De Globe, bekend van de stoeprand

De grootste ijzergieterij van Nederland, De Globe, kwam eerder dit jaar in Finse handen. Na jaren van problemen kan De Globe reorganiseren en investeren in modernisering van het bedrijf. Er wordt zelfs weer gedacht aan winst.

Wie wel eens een stoeprand bekijkt, kent De Globe waarschijnlijk wel. Op veel putdeksels in Nederland staat nog altijd de naam van de al meer dan twintig jaar geleden gesloten ijzergieterij uit het Limburgse Tegelen. ,,Die dingen zijn onverwoestbaar'', zegt directeur Wim Schut van Globe Foundries, zoals het bedrijf tegenwoordig heet. ,,Wij hebben daardoor een grote naamsbekendheid onder mensen die met gebogen hoofd door het leven gaan.''

De ijzeren gietstukken die De Globe tegenwoordig in gieterijen in Hoensbroek, Weert en Belfeld produceert, zijn minder opvallend. De onderdelen zitten onder meer in de vrachtwagens van DAF en de grondverzet- en wegenbouwmachines van Caterpillar. ,,Met eenvoudig gietwerk zoals putdeksels zijn we lang geleden gestopt. We hebben ons gespecialiseerd in complexere gietstukken'', zegt Schut. De Globe maakt die door in een grote oven schroot te smelten en het vloeibare metaal in gietvormen van zand te gieten.

De markt voor ijzergietwerk is geen gemakkelijke. ,,De markt voor gietstukken groeit al enkele jaren niet meer. Daardoor is er in de markt overcapaciteit ontstaan, die heeft geleid tot druk op de prijzen.'' De productie is grootschalig en daardoor kapitaalintensief. De vaste kosten van het productieapparaat vormen een aanzienlijk deel van de kostpijs en om die per eenheid product zo laag mogelijk te houden, is bezetting van de productiecapaciteit van belang. De vraag naar gietstukken schommelt echter en daardoor zijn er perioden dat een deel van de productiecapaciteit stilstaat, terwijl de kosten doorlopen. Het gevolg is dat de winst wegsmelt.

Dat gebeurde bijvoorbeeld na de aanslagen van 11 september 2001. ,,Toen zakte de markt in korte tijd met 30 procent in.'' De Globe reageerde daarop door het personeelsbestand terug te brengen van 800 naar 600 mensen, maar slaagde er ook daarna niet in de resultaten op een behoorlijk niveau te krijgen. ,,Wij waren door fusies en overnames in de Europese gieterijmarkt een relatief kleine speler geworden en we beschikten niet over voldoende middelen om te investeren in reorganisaties of modernisering van het productieapparaat.''

De Globe had behoefte aan meer armslag, maar de toenmalige aandeelhouders, de Limburgse Industriebank LIOF en investeringsmaatschappij NIB Capital, die in 1998 de aandelen overnamen van het toenmalige Hoogovens, waren niet bereid om nog grote investeringen te doen. ,,Bij NIB Capital stonden we al enige tijd op de lijst om verkocht te worden en onze huisbankiers wilden pas nieuwe leningen verstrekken zodra er zicht was op substantiële verbetering van onze positie.''

En dus ging De Globe op zoek naar een partner. Die werd snel gevonden: het Finse beursgenoteerde gieterijconcern Componenta, in omzet ongeveer drie keer zo groot als De Globe, was actief in dezelfde markten als De Globe en sloot ook geografisch goed op De Globe aan. De Finnen hebben een sterke positie in Scandinavië en Duitsland, De Globe is vooral actief in Duitsland, de Benelux en Frankrijk. Twee jaar geleden bereikte De Globe al overeenstemming met Componenta over een overname, maar zo kort na het inzakken van de markt bleek de waarde van De Globe moeilijk te bepalen. Componenta en de aandeelhouders van De Globe konden het niet eens worden over de verkoopprijs en de onderhandelingen mislukten. ,,Achteraf kun je zeggen dat de marktsituatie op dat moment te onzeker was om zo'n grote stap te zetten'', zegt Schut.

In maart dit jaar – de gieterijmarkt was inmiddels weer aangetrokken – werden de partijen het alsnog eens. Voor 3,6 miljoen euro verwierf Componenta een meerderheidsbelang van 55 procent. NIB Capital stapte uit de gieterij en Industriebank LIOF bracht zijn belang terug tot 45 procent. Onderdeel van de overeenkomst is dat Componenta, LIOF en enkele banken samen 12 miljoen euro investeren in De Globe. Daarvan wordt een van de drie gieterijen – die in Belfeld – verplaatst naar Hoensbroek, waar de productie wordt gemoderniseerd en uitgebreid. Dat levert een kostenbesparing op van 4 miljoen euro per jaar. ,,Aanvankelijk zou de sluiting van Belfeld 50 banen kosten, maar doordat de vraag naar gietstukken flink is gestegen, hebben we juist 100 mensen extra kunnen aannemen.'' Er werken nu weer zo'n 700 mensen bij De Globe.

In de eerste helft van dit jaar steeg de omzet met 26 procent tot 53 miljoen euro. De Globe was daarmee goed voor eenderde van de omzet van Componenta. De stijging was deels het gevolg van hogere volumes en deels het gevolg van hogere schrootprijzen, die doorberekend konden worden aan afnemers. De Globe leed in het eerste halfjaar nog 100.000 euro verlies, tegen 1,4 miljoen euro in dezelfde periode vorig jaar. In het tweede halfjaar verwacht De Globe weer winstgevend te zijn. ,,We hebben de productie in het eerste halfjaar flink uitgebreid en dat bracht eenmalige aanloopkosten met zich mee. Maar in het tweede halfjaar kunnen we beginnen met oogsten.''

Volgens bestuursvoorzitter Heikki Lehtonen van Componenta, die persoonlijk 39 procent van de aandelen bezit, heeft het bedrijf zijn positie op gieterijmarkt met de aankoop van De Globe flink versterkt. ,,We waren allebei middenmoters, maar nu zitten we in de topvijf van Europese gieterijen. In ons eigen marktsegment zijn we zelfs de grootste, want de nummers 1, 2 en 3 maken vooral auto-onderdelen.'' Die markt bedienen De Globe en Componenta niet. ,,Als je voor de auto-industrie produceert, kom je al gauw aan seriegroottes van een paar miljoen. Wij doen alleen kleine en middelgrote series van 1.000 tot 10.000 stuks. Wij zitten meer in de nicheproducten dan in de massaproductie.''

Lehtonen wil de activiteiten van De Globe uitbreiden. ,,De Globe kan meer waarde toevoegen aan zijn producten door die behalve te gieten ook verder te bewerken.'' Componenta zelf haalt een belangrijk deel van de omzet uit de nabewerking van gietstukken, zoals het boren van gaatjes en het aanbrengen van andere onderdelen. ,,We nemen op die manier een deel van het assemblagewerk van klanten uit handen. Zo kunnen we aan dezelfde klant meer verdienen.''

    • Jochen van Barschot