Scherven brengen geen geluk

Glasrecycler Maltha verwerkt het leeuwendeel van het glas uit de glasbak, maar maakt daar al jarenlang stelselmatig verlies op. Het bedrijf wil daarom niet langer aan gemeenten betalen voor het ingezamelde glas.

,,Het systeem klopt financieel gewoon niet.''

Kleine bolletjes gloeiend heet glas zoeven door de machines van verpakkingsglasproducent BSN Glasspack in Schiedam. Per minuut vallen zo'n vijfhonderd van deze `druppels' uit een glasoven en een paar tellen later zijn ze door een vorm geperst en tot een bierflesje geblazen. De fabriek in Schiedam is één van de vijf Nederlandse verpakkingsglasfabrieken, drie van BSN en twee van concurrent Rexam, die samen ongeveer één miljoen ton glas produceren.

Grote silo's voeden de glasoven met de grondstoffen voor de flesjes: zand, kalk, soda, maar vooral: scherven. ,,Een glasoven kan voor 90 procent op scherven draaien'', zegt directeur inkoop en logistiek Peter Posthoorn van BSN in Schiedam. ,,Die zijn op zich niet goedkoper dan zand, maar doordat ze een lagere smelttemperatuur hebben, verbruikt de oven minder energie en stoot hij minder CO2 uit. Dat maakt het gebruik van scherven per saldo voordeliger.''

Scherven komen uit de glasbak. Maar voor ze geschikt zijn voor hergebruik in de glasindustrie, moeten ze `opgewerkt' worden. Zo'n 10 procent van alles wat in de glasbak terechtkomt, is afval – plastic, steen, keramiek, porselein – en moet eruit gehaald worden. Daarna moet het glas nog gebroken worden tot kleine stukjes, zodat het gemakkelijk hanteerbaar en doseerbaar wordt. En het liefst moet het glas op kleur ingezameld worden, want om wit of groen glas te maken, zijn respectievelijk witte en groene scherven nodig. Bont glas (verschillende kleuren scherven door elkaar) wordt groen of bruin.

Het opwerken van het glas – voor een klein deel met de hand, maar vooral machinaal – gebeurt bij de glasrecyclers. In Nederland zijn dat er twee: Maltha en Van Tuijl. Maltha, voor 33 procent in handen van BSN Glasspack en voor 67 procent van afvalbedrijf Van Gansewinkel, is met een marktaandeel van 70 procent veruit dominant. Het voormalige familiebedrijf Maltha heeft in 1993 een glasrecyclinginstallatie met een capaciteit van 300.000 ton gebouwd in het Brabantse Heijningen.

Al binnen enkele jaren na de oplevering van de nieuwe fabriek kwam Maltha in moeilijkheden. Een aantal Nederlandse gemeenten – die verantwoordelijk zijn voor het plaatsen en legen van de glasbak – vond dat Maltha zich als monopolist gedroeg en ging op zoek naar andere afnemers van glas. Ze vonden die onder andere in Duitsland, waar glasrecyclers met overcapaciteit best bereid bleken Nederlands glas te kopen. Het gevolg was dat de installatie van Maltha onderbezet raakte en de verwerkingskosten per ton glas omhoog schoten. Tegelijkertijd moest Maltha, om niet nog meer gemeenten als klant te verliezen, veel meer gaan betalen voor het glas uit de glasbak.

Duitse recyclers kunnen meer voor het glas betalen dan Maltha, omdat de vaste kosten van hun installaties al gedekt zijn uit de opbrengst van het Duitse glasrecyclingsysteem. Ze hoeven met geïmporteerd glas dus alleen hun variabele kosten terug te verdienen.

In Nederland is de glasrecyling geregeld in het zogeheten verpakkingsconvenant tussen overheid en bedrijfsleven. Gemeenten zamelen glas in bij particulieren, de glasrecyclers nemen al het ingezamelde glas af en de glasindustrie verwerkt het tot nieuw glas. ,,Iedereen in de glasketen is nu op grond van het verpakkingsconvenant verplicht elkaars glas af te nemen'', zegt directeur Lieve Declercq van Maltha. ,,Maar er staat niet bij tegen welke prijs. Dus in de praktijk krijgen we het glas pas als we genoeg betalen en raken we het pas kwijt als we er niet meer voor vragen dan de glasindustrie wil betalen.''

