten. Nu nog, bij Kozakken Boys, ga ik heel bewust ook met blanke jongens onder de douche staan. Toch trek ik meer naar de vier donkere jongens in de selectie toe. Wij spreken dezelfde straattaal, een mengelmoesje van Surinaams en Nederlands. Die band is heel sterk. Ik heb ook veel Nederlandse vriendinnetjes gehad, met in mijn achterhoofd dat de ware liefde ooit een Surinaamse zou zijn. Ik heb een Nederlands paspoort en betaal keurig mijn belasting en verzekering. Maar ik ben en blijf een trotse Surinamer.''

    • Jaap Bloembergen