Recht op schaal 14, betaald volgens schaal 17

Het ministerie van Onderwijs beloonde topambtenaren te royaal en voldeed niet aan de regels. Van graaien is geen sprake, zegt de minister.

,,Ik doe er alles aan om mogelijke nieuwe misstanden te voorkomen. [...] OCW moet een departement zijn waar de medewerkers trots op kunnen zijn, moet een departement zijn dat zijn energie volledig richt op zijn bestaansgrond: het dienstbaar zijn aan onderwijs, cultuur en wetenschap.''

Aldus besluit minister Van der Hoeven (Onderwijs, CDA) een brief die zij vandaag aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. In de brief doet de minister verslag van de drie onderzoeken naar mogelijke misstanden bij het belonen van topambtenaren van haar departement, en welke maatregelen ze heeft genomen en zal nemen.

Wie die waslijst aan maatregelen tot zich neemt, vraagt zich af of de ambtenaren wel voldoende energie zullen overhouden om zich aan onderwijs, cultuur en wetenschap te wijden. Overal, van declaraties tot detachering, worden de controleprocedures aangescherpt, belooft de minister.

Op 22 mei van dit jaar kregen de fractievoorzitters van PvdA, SP en GroenLinks een brief, ondertekend door `verontruste ambtenaren OCW'. In de brief, voorzien van een aantal voorbeelden, werd de ambtelijke top van OCW beticht van ,,graaien uit de ruif van gemeenschapsgeld''.

De beschuldigingen uit de brief werden gesteund door een eerste rapport van de Algemene Rekenkamer. Daarin werd geconstateerd dat er binnen de ambtelijke top toeslagen en vergoedingen ten onrechte waren toegekend, promoties een wettelijke grondslag misten, en dat er salarissen waren uitbetaald aan al verdwenen medewerkers. De Tweede Kamer, moe van eerdere affaires rondom het departement, eiste opheldering van Van der Hoeven.

De minister gaf opdracht voor drie onderzoeken. De Algemene Rekenkamer keek naar de rechtmatigheid en het beheer van de personele uitgaven voor ambtenaren in schaal 16 en hoger, in de periode 1 januari 2003 tot en met 31 mei 2004. Ploum Lodder Princen, advocaten en notarissen te Rotterdam, bekeken 66 personeelsdossiers van ambtenaren in schaal 16 en hoger, van 1970 tot 1 augustus 2004, met name de laatste tien jaar.

De directie Audit en Toezichtbeleid van het ministerie van Financiën, ten slotte, onderzocht de auditdienst de voormalige accountantsdienst van OCW in de periode 1999-2003, met name de wijze waarop de auditdienst de personele uitgaven voor topambtenaren controleerde.

Dat het om miljoenen gaat, zoals de anonieme briefschrijvers melden, hebben de drie rapporten niet kunnen concluderen. Maar duidelijk wordt wel dat de (top)ambtenaren van OCW de afgelopen jaren veel energie niet aan onderwijs, cultuur of wetenschap hebben besteed. Ze waren vooral druk met uitzoeken hoe hun ,,beloningspakket kon worden geoptimaliseerd'', zoals Ploum Lodder Princen het uitdrukt.

Op basis hiervan concludeert Van der Hoeven nu dat van `graaien uit de ruif van gemeenschapsgelden' geen sprake is. Wel erkent de minister dat ,,in de afgelopen jaren fouten zijn gemaakt bij de aanstelling, bezoldiging en en het ontslag van hogere ambtenaren en dat het financieel beheer van de personele uitgaven aan hogere ambtenaren over de hele linie onvolkomen was''. Ook concludeert ze: ,,Het aantal administratieve fouten en omissies is te hoog gebleken.''

Het rapport van Ploum Lodder Princen geeft tal van voorbeelden van dergelijke `fouten en omissies'. De meeste misstanden betreffen salarissen die hoger uitpakken dan op grond van het personeelsdossier is gerechtvaardigd. Zo is er de ambtenaar die eigenlijk in schaal 14 zit, maar betaald wordt naar schaal 17 op grond van een handgeschreven notitie over een `inpassingsvoorstel'.

Pensioenregelingen lenen zich ook voor creatieve oplossingen, getuige de ambtenaar die over 2,5 jaar recht heeft op vervroegd pensioen en tot die tijd niet langer in functie is, maar wordt ingezet ,,voor diverse taken''.

Financiën concludeert over de auditdienst dat de ex-directeur van die dienst de controle van personele uitgaven niet heeft gesaboteerd, zoals de anomieme briefschrijvers beweerden. Wel had de auditdienst actiever moeten optreden bij geconstateerde misstanden.

Minister Van der Hoeven kan constateren dat er geen fraude is gepleegd op haar departement, maar volgens de Rekenkamer zijn regels en procedures vaak geschonden. Daarmee is er voor de derde keer in een paar jaar tijd de reputatie van OCW geschaad.

Maar anders dan bij de hbo-fraude hogescholen inden tientallen miljoenen te veel aan overheidsgeld en de Jamby-affaire ambtenaren vervalsten rekeningen om een conflict met een internetbedrijf op te lossen zijn de nu geconstateerde misstanden onder het ministerschap van Van der Hoeven gebeurd. De onderzoeken tonen aan dat de beloningspakketten van de topambtenaren juist de laatste twee jaar volop werden ,,geoptimaliseerd''.