Vertrouwen Nederlanders in overheid is laag

Het vertrouwen van Nederlanders in de publieke sector (zorg, onderwijs, justitie, openbaar bestuur) is betrekkelijk laag vergeleken met andere landen. De Finnen en Denen zijn in Europa het meest tevreden over het functioneren van de publieke sector.

Dat blijkt uit een internationale studie die het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) vandaag in Den Haag heeft gepubliceerd, naar de prestaties van de publieke sector in West- en Oost-Europa, de Verenigde Staten, Canada, Australië en Nieuw Zeeland.

De wachtlijsten in de gezondheidszorg, het personeelstekort in het onderwijs en het lage aantal misdaden dat wordt opgehelderd, gelden als de belangrijkste oorzaken voor de ontevredenheid in Nederland over de prestaties van de publieke dienstverlening. Als rapportcijfer krijgt Nederland gemiddeld een 5,6. Van het SCP krijgt Nederland één dringende aanbeveling: een radicale verandering is nodig om het hoge aantal drop-outs op scholen te verminderen.

Het planbureau heeft alle onderdelen van de publieke sector in Nederland afzonderlijk vergeleken met die in 28 landen (`benchmarking') om inzicht te krijgen in de verschillen. Hoge uitgaven blijken géén garantie te zijn voor goede prestaties in de publieke dienstverlening. Nederland gaf in 2003 rond de 48 procent van het bruto binnenlands product uit aan de publieke sector. In landen als Denemarken, Frankrijk en Hongarije lag dit boven de 50 procent. In de VS was het 35 procent.

Ook blijkt er geen direct verband te bestaan tussen de zorguitgaven in een land en de doelmatigheid van de zorg. Zweden levert de beste zorg, blijkt uit het onderzoek, bij een gemiddeld uitgavenniveau. Tegen dezelfde kosten kent Nederland een minder effectief stelsel. Landen als Spanje, Finland en Griekenland weten hoge prestaties te bereiken met betrekkelijk lage uitgaven. Bij de inzet van personeel bij politie en justitie per duizend inwoners scoort Nederland iets onder het gemiddelde.

Wat de kwaliteit van het openbaar bestuur betreft, is Nederland een goede middenmoter. Op het terrein van onderwijs neemt Nederland een middenpositie in. Gemiddeld besteden landen 5,5 procent van hun bbp aan onderwijs. In Nederland is dat 5,3 procent.