Servië onderzoekt etnische incidenten in Vojvodina

De Servische president Boris Tadic heeft een uitgebreid onderzoek gelast naar etnische incidenten in de Vojvodina, waarvan vooral de Hongaarse minderheid het slachtoffer zou zijn.

Tadic deed dat tijdens een gesprek met de Hongaarse president, Ferenc Mádl, die in Belgrado op bezoek is en die de incidenten ook heeft besproken met zijn collega van de unie Servië en Montenegro en met de Servische premier Vojislav Koštunica. De Hongaarse president bezoekt vandaag de Vojvodina.

Mádl van zijn kant gaf toe dat de anti-Hongaarse incidenten in de noordelijke regio van Servië niet het resultaat zijn van het beleid van de regering in Belgrado, maar van de economische crisis in Servië, de toestroom van talrijke Servische vluchtelingen uit Kroatië, Bosnië en Kosovo en politieke spanningen bij het naderen van de Servische gemeenteraadsverkiezingen.

Maandag kreeg de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken, László Kovács, in Brussel de toezegging van zowel zijn collega-ministers uit de lidstaten van de EU als de Europese Unie zelf dat zij via hun ambassades in Belgrado de incidenten in de Vojvodina gaan onderzoeken. Ook Kovács zei zijn collega's bij die gelegenheid er ,,absoluut zeker'' van te zijn dat de excessen geen regeringsbeleid zijn en dat de Servische regering ze niet organiseert.

De Hongaarse partijen in de Vojvodina – waar de Hongaren de grootste van talrijke nationale minderheden vormen – klagen al maanden over fysiek geweld en over intimidatie van de kant van Serviërs, over vernieling van grafstenen en anti-Hongaarse graffiti. Volgens hen onderneemt de regering in Belgrado niets tegen de daders. Een van de leiders van de Hongaarse minderheid, József Kasza, oud-vice-premier van Servië, klaagde vandaag in een interview met het Servische blad Vecernje Novosti, dat de situatie in de Vojvodina ,,de etnische zuivering benadert''.

De minister van Buitenlandse Zaken van de unie Servië en Montenegro, Vuk Draškovic, schreef maandag zijn Nederlandse collega Bot – Nederland bekleedt het EU-voorzitterschap – dat de incidenten in de Vojvodina geen deel uitmaken van ,,een nationale strategie'', maar dat het gaat om geïsoleerde incidenten die ,,de traditioneel goede en harmonische relaties tussen Serviërs en Hongaren bedreigen''. Hij waarschuwde dat ,,onnodige overdrijvingen en de politiek'' zouden kunnen leiden tot ,,echte inter-etnische spanningen die op het ogenblik niet bestaan''. Ook de Servische premier, Vojislav Koštunica, heeft gewaarschuwd dat het opblazen van incidenten tot spanningen kan leiden.

Inmiddels zijn de Serviërs met een tegen-aanklacht gekomen. Een Servische onderminister stelde de discriminatie van de Servische minderheid in Hongarije aan de kaak. In ,,ongeveer tien gevallen'' waren de rechten van de Serviërs in Hongarije geschonden, zo zei hij. (VIP)