Inhoud Genesis is deels intact

De inhoud van Genesis, de ruimtesonde die woensdag in de Amerikaanse staat Utah te pletter sloeg bij terugkeer op de aarde, is toch deels bewaard gebleven. Dat heeft de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA gisteravond gezegd.

Uit een eerste onderzoek is gebleken dat twee van de vier zonnestofplaten van de sonde zo goed als intact zijn. Zij hadden sinds de lancering in augustus 2001 materiaal verzameld uit de zonnewind: een stroom van geladen deeltjes uit de zon die door het zonnestelsel heen zwerft. De gegevens en de substantie kunnen volgens wetenschappers de samenstelling van de zon onthullen.

Het verongelukken van de Genesis is waarschijnlijk veroorzaakt door een defecte batterij. De ruimtecapsule had tot doel kleine explosieven te ontsteken waardoor parachutes naar buiten zouden worden gestoten. Deze parachutes moesten de snelheid van de vallende capsule dermate afremmen dat per helikopter de Genesis in volle vaart uit de lucht kon worden geplukt. Het zou fraai stuntwerk hebben opgeleverd. De NASA had voor de operatie luchtmachtpiloten en stuntvliegers ingehuurd, die voor Hollywoodfilms hebben gewerkt en uitgebreid konden oefenen met dummy-capsules die werden gedropt. Maar in plaats daarvan sloeg de capsule, zo groot als een tractorwiel en 200 kilo zwaar, met een vaart van ruim 300 kilometer per uur te pletter in de woestijn.

Na het uitgraven van de Genesis en het verwijderen van vuil spraken NASA-wetenschappers de verwachting uit dat de wrakstukken alsnog bruikbare gegevens zouden prijsgeven. Eerder was altijd benadrukt dat contact met de aarde de breekbare plaatjes waarin het zonnestof tijdens de twee jaar durende missie was verzameld te zeer zou vervuilen om nog nuttig te zijn. Inmiddels is gebleken dat de cilinder met zonnestofplaten is verbrijzeld. Geluk bij een ongeluk, aldus Gemini-wetenschapper David Linstrom, is dat er geen water bij gekomen is. De Genesis-missie kostte 260 miljoen dollar.