`Waar leven jullie eigenlijk van?'

Bedrijven staan niet op zichzelf, maar maken deel uit van een economische keten. Zeilschip Zephyr vaart niet uit zonder een verbanddoos van Utermöhlen.

Vertel Jan Kuik niet wat een haven is. Daar ziet hij er genoeg van. Maar het woord `thuishaven' is minder vertrouwd. Sinds 1986 zit hij grote delen van het jaar op het water, tussen de Waddeneilanden, Kiel, Brest, Cherbourg en de Kanaal-eilanden. Zijn schip, de Zephyr, is daarmee zijn huis.

Zo ook deze zondagmiddag. De Zephyr ligt afgemeerd in de Zuiderhaven van Harlingen, Kuik zal het schip alleen even een paar minuten verlaten om te helpen met verhalen, maritieme taal voor verplaatsen in een haven, naar een andere plek. De tientallen Duitsers die de afgelopen dagen meegevaren hebben, staan nog op de kade. Maar Kuik heeft na het handjes schudden geen tijd om nog langer na te praten met de groep die hem de afgelopen dagen zoveel inkomsten heeft verschaft. Niet uit kwaadwillendheid, maar omdat over drie uur de volgende groep alweer klaarstaat. En er moet nog zoveel gebeuren.

De Zephyr – tweemaster, zeiloppervlak 360 vierkante meter, gebouwd in 1931, eerdere namen Bente en Jeko – is Jan Kuiks belangrijkste bezit. Het vormt de kern van de VOF Zephyr Charters die hij en zijn partner Ingrid Opgenoort hebben opgezet en die al negen jaar voor inkomsten zorgt. Nou ja, inkomsten. Opgenoort moet er een beetje om lachen. ,,Als je rijk wilt worden, moet je iets anders gaan doen'', zegt ze. ,,Onze boekhouder vraagt weleens: waar léven jullie eigenlijk van?'' Van het water, antwoordt ze dan. ,,Wij hebben altijd gezegd: dit is een manier van leven voor ons. Zodra het gaat voelen als werk, stoppen we.''

Maar dat wil niet zeggen dat Kuik en Opgenoort nooit rekensommetjes maken. Ze doen niet anders. Negen jaar geleden kochten ze de Zephyr voor 900.000 gulden (409.000 euro), het schip nu aan een ander doorverkopen zou 800.000 euro opleveren. Per jaar nemen ze 1.400 mensen mee aan boord voor dagtochtjes of reizen die oplopen tot dertien dagen. Totale omzet: 135.000 euro. Opgenoort: ,,Wat er aan winst overblijft? Weinig, want we blijven in het schip investeren en zijn nog niet hypotheekvrij.''

In de paar uur die de Zephyr in Harlingen is, zorgt Opgenoort dat het ingekochte proviand voor de komende reis naar Frankrijk aan boord komt. 120 kilo aardappelen, 100 kilo uien, 20 liter fritessaus, 1.440 blikjes frisdrank, talloze knakworstjes, rijst. Wijn en kaas heeft ze niet gekocht, dat kan goedkoper en lekkerder in Frankrijk. In totaal was dit 1.200 euro, uitgegeven bij de Edah. ,,Want we zijn geen restaurant.'' Verder hebben de twee (en hun twee jonge kinderen, die vaak meezeilen) een huis in Franeker – ,,vooral gekocht om de werkplaats die erbij zat''. In de winter klust Kuik bij als monteur op schepen, vandaar. En op de benedenverdieping van het huis hebben ze een etalage gemaakt. Reclame voor bedrijfsuitjes en andere vakanties op de Zephyr.

Een van de grootste kostenposten is De Zeilvaart. Dit boekingskantoor heeft een naam hoog te houden over goede schepen en dito service, zorgt juist daarom voor een flinke toestroom aan gasten, maar dat alles kost de schippers ook wat. 19 procent van elke boeking gaat naar De Zeilvaart. ,,Als zij failliet gaan, gaan wij ook'', zegt Opgenoort. ,,Zo snel kan dat gaan.'' Voor de zekerheid bij een tweede boekingskantoor inschrijven is niet toegestaan.

Kuik en Opgenoort hebben geen reden tot klagen, ze redden het financieel wel. Maar een van de grootste zorgen is wel het aantal bedrijfsuitjes – ,,die team-building-dingetjes'' – dat voor hen het afgelopen jaar met een kwart is teruggelopen, en de teruglopende vakantiemarkt. Gelukkig komt het personeel van een kroeg in Nijmegen nog wel trouw elk jaar, en ook de chauffeurs van vervoersbedrijf Huisman zorgen voor een vast stroompje inkomsten.

Dan is er nog het schip zelf, plus personeel. Het schoonmaken van de negen passagiershutten en wc's, douches, salon en keuken, doen twee scholieren: drie uur schoonmaken voor 22 euro. En een schippersmaat voor diverse klusjes is standaard aan boord: hij verdient 1.049 euro netto per maand. Plus de scheepsbenodigdheden: touw, olie, stootwillen (alles van een bedrijf in Stavoren), gasolie voor de motor (de tankwagen komt als je belt) en verbanddozen van Utermöhlen (Opgenoort: ,,Maar Norit zit er dan weer niet in – da's wel oenig'').

Ondanks al het geregel en de financiële zorgen van een eigen bedrijf hebben Kuik en Opgenoort het toch liever over de leuke kant van het bestaan: zeilen, de vrijheid, iets van de wereld zien, telkens weer nieuwe mensen gelukkig maken. Dan wordt er wat gepraat, leren de gasten elkaar beter kennen, wordt er een biertje gedronken. Afhankelijk van de gasten gaan er per weekend twee tot acht fusten van elk twintig liter doorheen. De Zephyr schonk altijd Grolsch, maar Duitse gasten vonden de smaak te scherp. Dit jaar is Zephyr Charters dus maar overgestapt. Op Alfa Bier.

Zesde en laatste deel in een serie over relaties tussen bedrijven, die begon met bierbrouwerij Alfa. Eerdere afleveringen staan op www.nrc.nl.

    • Freek Staps