Brugklas

Mickey Hoyle (17) begint aan zijn laatste jaar op de middelbare school. Maar liever speelde hij verstoppertje met de brugklassers. De jongerencolumn van Spunk.

Ik kan me de eerste dag als brugklasser nog perfect herinneren. Ik droeg een te strakke spijkerbroek, een gebreide trui en had nog nooit van het woord kapsel gehoord. Ik had een bos bruin haar die 's ochtends, als ik mijn bed uitkwam, alle kanten op stond. Vervolgens haalde ik er snel een kam doorheen, waardoor mijn haar plat en stijl op mijn hoofd lag.

De school was groot en ik was klein. Ik was niks, kende nog niemand en durfde niet voor mijn rechten op te komen. Ik keek naar de zesdeklassers en had respect. In mijn ogen waren het praktisch bejaarde mensen die aan het eind van hun leven waren. Ze hadden ervaring en wisten alles over het leven en keken vooral neer op mensen zoals ik. Als ik tussen de uren door in het overvolle trappenhuis mijn weg zocht, dan werd ik dikwijls opzij geduwd door een haastige zesdeklasser die vast op weg was naar iets heel belangrijks, het enige waar zij nog tijd voor hadden.

In de gangen van de school speelde ik onbeschaamd Magic en op het schoolplein rende ik nog achter mijn vriendjes aan als een van hen mijn rugzak weer had gejat. Ik durfde dat destijds allemaal nog. Hoe graag zou ik nog in de pauze met een groepje vrienden bij een boom verzamelen om vervolgens verstoppertje te gaan spelen. Maar het kan niet meer. Er wordt van mij verwacht dat ik volwassen ben, een rolmodel voor de kleine eersteklasser die over zes jaar ook eindexamen moet gaan doen. Bovendien betwijfel ik of mijn vrienden er iets voor voelen om tussen de middag een kwartier lang achter een vuilnisbak te wachten tot ik ze heb gevonden.

Zesdeklassers mogen het niet meer. We moeten rustig zijn, neerkijken, respect afdwingen en oud lijken. We moeten helpen de school op de kaart te brengen door middel van culturele activiteiten, vrijwilligerswerk in de kantine en hulplessen aan brugklassers. En dan besef je hoe snel het allemaal is gegaan. Dat je gedurende zes jaar in een korset bent geperst en bent geschapen naar de eisen van de samenleving. En natuurlijk kun je het ontkennen. Je kunt rebels zijn en meelopen in demonstraties, de school bekladden en wat nog meer, maar stiekem wrijven de leraren in hun handen omdat ze zien dat je een eigen mening hebt gekregen en dus eindelijk klaar bent voor de maatschappij. Want dat is wat een school is, een plek waar je wordt klaargestoomd om de wijde wereld in te gaan en je boterham te verdienen.

Nu is het ook voor mij zover. Ik ben toe aan mijn laatste jaar en kan niks anders dan terugkijken op zes jaar die voorbij zijn gegaan als waren het minuten. Ik moet eindexamen gaan doen en daarna studeren, ondertussen in een toneelstuk spelen en muziek maken, veel geld verdienen met bijbaantjes en ook nog sporten om mijn lichaam goed te houden. Alles wat volwassenen ook doen en dat maakt me bang. Want ik wil het niet, ik ben er misschien wel klaar voor en doe het allemaal ook wel, maar diep van binnen voel ik me nog te jong en wil ik deze veilige baarmoeder waar ik me nu in bevind, waar alles voor je wordt geregeld en je eigenlijk nog niks zelf hoeft te doen, nog lang niet uit. Ik wil me nog eventjes kind voelen, laat het neerkijken op de brugklassers maar zitten, ik hoef geen respect. Zodra ik op school kom, daag ik de eerste de beste brugklasser uit voor een potje verstoppertje. Maar dan wel om geld, want zo doen grote mensen dat.