Betsy!

Beste Betsy Udink,

Daar keek ik even van op! Opeens trof ik gisteren van jouw hand een groot artikel op de opiniepagina van deze krant aan, waarin je mij, Anil Ramdas en Francisco van Jole verwijt ,,geborneerde en paternalistische mannen'' te zijn ,,die niet in staat zijn de zaak waarvoor Ayaan Hirsi Ali vecht in perspectief te zien''.

Even moest ik terugdenken aan de tijd waarin je mij vaak om advies vroeg om je zo moeizaam verlopende, journalistieke carrière uit het slop te halen. Was dat, achteraf bezien, niet een al te paternalistische situatie die je beter had kunnen vermijden?

Ik reageer op je artikel omdat het zo kwaadwillend was, kwaadwillender dan welke reactie ook die ik op mijn stukje over het filmpje Submission van Hirsi Ali en Theo van Gogh heb gekregen. Wat doe jij immers? Eerst verketter je drie mannen, en vervolgens weid je uit over gruwelijke moslimpraktijken in Pakistan. De suggestie is duidelijk: die drie afschuwelijke kerels houden zich doof en blind voor dergelijke praktijken.

Beetje demagogisch, vind je ook niet? Kun je dit met enig citaat van mijn hand staven? Je kwaadwilligheid blijkt ook hieruit dat je verzuimt te vermelden dat ook Wubby Luyendijk (NRC Handelsblad), Anet Bleich (de Volkskrant) en Ebru Umar (op tv) zich zeer kritisch over dat filmpje hebben uitgelaten. Ellin Robles (Het Parool) kritiseerde kort daarvoor heftig Hirsi Ali's boek De zoontjesfabriek. Of zijn dat misschien gewoon maar vier ,,geborneerde en paternalistische'' vrouwen?

Je woont sinds twee jaar in Pakistan, lees ik. Dat verklaart veel. Ik geloof dat ik je even moet bijpraten over de ontwikkelingen in Nederland rond Hirsi Ali en mijn reacties daarop.

Toen Hirsi Ali in 2002 moest onderduiken, schreef ik op deze plek (20 september 2002): ,,Ayaan Hirsi Ali (...) wordt wel een klokkenluider genoemd. Mij doet ze meer denken aan de dissidenten uit de vroegere Sovjet-Unie. Ze ageert niet tegen een min of meer geïsoleerde misstand in een beperkte kring, maar tegen de totalitaire heerschappij van een denkrichting in haar wereld. En dat doet ze met de gietijzeren onverzettelijkheid en de intellectuele wapens die bij de rol van de actieve andersdenkende horen (...) Ook de manier waarop haar tegenstanders haar bestrijden, herinnert aan de kwaadwillige domheid waarmee destijds getracht werd de Mandelstams en Amalriken uit te schakelen.''

Kan mijn perspectief er een beetje mee door, Betsy? Mag ik verdergaan? Er is sindsdien veel gebeurd rond Hirsi Ali. Ik bleef de kern van haar boodschap steunen, maar ik betreurde het dat ze te veel naar rechts radicaliseerde – dat vonden velen in de VVD trouwens ook – en te weinig bruggen sloeg naar de moslima's in Nederland. Dat is voor een belangrijk deel een discussie over strategie, ja, maar waarom zou die niet gevoerd mogen worden?

Hirsi Ali heeft haar rechtse radicalisering onderstreept door Geert Wilders en Theo van Gogh als bondgenoten te kiezen, mannen die gedreven worden door een paranoïde moslimhaat. (Lees de website van Van Gogh maar eens goed, Betsy, en je zult zien wat ik bedoel.) Daarmee ondergraaft Hirsi Ali haar missie. Een brand bestrijd je niet door er pyromanen op af te sturen.

Met collegiale groet,

Frits

    • Frits Abrahams