Elma van Haren

Eind dit jaar wordt de verkiezing van een nieuwe Dichter des Vaderlands georganiseerd. Het Cultureel Supplement publiceert wekelijks een gedicht om de gedachten te bepalen.

HET GEDESTILLEERDE

Het zong rond na een lange nacht vol chemische ketelarij.

Wakker als ijs schever dan schots

tuimelvlakte van waakzaamheid,

alert tot in alle puntjes van mijn extremiteiten,

wreef ik 's ochtends nog de netels dieper mijn ogen in

en riep ik om do-dof-dovenetels,

iets homeopathisch dan maar godbetert

en stond ik

hink-stap-paardebloemensprong

in de tuin voor de blinden.

Tastzin & Speurwerk.

Geur en fluweelblad pluimbloem vetplant cactus.

Wie zich blind aan doorns prikt, krijgt een scherper

beeld van pijn dan een ziende.

Dus sloot ik mijn ogen

(eindelijk iets zinvols om in het donker te doen)

en struikelde, proefde zand.

Het zoemde er prikte,

een luide krak bij mijn oor

en open van schrik stond ik oog

in oog met de korenwolf.

...Zag zonnebloemen aan stokken vastgezet,

maar de stokrozen los en scheef, bijna om.

...Zag het hooi achteloos verspreid in de wei

zoals de wolken slordig door de lucht.

...Zag het haastblauwvanopluchting groene...

Ook een blinde kent veel namen voor groen.

Maar welk groen moet ik noemen om

de lente te laten plaatsvinden;

eerst in mijn ogen voor mezelf,

dan in mijn handpalmen

voor jóu.

Uit: Elma van Haren, Eskimoteren (uitg. De Harmonie, 2000)

Elma van Haren (1954) is behalve dichter ook beeldend kunstenaar; haar poëzie wordt gekenmerkt door dwarse symbooltaal, en doet mystiek en magisch aan doordat – zoals ze in een van haar gedichten schrijft – `ik eerder spreekbeeld / dan aan beeldspraak doe.' Van Haren debuteerde in 1988 met Een reis naar welkom geheten, dat bekroond werd met de C.Buddingh'-prijs voor nieuwe Nederlandse poëzie. Sindsdien publiceerde ze zes bundels, waarvan `Het Krakkemik' de recentste is. Meer informatie op www.kb.nl/dichters