Nieuwe munt W-Afrika plakt niet

Acht Franstalige West-Afrikaanse landen ruilen met ingang van vandaag hun oude bankbiljetten en munten in voor nieuw geld. Kleurkopieermachines en bankovervallen maakten de omvangrijke operatie mede noodzakelijk. Maar er zijn nadelen aan de nieuwe munt, zo blijkt.

Marktvrouwen verfrommelen ze in een dichtgeknoopte punt van hun omslagdoek. Taxichauffeurs proppen ze in het asbakje naast het stuur. Conducteurs van minibusjes klemmen ze in reepjes gevouwen tussen hun vingers. Bankbiljetten, in West-Afrika, zijn er om te verkreukelen. Wie een fooi geeft, toont het briefje niet open en bloot, maar vouwt het zo klein mogelijk op.

De West-Afrikaanse CFA franc ziet er meestal ronduit smerig uit, smoezelig en grauw. Maar nog even en ze zijn weer kraakvers. Vandaag start de Centrale Bank van West-Afrikaanse Staten (BCEAO) een gigantische inwisseloperatie in acht landen verspreid over de regio. De oude CFA franc, die in 1992 werd gelanceerd, moet binnen drieeneenhalve maand verdwijnen. Op 1 januari 2005 verliest hij zijn waarde. Daarna zijn alleen nog maar de nieuwe munten en biljetten geldig.

De operatie heeft plaats in Senegal, Mali, Burkina Faso, Niger, Togo, Benin, Guinée-Bissau en Ivoorkust, allemaal West-Afrikaanse landen waar de munteenheid via de Franse schatkist gekoppeld is aan de euro. Kosten: zo'n 40 miljoen euro. De oude biljetten raken versleten en zijn bovendien een te gemakkelijke prooi voor vervalsers, zegt de Centrale Bank, die de nieuwe, beter beveiligde biljetten dit voorjaar in omloop begon te brengen. Zo heeft de kleurenkopieermachine heel wat leed veroorzaakt op het Afrikaanse platteland, bij dorpelingen die niet van het bestaan van het apparaat op de hoogte waren.

Lang niet iedereen is blij met het nieuwe geld. De biljetten zijn te klein, zegt meneer Tanoh, die een drukbezocht buurtwinkeltje drijft in de hoofdstad Abidjan van Ivoorkust. En: ,,Ze beschimmelen zelfs in dit tropische klimaat. Ze zijn veel te kwetsbaar.'' Over het muntstuk van 500 CFA, ongeveer 70 eurocent, wordt het meest geklaagd. Het muntstuk vervangt het bankbiljet van dezelfde waarde, nu nog onmisbaar in het dagelijks leven. De munt is zwaar en dus onpraktisch, zegt Tanoh. ,,Je stopt er niet zomaar een paar in je zak.'' Erger, de sociale waarde van de munt is lager. In West-Afrika is het een wijdverbreid ritueel om tijdens trouwpartijen en concerten een biljet van 500 CFA op het bezwete voorhoofd van artiesten, lofzangers en bruidegommen te drukken. Maar een munt blijft niet plakken en lijkt ook nog eens minder waard. Veel mensen vrezen dat ze voortaan een biljet van 1.000 CFA moeten geven.

Ondanks het optimisme van de BCEAO is er in Ivoorkust reden tot zorg. Sinds twee jaar houden rebellen de noordelijke helft van het land bezet. Banken en postkantoren in dit gebied zijn gesloten, wat betekent dat de bevolking naar het zuidelijke regeringsdeel moet reizen om geld te wisselen. Het is de vraag of het ze zal lukken de vele wegversperringen te passeren zonder leeggeklopt te worden. Als informatie over de geldomwisselactie hen al bereikt, want de meeste dorpen zijn verstoken van media. Boeren zetten hun geld meestal niet op de bank, maar bewaren het in contanten onder de matras.

Tegelijkertijd heeft de inwisseloperatie alles met de crisis in Ivoorkust te maken, meldt de Franse krant Le Monde. De belangrijkste reden voor het uit omloop halen van de oude franc en de extreem korte inwisselperiode zouden de bankovervallen zijn die de rebellen hebben gepleegd. De afgelopen twee jaar heeft de rebellenbeweging de kluizen van de centrale bank in het noorden van Ivoorkust leeggehaald. Daardoor zijn tientallen miljarden CFA's in omloop gebracht, terwijl de economie kromp. De nummers van de gestolen bankbiljetten zijn bekend bij de banken. Wie ze probeert in te wisselen, wordt gearresteerd.