Optimisme

Allochtone jongeren, opvoeden of opsluiten?

Dat was het uitdagende motto van een avond die de gemeente Amsterdam gisteren in Felix Meritis organiseerde. Een half uur voor de aanvang begon het te stortregenen en te stormen, terwijl PSV zich intussen bij Arsenal warmliep – dus ik voorzag dat ik als enige deze avond zou bijwonen, hooguit in het twijfelachtige gezelschap van twee welzijnswerkers die voor hun subsidie vreesden als ze thuis zouden blijven.

Maar het viel reuze mee: de zaal puilde uit met honderden mensen. Jong, oud, allochtoon, autochtoon, hoofddoekjes, geen hoofddoekjes. Het onderwerp lééft, dat stond in ieder geval vast. Als dat ook voor de panelleden gold, kon de avond niet meer kapot.

Helaas, hier haperde het even. Er waren nogal wat panelleden afkomstig uit ambtelijke onderwijs- en welzijnshoeken, waardoor de discussie in hun jargon dreigde te smoren. Gelukkig stond er snel een oudere heer op die riep: ,,Ik wil die jongeren horen, daarvoor zijn ze hier gekomen!''

Een stormachtig applaus was zijn deel, en vanaf dat moment kreeg de avond zijn eigen dynamiek. Vooral allochtone jongeren grepen hun kans om te vertellen over hun school, hun baan, hun verwachtingen. Sommigen klaagden over ontmoedigende ervaringen, maar wat opvallend overheerste was een ongebroken verlangen naar een eigen plek in de Nederlandse samenleving. Er was meer optimisme dan pessimisme, meer ambitie dan apathie.

Onderwijswethouder Ahmed Aboutaleb zat in het midden van de zaal en luisterde meer dan hij sprak. Hij zag wat wij allemaal zagen en hij maakte dan ook van de gelegenheid gebruik voor een hartstochtelijk pleidooi voor beter onderwijs aan kinderen uit arme milieus: ,,Ik heb het zelf vroeger arm gehad, ik weet hoe moeilijk het is om dan te studeren.'' En: ,,Er is door achtereenvolgende bewindslieden, ook van de PvdA, te veel ideologie in het onderwijs gestopt. Ik hoop dat voortaan niet de ideologie, maar het talent van het kind vooropstaat. Het mag niet voorkomen dat kinderen van arme ouders niet tot ontplooiing komen. De bezuinigingen van 100 miljoen op het achterstandsbeleid in het onderwijs moeten in Den Haag van tafel.''

Dat het talent er is, werd onderstreept door een jonge, autochtone onderwijskracht die riep: ,,Weten de mensen wel hoe goed de Marokkaanse meisjes het op school doen? De succesvollen zijn overal, maar je hoort er nooit over.''

De stemming begon zó uitbundig te worden dat de Marokkaanse probleemjongeren bijna vergeten werden. Die zijn er wel degelijk, maar nooit op zulke avonden. In de Diamantbuurt in Oud-Zuid veroorzaken ze momenteel veel overlast. Aboutaleb was de buurt ingetrokken, vertelde hij. ,,Het is triest dat in zo'n buurt een enorm aantal instituten en projecten voor die jongeren werkt zonder effectief te zijn.''

Voor de rest was hij weinig mededeelzaam over zijn ervaringen in de buurt. In plaats daarvan begon hij uit te halen naar de media die negatieve hype-verhalen over jongeren zouden schrijven. Dat was jammer. Hij moest gecorrigeerd worden door een allochtoon panellid dat zei: ,,Er zijn reële problemen, we moeten niet de boodschapper afslachten.''

    • Frits Abrahams