`Preventief militair optreden mag niet'

Preventief militair optreden is op grond van het huidige volkenrecht niet toegestaan zonder mandaat van de Veiligheidsraad van de VN. Dit moet het uitgangspunt van het kabinet zijn bij het vervullen van zijn grondwettelijke plicht de internationale rechtsorde te bevorderen.

Tot dit oordeel komen de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) en de Commissie van Advies inzake Volkenrechtelijke Vraagstukken (CAVV). Het kabinet had beide adviesorganen om raad gevraagd over de toelaatbaarheid en wenselijkheid van zogenoemd `preëmptief' militair optreden. Dit naar aanleiding van een nieuwe defensie-doctrine van de Amerikaanse regering uit 2002, die preëmptieve aanvallen toelaatbaar achtte.

De AIV en de CAVV spreken zich niet uit over de vraag of de inval van de Amerikanen en de Britten van vorig voorjaar was gewettigd. ,,Dat stond niet in onze opdracht'', aldus de Nijmeegse hoogleraar K. Wellens, voorzitter van de werkgroep, die het vandaag gepubliceerde advies voorbereidde. Evenmin oordelen ze over de opstelling van het kabinet tijdens de de Irak-crisis. Een aantal Nederlandse hoogleraren volkenrecht kwam in het voorjaar van 2003 op eigen titel tot de conclusie dat de aanval van de Amerikanen en Britten in strijd met het volkenrecht was.

De AIV en CAVV sluiten overigens niet uit dat het gebruik van geweld in uitzonderlijke gevallen van ,,plotselinge overweldigende dreiging'' met inachtneming van proportionaliteit bij wijze van zelfverdediging geoorloofd kan zijn. Het verdient naar hun mening echter geen aanbeveling voor het kabinet om voor zulke eventualiteiten alvast een speciaal toetsingskader op te stellen. Ook in een dergelijke noodsituatie zou het kabinet er alles aan moeten blijven doen om een consensus binnen de organen van de VN te vinden.