Bush niet schadevrij in winstweek

Ondanks de ogenschijnlijke winst voor president Bush, is de strijd niet beslist.

Maar Kerry heeft zijn toon nog steeds niet gevonden. De stemming onder de Democraten is teneergeslagen. ,,De aandacht moet op Bush.''

De winnende trend voor George W. Bush zette zich deze week voort. Maar schadevrij kwam de president zijn eerste post-conventie week op campagnepad niet door. Zijn eigen vice-president en de eeuwige vragen over zijn militaire dienstplicht leidden de aandacht af.

Voor de Democratische uitdager John Kerry zijn de kansen niet gekeerd, maar zijn duikvlucht in de peilingen lijkt voorlopig af te vlakken. In de maand augustus en tijdens de Republikeinse conventie in New York, vorige week, verloor Kerry niet alleen vijf tot tien procent in de regelrechte confrontatie met president Bush. De Democraat verloor aanzien als man die de VS beste in de `oorlog tegen het terrorisme' of op de weg naar economisch herstel kan leiden.

Aangezien Amerikaanse presidentsverkiezingen worden beslist door de stemmen van de leden van het Electoral College, die per staat worden aangewezen door de kiezers op 2 november, is de enige vraag die telt wie de meerderheid in dat college van kiesmannen krijgt. Volgens de allerlaatste opiniepeilingen in de afzonderlijke Amerikaanse staten, zou George W. Bush op dit moment 254 kiesmannen krijgen, tegen John Kerry 252 (zie de website electoral-vote.com).

Op grond van deze optelsom van alle regionale peilingen heeft Bush een lichte voorsprong op Kerry, die valt binnen de foutenmarge van de enquêtes waarop de telling is gebaseerd. Landelijke opiniepeilingen, die dus geen rekening houden met het Electoral College, geven Bush een ruimere voorsprong. Voor Kerry is het meest zorgelijk dat zijn pluspunten (betrouwbaarheid, betere plannen voor sociaal en economisch beleid) minder worden gewaardeerd dan in voorgaande maanden.

De peilingen duiden erop dat het de Republikeinse campagne is gelukt het debat te concentreren op het gevaar van terrorisme, en het besluitvaardige karakter van de president. Daarbij blijven vragen over de ontkrachte bewijslast voor de beslissing tot oorlog tegen Irak en de tegenvallende resultaten van de pacificatie van het land na afloop van de officiële militaire operaties buiten schot.

Kerry heeft geen verandering kunnen brengen in die focus op karakter in plaats van prestaties. Iedere keer dat de Democraat wordt gevraagd of hij vóór de oorlog zou hebben gestemd als hij had geweten wat hij nu weet, geeft hij een antwoord dat voldoende ingewikkeld is om president Bush in staat te stellen om te zeggen: senator Kerry heeft weer een nieuw standpunt over Irak. Dat ondermijnt Kerry's geloofwaardigheid.

Kiezers die zichzelf als `onafhankelijk' typeren zijn in grote getalen van een neiging Kerry te stemmen overgestapt op een `waarschijnlijk Bush'-stem. Het zelfde geldt voor aarzelende Democraten, terwijl Bush nu kan rekenen op 90 procent van de Republikeinen.

De stemming in kamp-Kerry blijft volgens insiders betrekkelijk terneergeslagen. Hoewel enkele zwaargewichten zijn aangetrokken om de kandidaat op zijn dagelijkse tochten door het land van advies te dienen, blijven de berichten wijzen op een gebrek aan helderheid bij het formuleren van de boodschap. Vooral het Irak-standpunt mist helderheid als alternatief van het regeringsbeleid.

De Democratische presidentskandidaat heeft kennelijk geluisterd naar het advies dat Bill Clinton vorig weekeinde van zijn ziekenhuisbed gaf: val Bush aan op zijn binnenlandse beleid. Kerry greep het nieuws aan dat de Medicare-premies met 17 procent omhoog gaan. Hij verweet president Bush dat hij een wettelijk verbod op het dragen van zware wapens willens en wetens liet vervallen (om de wapenlobby te plezieren), terwijl hij ook zei dat hij een eventueel wetsontwerp ter verlenging van het verbod zou tekenen (om de bezorgden gerust te stellen).

De voorzichtige John Kerry durfde geen gebruik te maken van nieuwe aanwijzingen dat George W. Bush als jong luitenant bij de Texas National Guard een dienstbevel om een medisch onderzoek zou hebben genegeerd. Twee memo's, die volgens CBS tv afkomstig waren van de overste Killian, Bush' commandant in '72 en '73, gaven nieuw voedsel aan de indruk dat Bush op non-actief was gesteld wegens langdurig, herhaald verzuim.

Terwijl van verschillende zijden vragen worden gesteld over de authenticiteit van de memo's (het lettertype zou niet op de tikmachiens van toen voorkomen), houdt Dan Rather, sterpresentator van CBS vol dat het verhaal klopt. Noch het Witte Huis noch de Kerry-campagne wagen zich voorlopig aan de affaire.

Kerry heeft ook geen munitie ontleend aan hoorzittingen deze week in de Senaat. De commissie defensie hoorde verschillende hoge militairen over interne onderzoeken van het Pentagon naar de toedracht van het misbruik van gevangen, eind vorig jaar, in de Abu Ghraib-gevangenis in Bagdad. Die blijven bij de stelling dat sprake was van wangedrag van lage militairen ter plekke, zonder de verantwoordelijkheid bij hogere militairen of de politieke leiding van het Pentagon te zoeken.

Die kwestie kan volgende week wel in de campagne een rol spelen als een nieuw boek uitkomt van de journalist Seymour Hersh, die eerder onthullende stukken in The New Yorker over Abu Ghraib schreef. In zijn nieuwe boek Chain of Command zou hij de lijn van de wandaden in de gevangenis doortrekken naar de hoogste verantwoordelijken.

Voorlopig zijn de meeste waarnemers van het verkiezingsproces in de VS het erover eens dat Kerry niet kan winnen zolang hijzelf het onderwerp van debat blijft. ,,Als het Kerry daarentegen lukt de volle aandacht terug te brengen op Bush en wat hij ervan heeft gemaakt'', aldus de hoog aangeslagen verkiezingsanalist Norm Ornstein (AEI), ,,dan heeft Bush nog een heel gevecht voor de boeg''.