Liefde overschaduwt wild `Cool!'

Typisch Theo van Gogh. Maakt-ie een film over Marokkaanse schoffies op en over de rand van de criminaliteit, is de grootste schurk een Nederlander met het vollemaans-gezicht van Ronald Koeman. De columnist die moslims meestal geitenneukers noemt, lijkt als regisseur naar zichzelf te knipogen wanneer hij die grootste schurk tegen een Marokaanse vriend laat zeggen: ,,Ze roept je'', als een schaap blaat.

Het zal altijd wel de tragiek van de subtiele regisseur blijven, dat de schaduw van de columnist over zijn films hangt. In zijn beste films is Van Gogh nooit voorspelbaar, nooit plat en steeds gevoelig voor wat zijn acteurs hem te bieden hebben. Dat geldt ook voor Cool!, al is het bij lange na niet de beste film van Van Gogh. Daarvoor is het scenario te braafjes en is wat de acteurs hem in dit geval te bieden hebben, niet goed genoeg – op Farhane el Hamchaoui en vooral Johnny de Mol na, de grootste schurk.

Van Gogh mocht kijken en filmen in heropvoedingskamp Glen Mills. Hij koos uit de gestrafte jongens acteurs voor zijn hoofdrollen en maakte drama met ze. Daar ergens is de film blijven hangen, tussen het verlangen om met echte wilde jongens te werken en het houvast van een verhaaltje. Het scenario van Theodor Holman heeft het wildste eraf gehaald. Deze jongens plegen wel een heftige bankoverval, maar ze zouden eigenlijk veel liever een aardig vriendinnetje hebben. Vind je het gek, als Katja Schuurman het buurthuismeisje is?

De camera cirkelt nerveus om twee groepen criminelen heen. Vijf jonge jongens die wat roven en vier grotere jongens die al serieuze overvallen beramen. De leider van de oude groep, de glimlachende Prof (De Mol), is een sadist die een pistool in de mond van zijn vriendin (Schuurman) duwt, pornovideo's draait met Wagner als achtergrondmuziek en steeds dreigend speelt met zijn wandelstok met zilveren knop.

Prof is een duidelijke nazaat van de grijnzende superschurk Alexander de Large uit A Clockwork Orange. Stanley Kubrick maakte in 1971 een van de meest beklemmende films over groepsdwang en hoe ver in the ultraviolent het individu dan bereid is te gaan. In Cool! speelt Van Gogh met hetzelfde idee. De jonge jongens laten zich met een paar bankbiljetten en het fatale gevoel dat dit dus cool is, verlokken tot samenwerking met de door hen eigenlijk verafschuwde Prof. Ze plegen een bankoverval, waarbij de directeur (stuntrolletje voor minister Gerrit Zalm) omkomt. Meteen worden ze opgepakt – gelukkig zijn ze op heterdaad betrapt, want de porno glurende, moppen tappende en sigarettenverslaafde politiemensen lijken niet in staat welke misdaad dan ook op te lossen.

Zo komen de vijf in Glen Mills terecht. Hier wordt dezelfde groepsdwang gebruikt, maar nu als tegengif. De beelden zijn hier even hectisch en beklemmend als buiten. Van Gogh heeft goed gekeken en geluisterd naar de wonderlijke combinatie van welzijnstaal en straatgedrag. Zodra een jongen hardop `steun!' roept als een ander niet naar zijn aanmerkingen luistert, komen alle aanwezige jongens er intimiderend omheen staan. De raps die als losse nummers in de film zijn gevoegd, weerspiegelen de ambivalentie van Glen Mills. De jongens mogen onder geen beding hun gezicht verliezen, dus gebruiken ze stoere beats en heftige teksten om hun wanhoop te verwoorden: Ademnood of Hou je hoofd cool.

Stoer is de enige code die ze kennen. De stuursheid van de intelligente Mohammed (Farhane el Hamchaoui) drukt het ongemak daarmee beter uit dan het gebrul van de verliefde Abdel (Fouad Mourigh). Het lastige is dat de verliefdheid in het scenario van de altijd wat pathetische Holman de boventoon moest voeren. In deze scenes lijken noch de jongens, noch Katja Schuurman op hun gemak. De boeketreeksromantiek valt zover buiten de werkelijkheid die Van Gogh met de rest van de film probeert te vangen dat het knullige ervan de interessante momenten overschaduwt. Zonde.

Cool! Regie: Theo van Gogh. Met: Farhane el Hamchaoui, Fouad Mourigh, Jones Kruijne, Julien de Roover, Remco Alberts, Katja Schuurman, Johnny de Mol, Gerrit Zalm. In: 10 bioscopen.

    • Bas Blokker