Patti Smith

Een zangeres die haar punkteksten woedend ten gehore bracht, van zo iemand verwacht je ook ruig beeldend werk. Het is dus even schrikken op de expositie Strange Messenger: The Work of Patti Smith in Museum Boijmans. In plaats van rauwe of robuste tekeningen hangen er priegelige tekeningetjes in zoete pastelkleuren. De expositie omvat ruim zestig werken op papier en een groot aantal foto's. De vroegste tekeningen, uit de late jaren zestig, ogen kinderlijk en cartoonesk, meestal voorzien van grappige commentaren in tekstballonnen. Een eigen stijl heeft ze dan nog niet gevonden. Smith kwam eind jaren zestig naar New York om schilder te worden. Uit haar vroege werken spreekt een grote bewondering voor kunstenaars als Willem de Kooning, Pablo Picasso en William Blake. Maar het tekenen ging haar niet makkelijk af, zo vertelt ze in de catalogus. In 1997 maakt Smith tekeningen die nog ijler van kleur zijn en vrijwel uitsluitend nog uit tekst bestaan. Maar in de werken die ze maakte naar aanleiding van de aanslagen op 11 september 2001 in New York neemt het tekenen haast maniakale vormen aan. Uitgangspunt is steeds een krantenfoto van de ruïne van de South Tower, die als een wankele toren van Babel overeind is blijven staan. Enkele van die torens zijn van top tot teen bedekt met woorden. Deze South Tower-serie steekt met kop en schouders boven de rest van de expositie uit en bewijst maar weer eens dat goede kunst vaak ontstaat uit onvrede. Haar beste liedjes schreef Patti Smith als verontwaardige twintiger. Haar mooiste tekeningen maakte ze naar aanleiding van een onvoorstelbare ramp.

Patti Smith, Strange Messenger t/m 21 nov in Museum Boijmans Van Beuningen, Museumpark 18/20, Rotterdam. Di t/m za 10-17u, zo 11-17u.