Jansons dirigeert aangrijpende `Zesde'

Bij zijn entree als chef-dirigent van het Koninklijk Concertgebouworkest dirigeerde Mariss Jansons uitsluitend muziek die hij al eerder bij het orkest ten gehore had gebracht. Maar zijn tweede concertprogramma, gisteren en vanavond, was in Amsterdam onder zijn handen nog niet gehoord: de Vier letzte Lieder van Richard Strauss en de Zesde symfonie (`Pathétique') van Tsjaikovski. Jansons heeft zijn orkest al extra discipline bijgebracht. Anders dan vroeger keren de musici zich nu bij het applaus frontaal in het gelid naar het publiek.

De eerste twee of drie van de Vier letzte Lieder, die Jansons in 1995 al eens dirigeerde bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest, vielen niet mee. Het eerste lied Frühling mag onstuimiger, de orkestklank was niet erg verfijnd en de begeleiding overstemde vaak de Finse sopraan Soile Isokosi, wier tekst nauwelijks was te verstaan. Pas in het slotlied Im Abendrot was alles beter, al bleef ontroering bij het afscheid van het leven uit.

Maar intens gevoel en heftige gemoedsbewegingen waren overvloedig aanwezig in Tsjaikovski's Zesde symfonie. De Let Jansons bracht zijn jeugd en studiejaren door in Leningrad, nu weer Sint Petersburg, zoals in de tijd dat Tsjaikovski daar was en de `Pathétique' daar in première ging, kort voor zijn dood. Jansons opende zijn aangrijpende weergave met een desolate voorafschaduwing van het onheil aan het slot, etaleerde weemoedigheid en wanhoop in subtiele nuances en extraverte ontboezemingen en kwam in de climax van het eerste deel, in Chailly-stijl, tot een macaber klankveld.

Het derde deel paarde onverbiddellijke martialiteit aan speelse details. Het slot was een schokkende uitbeelding van een sterfproces, met doodsrochels in de fagotten en snerpende erupties. Het orkest neemt de concerten met Jansons zelf live op en beziet afhankelijk van het resultaat of ze worden uitgebracht op het nieuwe eigen label. Deze Zesde is hierbij daarvoor genomineerd.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons. Gehoord: 15/9 Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 16/9.