Piep- en kraakmuziek

Welke demonen hebben bezit genomen van Keiji Haino? Het ongrijpbare en immer in het zwart geklede Japanse fenomeen, eerder in actie op zulke uiteenlopende instrumenten als gitaar, draailier en slagwerk, kiest op het festival The Night of the Unexpected elektronica als uitdrukkingsmiddel.

In een van de zalen in het Amsterdamse Paradiso programmeert Haino de drumcomputer met woeste patronen die over het publiek uitgestort worden als een lawine. Dan beweegt hij zijn handen boven twee elektronische gevallen die zich gedragen als een theremin, met ruwe, priemende en schurende geluiden als trommelvliessplitsend resultaat.

Elektronische muziek volgens Haino is al net zo dwingend, overdonderend en intens als zijn overige werk. Maar het meest indringend wordt het als hij de microfoon pakt en met zijn hoge stem werkelijk angstaanjagend tekeergaat. Wat een contrast met het al even Japanse meisjesduo Cosmos, dat met een oververfijnde en extreem verstilde mix van sinustonen (de `no input'-sampler van Sachiko M) en piepkleine, abstracte keelgeluiden (de frêle vocaliste Ami Yoshida) een ongrijpbare spanning opbouwt. Het is de ultieme piep- en kraakmuziek, waarbij de kraakgeluiden van het parket in de kleine zaal komen.

Het programma, georganiseerd met STEIM en Gaudeamus, beweegt zich tussen hedendaags gecomponeerd, improvisatie en elektronica. Die brede opzet betekent wel dat bijvoorbeeld intieme klanken van Cosmos hinderlijk worden overstemd door de strenge klankblokken van Louis Andriessens Workers Union, uitgevoerd door De Volharding, met gemanipuleerde videoprojecties in de grote zaal.

Uiterlijk vertoon is opvallend aanwezig in het festival. Edwin van der Heide laat laserstralen reageren op donkere kliktonen, waarbij stof en rook decoratieve vormen aannamen.

De Franse draaitafelmanipulator Erik M beweegt zich als een dansende sjamaan achter zijn platenspelers, waaraan hij woeste, expressieve klankenreeksen ontlokt. Thomas Brinkmann gaat een stuk cerebraler te werk. Laptop-elektronica heeft zelden zo speels en dwars geklonken als bij het bijna cartooneske trio Dat Politics.

Bij twee Studies For Player Piano van Conlon Nancarrow, volstrekt onspeelbaar voor een pianist van vlees en bloed, is het alsof deze klanken vanuit een andere werkelijkheid op de als door tien onzichtbare handen aangeslagen toetsen van een pianola neerdalen.

Vergezeld door zachte, welluidende elektronische klanken leest schrijver en muzikant David Toop voor uit zijn nieuwe boek Haunted Weather. Muziek is een proces, zegt hij. `Noise' is niets vrijblijvends, maar iets wat zich altijd en overal om je heen afspeelt, wat je niet alleen met je oren maar met je hele lichaam waarneemt.

Toop brengt zijn ideeën direct in praktijk in een intiem duet met diezelfde ongenaakbare Keiji Haino, die deze keer bijzonder poëtische riedels uit zijn gitaar tokkelt.

Festival: The Night of the Unexpected. Gehoord: 9/9, Paradiso Amsterdam.

    • Jacob Haagsma