Terwijl de gemeenten meer voor hun glas zijn gaan vragen, heeft de glasindustrie juist lagere verkoopprijzen bedongen. ,,Wij moeten internationaal kunnen concurreren, dus wij kunnen Maltha niet meer betalen dan de marktprijs'', zegt Peter Posthoorn van BSN, dat ook scherven uit Duitsland importeert. ,,Die zijn goedkoper dan de scherven van Maltha.'' Als de scherven duurder worden, wordt het voor de glasindustrie interessanter om weer over te stappen op zand. ,,Recycling werkt alleen zolang het voordeliger is dan het gebruik van primaire grondstoffen. Anders functioneert die markt niet.''

Maltha lijdt door de gestegen inkoopkosten en de gedaalde verkoopprijzen al sinds 1999 verlies. Pogingen om daar veranderingen in te brengen, mislukten tot nu toe. Lieve Declercq: ,,De glasindustrie is al eens bijgesprongen en ook de afnemers van de glasindustrie betalen nu een beetje mee aan de glasrecycling. Maar het systeem op zichzelf klopt financieel gewoon niet, dus dat valt niet te repareren met ad hoc maatregelen.''

Maltha recyclet ook vlakglas, zoals ramen en deuren. Die is wel winstgevend. ,,En onze recyclingactiviteiten in België, Frankrijk en Portugal ook.''

Het glas uit de Nederlandse glasbak blijft een stelselmatige verliespost. ,,Dat kan zo niet lang meer doorgaan'', zegt Egbert Vennik van Van Gansewinkel, die namens de glasinzamelaars bestuurslid is van de Stichting Kringloop Glas, waarin alle bij de glasrecycling betrokken partijen zijn vertegenwoordigd. ,,Die hele glasrecycling is totaal niet rendabel. De enige reden dat we nog steeds glas inzamelen en verwerken, is dat wij gemeenten een totaalpakket willen kunnen aanbieden. Wij halen niet alleen glas op, maar ook ander afval, zoals huisvuil en oud papier. Omdat we daar wel op verdienen, namen we de verliezen bij Maltha tot nu toe voor lief. Maar er kan niet van ons verwacht worden dat wij structureel verliezen blijven accepteren.''

Het huidige verpakkingsconvenant loopt eind volgend jaar af. In de onderhandelingen over een nieuw convenant, dat 1 januari 2006 moet ingaan, zet Lieve Declercq van Maltha in op afschaffing van de vergoeding die de glasrecyclingindustrie aan de gemeenten moet betalen voor het glas uit de glasbak. ,,Een hogere prijs bedingen bij de glasindustrie zit er niet in, dus de enige manier om weer rendabel te worden is dat de gemeenten hun glas voortaan gratis aan ons gaan verstrekken.''

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) betwijfelt of gemeenten daarmee zullen instemmen. Een woordvoerder: ,,Er zijn nu eenmaal kosten verbonden aan het inzamelen van glas en het plaatsen van glasbakken, dus het is niet meer dan logisch dat de gemeenten een vergoeding vragen voor het glas, als tegemoetkoming in die kosten.'' Anders zouden deze kosten volledig uit de afvalstoffenheffing betaald moeten worden. ,,Het is beslist niet zo dat gemeenten nu winst maken op het verkopen van het glas uit de glasbak.'' Als Maltha er niet meer voor wil betalen, staat het de gemeenten vrij om hun glas te verkopen aan andere glasrecyclers, bijvoorbeeld in Duitsland. ,,Dat moet iedere gemeente voor zichzelf bepalen.''

Op steun van de gemeenten hoeft Maltha dus niet te rekenen – die zullen de circa 10 euro die ze nu per ton glas krijgen willen blijven ontvangen – maar directeur Declercq rekent wel op bijval van de glasindustrie. Ze gaat alvast gaan onderhandelen met gemeenten waarvan het leveringscontract eind dit jaar afloopt. ,,Het is heel simpel: vanaf 1 januari betalen wij gewoon niet meer voor het glas. Die opstelling zal ons wel tonnages gaan kosten, maar als we dan nog glas overhouden, maken we er tenminste wel winst op.''

    • Jochen van Barschot