Curaçaose DCA in financiële chaos

De Curaçaose stichting overheidsaccountantsbureau (SOAB) heeft een chaos aangetroffen in de financiële administratie van het noodlijdende Curaçaose luchtvaartbedrijf DCA.

De Curaçaose eilandsraad (gemeenteraad) moet morgen beslissen of hij zijn fiat geeft aan een injectie van 12 miljoen Antilliaanse gulden (ruim 6 miljoen euro) aan DCA, in afwachting van een doorstart van het bedrijf in een geprivatiseerde dochter. De raad was hiertoe in beginsel bereid, tot het rapport van de SOAB bekend werd.

De SOAB constateerde onder meer dat de door de directie geleverde jaarcijfers niet aansluiten op de financiële administratie, dat de administratie over 2004 niet is bijgewerkt, dat loonbelasting en sociale premies voor een kleine 7 miljoen euro zijn niet afgedragen. Ook is het bedrag aan openstaande schulden onduidelijk, maar dat varieert tussen de 20 en 50 miljoen euro, en is op naam van de nog niet operationele Curaçao Airlines in maart 2004 een lening van 1,5 miljoen euro aangegaan die door zusterbedrijf DCA al is opgemaakt.

De financiële injectie van de raad is vooral nodig om de komende drie maanden de verbindingen tussen de Antilliaanse Boven- en Benedenwindse Eilanden te garanderen. De oplossing leek daarvoor gevonden: een andere DC Holding-dochter, Curaçao Airlines, zou de operaties kunnen overnemen, mits de crediteuren van de voorgangers, de failliete ALM en de noodlijdende DCA, niet zouden kunnen komen aan kapitaalsinjecties in Curaçao Airlines. Dit alles in afwachting van een private partner die het merendeel van de aandelen in Curaçao Airlines zou willen overnemen.

DCA werd in 2000 opgericht als een doorstartmaatschappij van de in staat van faillissement verkerende Air ALM en onderhield sindsdien de verbindingen tussen de Antilliaanse eilanden. Ook vloog DCA op de route Amsterdam-Willemstad. In juli dit jaar liep de DCA vast toen de door haar van verschillende maatschappijen geleasde toestellen wegens motorpech aan de grond kwamen te staan. Duizenden passagiers strandden. De aandeelhouder, het eilandgebied Curaçao, stelde 3,5 miljoen euro beschikbaar om de gestrande passagiers naar huis te brengen.