Geheim overleg met aannemers HSL

De overheid heeft in het najaar van 1999 in het geheim informeel onderhandeld met alle aannemers over de aanleg van de HSL-Zuid. Op dat moment was de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) al ingeschakeld wegens het vermoeden van verboden prijsafspraken tussen de consortia. De NMa had op dat moment echter ,,geen capaciteit en deskundigheid'' om de zaak te onderzoeken.

Dat bleek vandaag bij de verhoren van de tijdelijke commissie infrastructuurprojecten, de commissie-Duivesteijn. Die commissie doet onderzoek naar de kostenoverschrijdingen bij en de besluitvorming over de Betuweroute en de hogesnelheidslijn (HSL-Zuid).

Vanmorgen hoorde de commissie de voormalig directeur uitvoering HSL-Zuid, de heer J. Konter. Volgens Konter waren het ,,onderhandelingen, die geen onderhandelingen waren''. Hij bevestigde dat de gang van zaken ,,het ultieme vooroverleg'' was, waarbij aannemers én overheid betrokken waren. Konter: ,,Maar het was de enige manier om eruit te komen. Hij omschreef de marktwerking bij de aanbesteding als ,,zeer teleurstellend''.

Volgens Konter is meerdere malen het signaal gegeven dat er waarschijnlijk sprake was van vooroverleg tussen de aannemers. Daar werd niets mee gedaan, en de HSL-directie stond met de rug tegen de muur.

Eind 1999 was er volgens Konter sprake van een patstelling, omdat de zogenoemde onderbouw van de HSL-Zuid volgens de overheid voor 3,9 miljard gulden (1,8 miljard euro) zou moeten worden aangelegd, terwijl de aannemers uitkwamen op 5,7 miljard gulden (2,6 miljard euro). De Raad van Arbitrage in de bouw zou nog een uitspraak doen over deze patstelling.

De aannemers verlaagden vervolgens hun bod tot 4,7 miljard gulden (2,1 miljard euro), maar dat vond de overheid nog te hoog. De aannemers stelden daarop in december 1999 een mediator in, die met alle consortia overlegde en vervolgens een bod van 4,1 miljard (1,9 miljard euro) neerlegde.

Toen in januari 2000 de arbitrage-uitspraak kwam dat er officieel onderhandeld moest worden, leek de overheid uit te kunnen gaan van een prijs van 4,1 miljard gulden. De officiële onderhandelingen verliepen vervolgens ,,moeizaam'', zei Konter. Er werd een nieuw eisenpakket opgesteld, waarbij een aanpassing van de betalingsregeling werd opgesteld en het risico voor overschrijdingen meer dan in de oorspronkelijke aanbesteding bij de overheid kwam te liggen. Dit leidde uiteindelijk halverwege 2000 tot het tekenen van vijf contracten met een waarde van 4,3 miljard gulden, ,,op dat moment het best haalbare'', aldus Konter.

Vorige week bleek dat de NMa na een jaar onderzoek grote fraude met de Betuwelijn en de HSL heeft vastgesteld, de omvangrijkste bouwfraude die NMa sinds haar oprichting ontdekt heeft ontdekt.