Ecofin moet Europese banksector met rust laten

De ministers van Financiën van de Europese Unie luiden het nieuwe politieke seizoen in met een poging Europese banken tot fusies aan te zetten. Dat is een teken dat hun aandacht verschuift van het bevorderen van de stabiliteit – die min of meer is verwezenlijkt – naar het stimuleren van de groei. Maar dat laatste zal meer inspanningen vergen.

De afgelopen twee jaar heeft de op het bereiken van stabiliteit gerichte kant van het Stabiliteits- en Groeipact de agenda van de Ecofin, de raad van Europese ministers van Financiën, gedomineerd. Maar de ministers vinden de begrotingstekorten nu stabiel genoeg.

Daarom concentreren zij zich op dát deel van de agenda dat beoogt de groei te stimuleren. Zij hebben de topmanagers van drie grote Europese banken, waaronder topman Rijkman Groenink van ABN Amro, uitgenodigd om hen op het spoor te zetten van groei-bevorderende en grens-overschrijdende fusies.

De redenen voor de heroriëntatie zijn goed te begrijpen. Europa kent de laatste tijd immers veel minder groei dan stabiliteit. Er is heel weinig vooruitgang geboekt bij de tenuitvoerlegging van de in 2000 overeengekomen Lissabon-agenda, die van de Europese Unie,,de meest dynamische en concurrerende economie ter wereld'' wilde maken.

Maar zijn banken een goed begin als je op zoek wilt gaan naar groei? Waarschijnlijk niet. De ministers denken wellicht dat grotere, heel Europa bestrijkende banken beter in staat zullen zijn om pan-Europese bedrijven te bedienen, of dat die zich in de wereldwijde concurrentieslag beter kunnen meten met de Amerikaanse giganten.

Maar de Europese economie is grotendeels gebaseerd op kleine ondernemingen en lokale overheden. In dergelijke omstandigheden bieden grote, transnationale banken weinig voordelen. En rommelige fusies met geringe synergie-effecten zullen de groei eerder vertragen dan versnellen.

Wat moeten de ministers van Financiën dan doen? Om te beginnen moeten ze de grenzen van de Europese groei erkennen. De bevolking van het continent neemt langzaam toe en veroudert snel. Door deze demografische stagnatie vermindert de behoefte aan en het enthousiasme voor een dynamische economie. Dat gaat goed samen met de Europese voorkeur voor meer vrije tijd boven hogere consumptie.

Maar de Europeanen willen wel rijker worden. Daarbij kan Ecofin op diverse manier helpen. De ministers van Financiën kunnen hun regeringen adviseren de pensioengerechtigde leeftijd te verhogen, zodat de demografische druk op de oudedagsvoorzieningen afneemt. Ze kunnen pleiten voor ruimere en duurzamere investeringen in infrastructuur en onderwijs. Ze kunnen er bij de nieuwe EU-lidstaten op aandringen de beste zakelijke praktijk van de oude lidstaten over te nemen.

En ze moeten ervan afzien zich met specifieke sectoren te bemoeien. Dat betekent dat ze ook niet al te hard hun best moeten doen om het ontstaan van grote, transnationale Europese banken te bevorderen.

    • Edward Hadas