Buster Keatons `The General' opnieuw in roulatie

In The Dreamers, Bernardo Bertolucci's ode aan de revolutionaire geest van 1968 én geestdriftig beleden cinefilie, discussiëren de hoofdrolspelers over wie beter is: Charlie Chaplin of Buster Keaton. Is Chaplin niet te sentimenteel, blijft Keaton niet eeuwig modern en fris? Daar valt iets voor te zeggen. Het is te hopen dat na de dvd-reeks met het oeuvre van Chaplin er ook een komt met Keatons beste werk, gemaakt tussen 1923 en 1930. De heruitbreng van meesterwerk The General (1926) is een uitstekend begin. Hij gaat nu uit in een gerestaureerde kopie, voorzien van een nieuwe score van Joe Hisaishi, de vaste componist van Takeshi Kitano.

De deadpan van Buster Keaton – bij alle rampen die hem overkomen blijft hij uiterlijk onbewogen. Hij deed al zijn stunts zelf, wat het kijken naar zijn capriolen soms pijnlijk maakt. Maar dat is niet waarom er anno 1968 of nu nog over de kunst van Keaton gepraat kan worden. Hij is groots door de visuele aard van zijn grappen. Dat is in het tijdperk van stand-up comedians een bijna vergeten aspect van humor. Het maakt het kijken naar The General een groot genoegen. Inventieve beeldgrappen, rustige opgebouwde `gags' en een altijd perfect getimede `pay-off' aan het eind.

In The General verslaat hij tijdens de Amerikaanse burgeroorlog in zijn eentje het hele Noordelijke leger en redt hij zijn geliefde uit de klauwen van de vijand. Met de hulp van zijn locomotief, the General. En wat geluk natuurlijk, maar altijd per ongeluk afgedwongen.

The General. Regie: Buster Keaton en Clyde Bruckman. Met: Buster Keaton, Marion Mack, Glen Cavender. In: Filmmuseum Cinerama, Amsterdam; Louis Hartlooper Complex, Utrecht.